Kaler, wijzer en grijzer

Bij de opening van het schaatsseizoen zit Henk Gemser op zijn praatstoel bij de NOS. De commentator heeft drie decennia ervaring als trainer. De 64-jarige Fries is binnenkort bestuurslid topsport van NOC*NSF.

Thialf is het tweede huis van Henk Gemser. Zijn vaste verblijfplaats is Oudehaske, een dorpje onder de rook van Heerenveen. Terwijl de dweilmachines de vloer preparen, praat de schaatscoach tegen Jan en alleman in de kantine van de ijstempel. Intussen ergert hij zich aan de gestegen prijs van de gevulde koeken. ,,Een euro, hoe is het mogelijk? Dat is twee gulden twintig!'' Het is Gemser ten voeten uit: een opgewonden standje met het hart op de goede plaats.

,,Ik was voor de KNSB een wegenwacht, brandweerman en troubleshooter'', weet de man die gedurende drie periodes bondscoach was. ,,Sinds 1969 wisten ze me te vinden. En steeds voelde ik me uitgedaagd. Altijd was er een spanningsveld. Ik ben een mannetje dat moeilijk compromissen sluit. Maar er zit nu meer rek in het elastiek. Ik word kaler en grijzer en misschien ook wel wat wijzer.''

De afgelopen winters was hij commentator bij de NOS. ,,Praatjesmaker'' noemt hij zich in deze gastrol. Zijn taalgebruik is smeuïg en innovatief. `Tussen de oren' en `in gesprek met het ijs' zijn gevleugelde woorden uit de mond van de geboren en getogen Fries. Gemser is opgegroeid in het noordwesten van de provincie, ook wel Het Bildt genoemd, waar twee eeuwen geleden veel mensen uit Noord-Holland neerstreken. Hij noemt het dialect ,,een vette taal met een zware tongval''.

Deze ochtend spreekt hij met omstanders een paar woordjes Fries, al is het maar om de verslaggever onwetend te houden. ,,Maar ik voel me eerder Nederlander dan Fries'', zegt hij in begrijpelijke taal. ,,Wij spraken thuis ook nooit Fries. Met Ids heb ik ook altijd Nederlands gepraat. Ook als we met z'n tweeën waren. We wilden geen afscheidingsbeweging in de kernploeg creëren. Een ander lid mocht zich nooit buitengesloten voelen.''

Ids Postma nam vorige week afscheid van het topschaatsen. Hij gaat zich volledig wijden aan zijn boerenbedrijf in Deersum. Hij nam zijn besluit maandag en informeerde dinsdag als eerste zijn ijsmeester, vertelt Gemser met een trots gezicht. Over de vermeende vader-zoon-relatie tussen rijder en trainer: ,,Ids en ik zijn twee uitersten die tot elkaar veroordeeld waren. Ik reageer primair, hij reageert tertiair. We zijn elkaar trouw gebleven in de kernploeg en hebben het ethische belang boven het commerciële belang laten prevaleren. Verder moet je onze verhouding niet romantiseren. We zien elkaar straks nog één keer per jaar, maar dan hebben we aan twee woorden genoeg om elkaar te begrijpen.''

Dieptepunt in de carrière van Postma was voor Gemser de uitsluiting van deelname aan het WK in 1999. De olympisch en wereldkampioen was een paar weken eerder gevallen op het EK en mocht alleen als reserve naar Hamar. ,,Wij sliepen in Noorwegen op een boerderij in een verlaten oord. Die hospita was een schat van een mens, daar niet van. Ze wilde midden in de nacht nog pannenkoeken voor ons bakken. Maar Ids en ik zijn daar flink beschadigd. We kregen wel een sterkere band. Het was wij tegen de commerciëlen. Toch wel ironisch dat we de bond niet aan onze zijde wisten. Dat had ook met Ids' karakter te maken. Hij koos dezelfde zaakwaarnemer als Rintje Ritsma. Ik begreep er niks van, maar Ids vond het wel best.''

