Hollands dagboek

Felia Boerwinkel (18) is vijf weken in Washington, waar ze deze week meewerkte aan de campagne van de Democratische presidents- kandidaat John Kerry. Vorig jaar haalde ze haar gymnasium- diploma, volgend jaar gaat ze studeren, dit jaar heeft ze vrij. ,,Ik heb me lang niet zo naar gevoeld, verslagen, gefrustreerd!''

Woensdag 27 oktober

Vandaag kan ik uitslapen! Na twee dagen werken heb ik een dagje `thuis' gepland om eindelijk eens mijn kamer op te ruimen, mensen te e-mailen, en meer stomme klusjes, want ik weet dat ik daar de komende week niet aan toe zal komen: het zijn de laatste dagen voor 2 november, en de kriebels beginnen te komen.

Op mijn kantoor, Ted Kennedy's campaign office (dat nu even als extra campaign office voor John Kerry wordt gebruikt), raken de mensen ook steeds meer gespannen, maar het is een gezonde spanning, de gevoelens zijn over het algemeen positief. Ikzelf ben eigenlijk het meest negatief, of cynisch eerder: we weten allemaal hoe het vorige keer is gegaan. En schandalen over Bush zorgen toch steeds niet voor grote verschuivingen in de peilingen. Onbegrijpelijk.

's Middags breekt de zon opeens door, dus ik ga de deur nog even uit, en vermaak me tot sluitingstijd in The National Gallery Of Art. De herfst is hier in volle gang en prachtig van kleur, dus het is genieten in het avondzonnetje, tussen joggende Amerikanen en enthousiaste Japanners.

Donderdag

Op het Kennedy-kantoor bestaat mijn werk uit dingen op alfabet sorteren en sheets invoeren. Daarom besluit ik vandaag ook eens een kijkje te gaan nemen op een écht Kerry-campagnekantoor. Daar aangekomen blijkt dat ik officieel niet mag volunteeren, omdat ik geen U.S.-staatsburger ben. Dat wist ik niet... blijkbaar zit ik daarom achter m'n bureautje met papierwerk in plaats van op straat te flyeren.

Ik ga toch, sowieso om een kijkje te nemen.

Het is complete chaos daar. Mensen lopen in en uit, bieden zich aan als vrijwilliger, schrijven hun naam op een lijst, krijgen een telefoon aangewezen en kunnen aan de slag: geregistreerde Democraten in de swing states opbellen om extra volunteers en stemmen te ronselen.

Iedereen is zo betrokken en gemotiveerd! Waarom is dat niet zo in Nederland? Hebben we echt een Fortuyn-figuur nodig om enthousiast te worden?

Ik vraag of ze toch niet een klein klusje voor me hebben, en ze gaan al snel overstag: iedereen die wil moet gewoon kunnen helpen. In korte tijd ontmoet ik heel wat nieuwe mensen en word uitgenodigd voor het feest dinsdagnacht. Want natúúrlijk gaat Kerry winnen!

Vrijdag

Als ik 's ochtends in de metro zit, op weg naar het Kennedy-kantoor, realiseer ik me opeens hoe ingeburgerd ik me eigenlijk al voel. Ik loop met hetzelfde automatisme, dezelfde onverschilligheid, coffee-to-go in de hand, met de mensenmassa mee; roltrap af, metro in, krantje lezen, af en toe even opkijken op welk station we nu staan, niemand die ziet dat ik hier nog maar twee weekjes ben. Ik maak volledig deel uit van de lokale bevolking die zich iedere dag dezelfde weg baant door de ochtendspits.

En ik geniet ervan, want ik haat het om me toerist te voelen!

Dit besef maakt me heel vrolijk, en ook op kantoor heerst een goede sfeer. Voor het eerst deel ik hun positieve verwachtingen: nog een paar dagen te gaan, en het Bush-kamp heeft het moeilijk: nieuwe onthullingen over vermiste wapens in Irak liggen op de loer.

