Twee generaties Palestijnen staan klaar om Arafat op te volgen: Ahmed Qurie (67)

Net als zijn voorganger Mahmoud Abbas is de Palestijnse premier Ahmed Qurie sinds zijn aantreden vorig najaar in een voortdurende machtsstrijd gewikkeld geweest met Arafat over de controle over de Palestijnse veiligheidsdiensten – van cruciaal belang voor het indammen van geweld aan Palestijnse zijde. Afgelopen zomer diende Qurie zijn ontslag in als premier, maar hij besloot alsnog aan te blijven toen hem enige ruimte werd gegeven om hervormingen door te voeren, ook bedoeld om corruptie en nepotisme te bestrijden. Maar critici spraken van een cosmetische maatregel met weinig praktische consequenties.

Qurie, geboren in 1937 in Jeruzalem, wordt beschouwd als een gematigd, aimabel en pragmatisch man die met zijn gevoel voor humor gemakkelijk mensen voor zich inneemt. Hij trad eind jaren zestig toe tot Al-Fatah en geldt vanaf de jaren tachtig als de bankier/econoom van de PLO die de zakelijke belangen van de beweging, waaronder bedrijven in Libanon, beheerde. Ook is hij de opsteller van Palestijnse ontwikkelingsprogramma's op basis waarvan met internationale donoren, zoals de Wereldbank, wordt onderhandeld.

Als politiek onderhandelaar was Qurie net als Abbas een van de architecten achter de schermen van het in 1993 ondertekende Palestijns-Israëlische vredesakkoord van Oslo. Ook daarna bleef hij nauw betrokken bij onderhandelingen met Israël. Waarnemers zeggen dat hij iemand is die echt gelooft in vrede met Israël en zich keert tegen geweld. Maar dat is misschien ook wel juist zijn zwakte als het gaat om de opvolging van Arafat: Qurie ontleent zijn status aan zijn inzet aan de onderhandelinstafel, maar hij mist een eigen machtsbasis binnen de Palestijnse beweging.