Gemser werd in 1969 looptrainer van Ard Schenk en Kees Verkerk. ,,Ik moest me nog invechten en bij elk advies aan die kanjers moest ik hopen dat ik genoeg postzegels op zak had.'' Hij deed later ervaring op als sprintcoach en onderhield bijzondere contacten met Jos Valentijn en Jan Ykema, die hij respectievelijk in de jaren zeventig en tachtig naar de wereldtop loodste. Uit de eerste periode dateren de eerste aanvaringen met de bestuurders van de KNSB. Die maakten zich niet sterk voor olympische deelname van Valentijn, de oud-prof die zijn amateurstatus was kwijtgeraakt. Gemser schopte uit woede een wc kapot. ,,Ik heb een sterk ontwikkeld rechtvaardigheidsgevoel'', zegt hij.

Verder was hij erg close met de allrounders Gerard Kemkers en Falko Zandstra, die door lichamelijke en geestelijke problemen hun succesvol begonnen carrière voortijdig moesten beëindigen. Hij moest hun vertellen dat ze beter konden stoppen met schaatsen. Kemkers kreeg last van een `zwabbervoet'. ,,Niks aan te doen. Het was over en uit, maar vertel dat maar eens aan een geweldige sportman.''. Zandstra was in mentaal opzicht moeilijk te coachen. ,,Met Falko heb ik inderdaad een vastloper gehad. In totaal heb ik vijf miskleunen gehad. Carl Verheijen was er ook zo eentje. Er was wel wederzijds respect, maar geen vertrouwen. Sommige schaatsers keken op een ander kompas.''

Coachen is volgens Gemser ,,puur mensenwerk en daarom het allermooiste wat er bestaat''. Net als lesgeven trouwens. ,,Ik had wel tot m'n 125ste op het CIOS kunnen blijven werken'', zegt de pas gepensioneerde sportleraar. De 64-jarige voelt zich nog een `jonge hond', ook zo'n veelgebezigde term van Gemser. Hij is deze ochtend druk in de weer met zijn bedrijfje Pro Action dat in Thialf schoolschaatsen en jeugdschaatsen organiseert. Bij gebrek aan strenge winters moeten de kinderen op kunstijs de beginselen worden bijgebracht. Grijnzend: ,,Toch komt er 15 februari een Elfstedentocht. Ik heb de bladeren van de boom zien vallen in Bartlehiem. Dat was een teken.''

Zelf reed Gemser de barre tocht van 1963, waarin hij vlak voor sluitingstijd Leeuwarden bereikte. Met dank aan een korte autorit in de buurt van de finish, toen hij in het Siberische landschap geen onderscheid zag tussen ijs en weiland. Het nieuws over de `gestolen' kilometers verklapte hij zelf in een boek over de zwaarste schaatswedstrijd aller tijden. Gemser zou zijn kruisje niet verdiend hebben, luidde de kritiek op de autorit. ,,Ik begrijp niet waar iedereen zich zo druk om maakt'', zegt hij nu. ,,Man, wat hebben we afgezien. Ik zie nog hoe de edele delen van mijn maatje waren bevroren. In een koek-en-zopie-tent kwam hij weer bij zinnen. Die kerel moet een pijn hebben gehad, ongelooflijk! En dan gaan lopen zeuren over een autoritje, hou toch op.''

Over onmenselijke omstandigheden gesproken, Gemser was zijdelings betrokken bij de vrijlating van de door Tsjetsjenen ontvoerde Arjan Erkel. Hij wil weinig kwijt over zijn getoonde inzet; een kwestie van bescheidenheid. ,,Ik heb misschien een klein steentje bijgedragen aan de vrijlating van Arjan. Ik ben lid van `Artsen zonder Grenzen' en zag telkens die kop van die jongen op de voorkant van het blad staan. Arjan is even oud als mijn zoon, begrijp je? Ik heb toen een briefje geschreven naar zijn ouders, ben het formele en informele circuit ingedoken. Door mijn contacten in de sportwereld heb ik Johan Cruijff en een paar Russische schaatsers bereid gevonden mee te helpen. En ik heb in Moskou een persconferentie gegeven, in ruil voor een paar schaatscursussen. Arjan wilde me na zijn vrijlating meteen opzoeken. Ik zeg: `sodemieter op, kom eerst een beetje bij van alle ontberingen'. Met zijn ouders heb ik nog wel regelmatig contact.''