Dan rond een uur of vier 's middags komt CNN met breaking news: een videoboodschap van Bin Laden. Iedereen schaart zich rond het kleine tv'tje, en al snel betrap ik me erop dat ik het bericht positief ontvang: nu zullen nog meer mensen het Bush kwalijk nemen dat Osama nog niet gepakt is!

Maar als later een specialist vertelt dat ze de boodschap aan het onderzoeken zijn om vast te stellen hoe groot het risico van een aanslag nu is, word ik met een klap in de werkelijkheid teruggegooid: uit deze boodschap spreekt een werkelijke dreiging, en ditmaal is het geen ver-van-m'n-bed-show meer. Ik zit in Washington DC, ga elke dag met de metro, en werk om de hoek bij alle belangrijke regeringsgebouwen. Sterker nog, eerder die middag wás ik nog in het Senaatsgebouw.

Het lijkt of ik de enige ben met deze lichte paniek, want op kantoor en 's avonds thuis heeft iedereen het alleen maar over de gevolgen hiervan voor de verkiezingsuitslag, en wordt er met geen woord over de dreiging van gevaar gerept. Zijn ze dit gewend en doet het ze gewoon helemaal niks meer, of houden ze zich flink?

Ik probeer het uit m'n hoofd te zetten, en wacht af wat er morgen gaat gebeuren.

Zaterdag

Geen speciale nieuwe ontwikkelingen vandaag. Kerry en Bush reizen zich nog steeds helemaal suf, soms wel vier staten per dag, dwars door tijdzones heen, elke keer weer praktisch dezelfde speech, ik ga echt met ze meeleven. Hoeveel uur slaap zullen ze hebben per nacht?

Eén van hen zal verliezen, zal de ochtend na de uitslag opstaan, en dan... wat doen?

Mijn kleine verwarring na het eindexamen is niks vergeleken met het zwarte gat waarin één van hen zal vallen. Je hebt voor niets gevochten, zoveel emoties, ambities, tijd, geld en energie erin gestopt. In één klap ben je weg.

Kan iemand mij vertellen wat Al Gore de afgelopen vier jaar heeft gedaan?

Zondag

Indian Summer! Eind oktober en 26 graden Celsius buiten! Zo'n mooie dag heb ik hier nog niet gezien: de zon is zó warm, terwijl tegelijkertijd de blaadjes in hoog tempo naar beneden dwarrelen.

Ik trek een zomertruitje aan, stap met de familie bij wie ik verblijf in de cabrio, en met harde muziek aan sjezen we door Rock Creek Park, een woest natuurbos midden in de stad. De blaadjes vallen zó op je schoot en de kleuren om ons heen zijn zo fel en overdadig dat alles aan me voorbijtrekt als in een mooie droom.

Vandaag is ook Halloween, ik word overgehaald me te verkleden en ga met een groep meiden langs de huizen.

Ik schaam me dood en verwacht niet dat ze overal snoep zullen geven aan een 18-jarige, maar dat doen ze dus wel, samen met complimentjes over mijn lovely outfit. In de States is niemand blijkbaar te oud om om snoep te bedelen.

In de pompoen bij onze voordeur staat `John Kerry' gekerfd.

Maandag

Morgenavond is het gedaan, dan worden de stemmen geteld... Op het kantoor had ik enorme chaos verwacht, wat ik aantrof is stilte. De helft van de mensen is weg, en ze hebben moeite klusjes voor mij te verzinnen. Vrijdag was het ook zo rustig geweest, maar er was beloofd dat dat de stilte voor de storm was.

De storm is er wel, alleen niet op kantoor: it's all happening outside, in de swing states, het is nu of nooit en de kandidaten doen deze laatste campagnedag nog even half Amerika aan.

