`Met terroristen praat je gewoon niet'

India maakt zich niet alleen zorgen over terreurdreiging vanuit Pakistan maar ook vanuit Bangladesh. Er kan niet hard genoeg worden opgetreden, vindt oud-politiecommissaris K.P.S Gill.

Gepensioneerd politiecommissaris K.P.S. Gill leeft nog steeds, ondanks de acht tot tien aanslagen die er op hem zijn gepleegd.

,,Ik had elke keer geluk. Maar er zijn nog steeds mensen die er moeite mee hebben dat ik leef'', zegt India's bekendste terroristenbestrijder in ruste.

Terroristen, afscheidingsbewegingen? Daar moet je niet mee praten. Die moet je gewoon bestrijden, zegt Gill als binnenkomer. Want de strijd tegen terreur kent geen nuances.

Gill is tegenwoordig president van het Institute for Conflict Management in New Delhi, een denktank gespecialiseerd in terrorisme in Zuid Azië. Hij heeft het druk de laatste tijd. Met het ministerie van Binnenlandse zaken denkt Gill mee over de gespannen en verslechterende situatie in het noordoosten van het land, de regio die grenst aan onder meer Bangladesh. Daar kwamen vorige maand bij terroristische aanslagen tachtig mensen om het leven, militairen maar voornamelijk burgers.

Volgens de regering in New Delhi opereren veel militante, nationalistische groeperingen onbekommerd vanuit Bangladesh. India heeft zijn buurland inmiddels om de uitlevering gevraagd van 126 guerrillastrijders die achter de aanslagen van vorige maand zouden zitten. Deze week heeft de minister van Buitenlandse Zaken van Bangladesh, Morshed Khan, tijdens een bezoek, opnieuw zijn Indiase collega Natwar Singh geprobeerd te overtuigen dat zijn land geen onderdak biedt aan gewelddadige radicalen.

Bij elkaar vijfentwintig jaar werkte Kanwar Pal Singh Gill, zoals zijn naam voluit luidt, in het noordoosten, dat bestaat uit zeven zeer arme deelstaten (onder meer Assam, Manipur en Nagaland). Tientallen militante organisaties en nationalistische splintergroeperingen voeren in die regio, waar ruim dertig miljoen mensen wonen, met regelmaat aanslagen uit. Ze spelen in op de onvrede die heerst onder de bevolking van de deelstaten. Armoede en gewelddadige incidenten waarbij Indiase militaire betrokken zijn, voeden er het ongenoegen over Delhi. De mensen voelen zich in de steek gelaten, de stiefkindjes van India.

Een van de bekendste bewegingen is de United Liberation Front of Asom (UFLA), dat al twee decennia streeft naar een onafhankelijk `socialistisch' Assam. Maar er zijn ook islamitische terreurgroepen actief, zoals de Muslim United Liberation Tigers of Assam (MULTA).

Gill maakt zich zorgen over de toenemende aanslagen. Hij zit op zijn sofa, met aan beide zijden een telefoon. Een derde telefoon wordt nog eens binnengebracht door een bediende. Verscheidene keren zal hij – zonder zich te verontschuldigen – een van de drie telefoons opnemen. Met zijn ruim 1,90 meter, paarskleurige tulband, volle grijze baard met een fantastisch krulsnor is de sikh een imposante verschijning. Zijn huis ligt aan een van de lommerrijke straten in het centrum van Delhi, waar vooral beslissers wonen, politici, rechters en andere belangrijke overheidsdienaars.

Noodgedwongen woont hij in een ommuurde vesting, een oud koloniaal pand met een trits van bijgebouwen en een formidabele tuin – een landgoedje in de grote stad. Een mannetje of zes bewaakt de deur, in legeruniform, het geweer nonchalant bungelend aan de schouder. Bezoekers zijn verplicht onder een poortje door te lopen, dat checkt of zij geen wapens op zak hebben.

Veel islamitische terroristen zijn volgens Gill na de aanslagen in New York, uit Pakistan en Afghanistan richting Bangladesh vertrokken, om uit het oog te blijven van onder meer de Verenigde Staten.

,,De Westerse wereld houdt Pakistan nadrukkelijker in de gaten. Maar ondertussen krijgen die radicalen in Bangladesh nog gewoon hulp van de Pakistaanse geheime dienst, de ISI. En zij trainen ook weer groeperingen als het UFLA die zich tegen de Indiase regering verzetten'', zegt Gill.

Zelf maakt Gill vooral naam eind jaren tachtig en begin jaren negentig als de politiechef die op meedogenloze wijze een einde maakte aan de terroristische activiteiten van sikh-fanatici in de deelstaat Punjab. Zijn harde aanpak destijds is hem niet door iedereen, in het bijzonder een aantal van zijn geloofsgenoten, in dank afgenomen. Nog altijd moet de 69-jarige Gill zich laten begeleiden door twee extra auto's met beveiligingsagenten, overigens ook sikhs, wanneer hij de deur uitgaat.

Bangladesh is in de woorden van de gewezen politiecommissaris een ,,vrijplaats voor terroristen''. Een theorie is volgens hem dat Pakistan en ook Bangladesh, het grote India het liefst zien uit elkaar vallen in ,,duizend stukjes''. ,,Dat kun je bereiken door bijvoorbeeld allerlei afscheidingsbewegingen te steunen'', zegt Gill. ,,Die moet je dus zoveel mogelijk de kop indrukken.''

De Indiase regering overweegt op dit moment serieus een muur te bouwen langs grote delen van de vierduizend kilometer lange grens met Bangladesh. Jaarlijks stromen duizenden Bengalen illegaal de grens over naar India op zoek naar een beter bestaan. De muur moet deze trend tegengaan. In het bijzonder Assam voelt de toestroom van Bengaalse migranten aan den lijve, waar in de grensgebieden moslims tegenwoordig de meerderheid vormen.

,,Dat is een gevaarlijke ontwikkeling. Met deze migratie zijn ook radicale islamitische groeperingen meegekomen. Je hoort nu al Bengaalse politici die reppen over het oprekken van de grenzen, ten koste van India natuurlijk. India kan niet anders dan hier hard tegen optreden.''