Logeren op historische grond

Nederland telt eindeloos veel subsidieregelingen, fondsen en potjes ter ondersteuning van bijzondere projecten. Vandaag: subsidie voor logies in monumentale panden in Groningen.

Waar ooit schapen en koeien stonden, overnachten nu vooral ,,designyuppen''. De schuur- en stalruimten van de monumentale boerderij Rikkerda in het Groningse Lutjegast zijn omgetoverd tot vier zitslaapkamers, die van alle hedendaagse gemakken, zoals een digitale tv met LED-scherm, zijn voorzien. De oude staldeur dient als raam. ,,Je ziet hier nog dat het jongvee aan het hout vrat'', zegt eigenaar Frits Schuitemaker (53), als hij kleine stukjes weggevreten hout aanwijst van het authentieke gebint in de kamer.

Schuitemaker en zijn vrouw wonen sinds 1992 op boerderij Rikkerda. Vier jaar geleden kregen ze het plan om de stal en schuur te verbouwen tot gastenverblijven (vier sterren) voor mensen die de schoonheid en rust van het platteland zoeken in een modern vormgegeven onderkomen. Zijn concept: ,,Het oude instandhouden en het nieuwe toevoegen.'' En dus is in de dwarsschuur de (vernieuwde) rieten kapconstructie van de boerenschuur nog te zien, evenals de door koeienpoten afgesleten stalsteentjes. In de zitwoonkamer, met keukenhoek, krijgen de gasten hun ontbijt geserveerd. De deuren slaan open naar een nog aan te leggen terras en een binnentuin met fruitbomen. ,,Afgelopen week had ik hier een jong stel uit Amsterdam, dat klein behuisd was. Ze vonden dit zo ruim en riant, dat ze al die tijd op de bank krantjes zaten te lezen of in bad gingen.''

Schuitemaker is al 25 jaar actief in de toeristisch-recreatieve sector. Hij was beleidsambtenaar bij verscheidene overheden en begon in 1992 een adviesbureau voor recreatieondernemers. Schuitemaker, die anderen altijd concepten aan de hand deed, wilde nu zelf een formule opzetten. ,,Mensen hebben genoeg van het Center Parcs-idee'', is zijn overtuiging. ,,Ze willen nu kleinschaligheid en verblijven in een karakteristiek en authentiek pand.'' Dat is Rikkerda zeker. De boerderij ligt op de grens van klei en veen, tussen de Waddenkust en de Drents-Friese Wouden. In 1320 wordt Rikkerda al vermeld in de annalen. Op dezelfde plek werd 150 jaar geleden een kop-hals-rompboerderij gebouwd.

Schuitemaker is aangesloten bij de Stichting Erfgoedlogies Nederland, die zes jaar geleden werd opgericht. Dick Postma van de stichting voerde indertijd in opdracht van de provincie Groningen een onderzoek uit naar nieuwe kansen op toeristisch gebied. Daaruit bleek dat de provincie vooral mensen kan trekken die er een paar dagen tussenuit willen en op zoek zijn naar ,,cultuur, natuur en rust''. Het idee ontstond om monumentale en historische panden, zoals oude boerderijen, states, molens, pastorieën, landhuizen en kastelen in stand te houden door ze te verbouwen tot modern gastenverblijf. Zo blijft het cultureel erfgoed bewaard en krijgt de regionale economie bovendien een impuls.

Bij Erfgoed Logies Nederland zijn inmiddels ruim honderd leden aangesloten, waarvan dertig in Groningen. De stichting begeleidt de aanvragen voor subsidies en verzorgt de promotie. De provincie Groningen stelde de afgelopen jaren in totaal 432.000 euro beschikbaar voor de realisatie van tachtig kamers als erfgoedlogies in monumentale panden. ,,Cultuurtoerisme versterkte de regionale economie'', aldus een woordvoerder van de provincie. ,,De subsidieregeling is overigens stopgezet, omdat het aantal van tachtig kamers bijna is gerealiseerd. Dat was het marktpotentieel.''

Schuitemaker investeerde in totaal 400.000 euro. ,,Een hoop geld, maar ik wil topkwaliteit leveren'', vertelt hij. Hij kreeg subsidie van het Europees fonds voor de ontwikkeling van het platteland in de Eems-Dollard Regio, dat wordt gecofinancierd door de provincie Groningen. Schuitemaker: ,,Ik had geluk dat ik een van de acht boerderijen was in het gebied die daarvoor in aanmerking kwamen. Daardoor kreeg ik 20.000 euro subsidie per kamer.'' Omdat Rikkerda een monument is, kon zijn eigenaar bij het Nationaal Restauratiefonds een laagrentende lening afsluiten, die 3 procent onder de marktrente lag. Hij leende ongeveer 75.000 euro tegen 1,5 procent en voert die investeringen voor de restauratie fiscaal op als kosten van het bedrijf. Van het Kompasgeld – gelden van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland, om het noordelijke platteland te ontwikkelen – krijgt hij via een regeling 15 procent van de investeringen van inrichting en aankleding terug. Verder maakt Schuitemaker gebruik van de Energie Investerings Aftrek van het ministerie van VROM. Wie investeert in energiezuinige middelen als dubbel glas of een hoogrendementketel kan de helft daarvan aftrekken. Schuitemaker berekende dat hij bij een bezetting van 33 procent binnen vijf jaar zijn investeringen kan terugverdienen. ,,Het is een stevig risico dat ik neem. Maar ik zie dit project als een missie. Ik wil laten zien dat je niet in elke boerderij een galerie, autosloperij of tapijthandel hoeft te beginnen.''

Dit is een serie over bijzondere fondsen, subsidies en potjes. Volgende week: steun van Shell voor de Voedselbank