Bronson van stavast

Bij het overlijden van acteur Charles Bronson, september vorig jaar, leverde Chicago Tribune-filmrecensent Roger Ebert een anekdote over de ontmoeting van de actiester met regisseur Ingmar Bergman (onwaarschijnlijk maar waar: deze twee uitersten van de filmwereld hadden dezelfde agent en dezelfde PR-man). Toen Bergman, indertijd belaagd door de Zweedse belastingdienst en tijdelijk in de VS, Bronson in een studio aan het werk zag, legde de acteur aan de regisseur uit: ,,This is the scene where I get shot. I have these little squibs that explode to make it look like bullets are hitting.'' ,,Fascinating'', was Bergmans repliek, ,,I never knew how they did that.'' Waarop Bronson antwoordde: ,,You mean you don't use machine guns in your movies?''

Charlie Bronson (1921-2003) was een selfmade man: grootgeschopt in het kolenmijnwerkersmilieu van Pennsylvania, vertrokken naar Californië in de late jaren veertig en, ploeterend als studiofigurant in de vroege jaren vijftig, zeer langzaam opklimmend naar substantiële rollen. Zijn arbeiderskop, tanige fysiek en afgeknepen dictie maakten hem geknipt voor de western (Once upon a time in the West) en actiefilm (The mechanic), maar ondanks supersterstatus in Europa (waar hij onder meer speelde in René Cléments naargeestige psychothriller Le passager de la pluie en Sergio Sollima's geweldige Città violenta) kwam de echte doorbraak aan het thuisfront ietwat laat. Michael Winners Death wish (werktitel: Sidewalk vigilante) vestigde in 1974/'75 voorgoed zijn naam in Amerika. De kritiek repte wereldwijd van fascistoïde tendenzen, maar de verbitterde wrekersfiguur die Bronson neerzette werd zijn watermerk en dook op in meerdere vervolgen plus een reeks gelijksoortige oog-om-oog-verhalen. Ook in The evil that men do van Guns of Navarone-regisseur J. Lee Thompson (1914-2002) maakt Bronson korte metten met allerhande tuig van de richel. Dat is niet netjes. Maar de zwijgzame, teruggetrokken levende Bronson had iets wat al die gestylede, Perrier-met-limoen nippende watjes van het hedendaagse Hollywood nooit zullen hebben: karakter. De tijd van de jongens van stavast ligt voorgoed achter ons.

The evil that men do (J. Lee Thompson, 1984, VS), BBC 1, 0.35-2.00u.