Iran moet opkomen voor eigen veiligheid

[...] Vijfentwintig jaar na de revolutie van 1979 is Iran opnieuw een te groot probleem voor Washington geworden om zomaar wat mee aan te rommelen. Gelukkig bevindt president George W. Bush zich, nu hij aan zijn tweede termijn begint, in een uniek sterke positie. Enerzijds is hij minder kwetsbaar voor bepaalde belangengroepen in Washington die de confrontatie zoeken met Iran. Anderzijds staat hij wat betreft zijn aanpak ten aanzien van de nationale veiligheid zo sterk dat hij nu de mogelijkheid heeft om Amerika's `Perzische puzzel' voorgoed op te lossen [...]

Op dit moment wordt het beleid om Iran te isoleren almaar kostbaarder en ingewikkelder [...] Een nieuwe strategie, waarbij Amerika voorkomt dat het zijn macht overspeelt, is hard nodig. Zeker nu voor Iran de nucleaire technologie binnen handbereik ligt en de kans bestaat dat Irak zich zal ontwikkelen tot een islamitische staat in plaats van tot een democatie. [...]

Erkennen wat Iran is – namelijk een grote macht in het Midden-Oosten met legitieme veiligheidsbelangen – en het een rol geven in de regionale veiligheidsbeleid zal Amerika van een zware last bevrijden en `nucleaire ayatollah's' met onwelgevallige beleidsplannen tegenhouden. President Bush zou er goed aan doen om [...] een nieuw veiligheidsplan voor de regio te bedenken waaraan alle staten uit de regio deelnemen. Via deze multilaterale benadering kan er een eind worden gemaakt aan de Iraanse obstructiepolitiek. Na de indrukwekkende zege van afgelopen dinsdag is er geen enkele president beter in staat om door de woelige wateren van de Perzische politiek te varen dan George W. Bush.

(Trita Parsi, Midden-Oosten-specialist, in de Libanese krant `The Daily Star')