De ontwikkelingshulp past bij het karakter van Gemser, die in 1989 ,,zes caravans en zes voortenten'' stalde op het parkeerterrein van Thialf. ,,Ik heb altijd de schaatssport willen mondialiseren. Dus gaf ik toen training aan een paar Polen, Russen, Fransen en Amerikanen. Het waren drop-outs die geen cent te makken hadden. Ze sliepen in die caravans. Belde op een nacht de ijsmeester tijdens windkracht negen. Wat denk je? Alle haringen waren losgerukt.'' Het avontuur duurde niet lang. ,,De accountant belde; ik moest mijn huis of boot verkopen als ik door wilde gaan met die gasten. Ik had 110.000 gulden spaargeld opgemaakt.''

De ontwikkelingshulp heeft ook een keerzijde. Gemser schreef in 1994 in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam het `Handboek Wedstrijdschaatsen'. Na de introductie van de klapschaats in 1998 is het herschreven en wereldwijd vertaald in het Engels. Toeval of niet, vorig jaar maakten Chad Hedrick en Shani Davis een voorlopig einde aan de Nederlandse suprematie bij de allrounders. De blanke en de donkere Amerikaan werden respectievelijk eerste en tweede op het WK in Hamar. Tv-commentator Gemser trok toen een zuur gezicht in de studio. Had hij zijn kennis beter niet kunnen verspreiden, misschien? ,,Onzin, wij zijn niet protectionistisch bezig en gebaat bij een brede wereldtop. Maar ik moest inderdaad slikken toen de Nederlanders er werden afgereden. Ik ben een super chauvinist. Ik geef commentaar voor volk en vaderland.''

Schaatsen loopt als een rode draad door het leven van Gemser. Varen is een andere hobby, die hij bij voorkeur op de Waddenzee beoefent. De actieve zeiler werd in 1992 gepolst voor de functie van technisch directeur bij het watersportverbond KNWV. ,,Een geile vraag waarop ik toen geen `nee' kon zeggen. Ik had de pech dat ik bij nul moest beginnen. Ik moest vertrouwen winnen, was een outsider, een aanvlieger noemen ze dat in de duivensport. En ik botste op goedwillende maar machteloze bestuurders en nogal individueel ingestelde zeilers, om het netjes uit te drukken. Die mentaliteit hebben we teruggezien in Athene, waar ze tot mijn grote verdriet weinig hebben klaargemaakt. Ik kan slecht tegen mijn verlies, zoals je weet.''

Reden voor zijn vertrek? ,,Ik was te ambitieus en liep te hard voor de troepen uit. Ik kreeg geen kans een meerwaarde te zijn. En er was geen geld voor mijn plan van aanpak. Ik wilde de kernploeg uitbreiden om de concurrentiestrijd voor de Spelen te verhogen. Ik had zes mensen beloften gedaan die ik achteraf niet kon waarmaken. Ik moest hen teleurstellen. Dus moest ik wel mijn ontslag nemen. Ik kon toch niet zes onschuldige mensen wegsturen en zelf blijven zitten. Doodzonde hoor, want in potentie is er genoeg geld in de zeilerij. Tijdens de Spelen kreeg ik thuis kramp in mijn maag. Zo'n Margriet Matthijsse heeft de sport met haar onsportieve gedrag geen goede dienst bewezen. Niks presteren en dan ook nog eens weigeren de sponsors te bedanken; dat bestaat toch niet!''

Nauwelijks een half jaar na zijn vertrek bij de KNWV werd Gemser voorgedragen als bestuurslid topsport van NOC*NSF. De veldtrainer die zo vaak overhoop lag met vergaderdieren, wordt nu zelf een bobo. Lachend: ,,Ids pestte me er al mee.'' Quasi nonchalant: ,,Hoe halen ze het in hun hoofd mij te vragen? Ik heb alleen bestuurlijke ervaring in de dorpsvereniging van Oudehaske. Ik ben een man van de werkvloer. Maar goed, het is een baan van één dag in de week, dus dat moet kunnen.''

Wie Henk Gemser een beetje kent, weet dat hij ambitieuze plannen heeft bij de sportkoepel. ,,Ik zal mijn oor goed te luister leggen. Ik ga zeker niet meteen piketpaaltjes in de grond stampen. Maar ik ga me wel sterk maken voor een topsportcultuur. Die ontbreekt in Nederland. Neem alleen al de oud-kampioenen die geen vrijkaart krijgen voor een EK of een WK schaatsen. Er is te weinig nazorg. Je praat over klasbakken die voor altijd een plekje in de maatschappij verdienen.''