Slobeend

Alsof ze zich voor iets bukken, glijden de slobeenden over het water van de Bisonbaai in de Ooijpolder aan de Waal, ten oosten van Nijmegen. Net duikboten die zich nog even aan de wateroppervlakte ophouden. De slobeend (Anas clypeata) is een royaal voorkomende broedvogel van de Friese, Noord- en Zuid-Hollandse wateren. `Onze' broedvogels overwinteren in Zuid-Europa en Noord-Afrika. Het meest opmerkelijk aan deze eend is de spatel- of lepelvormige snavel, waarmee hij het water filtert en zijn gading vindt: plankton, kreeftachtigen, riviervisjes. De eend, zowel mannetje als vrouwtje, houdt tijdens het fourageren de snavel in het water, tamelijk bewegingloos, en zwemt in lange, lusvormige patronen. Het mannetje is onmiskenbaar te determineren aan de kastanjebruine flank die rijkelijk contrasteert met het zuiverste wit van de borst. De kop is glanzend groen. In de vlucht licht de iriserend-blauwe spiegel helder op. Het vrouwtje is grijs-bruin met een vlugge tinteling van datzelfde groen-blauw in de vleugel. De slobeend heeft als nestelplaats een voorkeur voor laaggelegen, vochtige gebieden, zoals grasland en moerassen. Het nest is goed verborgen, bewaakt door het vrouwtje. Het bont getekende mannetje houdt iets verderop de wacht.

Illustratie:

Rein Stuurman (Zien is kennen!)

freriks@nrc.nl