Ik kan het nauwelijks geloven, maar om 15.30 laten ze me al gaan. Zo had ik 1 november niet gepland, en ik wil mezelf beslist nog nuttig maken! Op Kerry's campagnekantoor is het wel chaos, ze hebben te weinig telefoons voor alle volunteers die zich aanbieden. Er zijn nog snel wat mobieltjes aangeschaft en mensen staan nu ook op de stoep te bellen. Ik help hier en daar nog wat tot ik me in de weg voel lopen, en ga rond zessen naar huis.

Na de gebruikelijke CNN-dosis kijk ik vanavond naar de smakelijke documentaire Supersize Me.

Dinsdag

Voordat ik 's ochtends de deur uit ren, check ik nog even snel m'n e-mail, en lees geschokt berichtjes over de gruwelijke moord op Theo van Gogh. Terwijl ik deze verschrikkelijke gebeurtenis tot me door laat dringen, bestaat even niet mijn hele wereld meer uit de elections, maar is er ook nog mijn kleine landje aan de overkant van de oceaan, waar alle vrienden en familie nu hele andere zorgen hebben, zorgen die mij, besef ik, net zo erg aangaan.

Maar dan, er moet gestemd worden! In tegenstelling tot de berichten valt de drukte bij ons stembureau reuze mee, we staan hoogstens een kwartier in de rij. Ik mag zelfs mee tot in het stemhokje, en kijk toe hoe mijn gastheer zijn stem – natuurlijk – op Kerry uitbrengt.

Op het Kennedy-kantoor krijgen we de hele dag vertrouwelijke poll-voorspellingen binnen. De sfeer is nog nooit zo goed geweest, het ziet er rooskleurig uit voor Kerry. Dit gaat lukken, ik voel het nu heel sterk.

Een half uur voordat de eerste stembureaus sluiten, ga ik naar het Kerry's campagnekantoor. Op het moment van de laatste loodjes zijn er geen regels meer: als volwaardig volunteer mag ik toch telefoontjes naar swing states plegen waar de stembureaus nog open zijn.

Rond 21.00 stoppen we, iedereen schaart zich met hapjes en drankjes rond de tv, this is it!

En dan...

Eerst is iedereen nog positief, jolig en aangeschoten; dan boos, wanhopig, onzeker. Als Bush Florida heeft, proberen we de moed er nog in te houden, tot Ohio ook van hem lijkt te zijn. Die slopende onzekerheid... rond twee uur heb ik het gehad en neem een taxi naar huis. Als ik aankom, doe ik de tv niet aan, bang voor slecht nieuws. Ik wil nu slapen, morgen hoor ik het wel.

Woensdag 3 november

Na amper drie uur slaap lig ik 's ochtends lang moed te verzamelen om m'n bed uit te komen. Rond 9 uur waag ik de stap en ben opgelucht als ik hoor dat de strijd nog niet beslist is: ik had het ergste verwacht.

Voor zover mijn duffe geest het toelaat probeer ik strijdlustig en hoopvol te denken, maar je merkt het overal op straat: het land heeft een dikke kater.

In de drycleaner's ontvang ik de finale klap als CNN-headlines melden dat `Kerry concedes'.

Ik heb me lang niet zo naar gevoeld, verslagen, gefrustreerd! Als in zijn oprechte, warme speech Kerry's stem breekt door emoties, knak ik ook. Het laat opeens zien hoe emotioneel betrokken ik bij het gebeuren ben geraakt.

Ik zie de verslagen Democraten op tv, en denk aan al die prachtige mensen die ik afgelopen tijd heb ontmoet, die zich allemaal zo gemotiveerd en onvoorwaardelijk voor hun idealen hebben ingezet, en hoe dat nu allemaal in één klap ongedaan wordt gemaakt.

Woorden genoeg om mijn woede, verdriet en machteloosheid te beschrijven, maar ik laat het nu voor wat het is. Pfff... Four more years, heb je even?

Eerst is iedereen nog jolig,

dan boos, wanhopig

en onzeker