Betaalde huurlingen of echte rijken

De Quote 500 met de namen van de rijkste Nederlanders ligt in de winkel. Vorige week kwam FEM Business met de 100 machtigste mannen. Lijstjes over de economische macht in Nederland zijn ongekend populair.

Kapitalisten staken niet. Zij verdienen vanzelf beter. Geld is macht. Managers staken ook niet. Kennis is macht.

Maar economische macht is ongrijpbaar, vandaar de populariteit van de lijstjes. Vandaag ligt de jaarlijkse Quote 500 met de rijkste Nederlanders (achtste editie) in de winkel. Vorige week kwam weekblad FEM Business met zijn lijst (tweede editie) van de honderd machtigste mannen (m/v): 2 vrouwen, 98 mannen.

De lijstjes corresponderen helemaal niet met elkaar. De verpersoonlijking van de nummer één in de Quote 500, directeur Bart Brenninkmeijer van familiebedrijf C&A, haalt de top-100 van FEM niet. Te weinig macht, of komt het omdat C&A in tegenstelling tot beursgenoteerde ondernemingen niet verplicht is om financiële informatie te geven, en dat ook niet doet? De Brenninkmeijers staan bij Quote genoteerd voor 12 miljard euro, 20 procent meer dan vorig jaar.

In de Quote top-tien van de rijkste Nederlanders staan ook drie broers Fentener van Vlissingen: Frits op drie, Paul op vijf en John op zeven. Samen goed voor 5,2 miljard euro. Ook zij halen de FEM-100 niet, maar hun ingehuurde managers wel.

De drie broers ontlenen hun hoge klassering bij Quote primair aan hun aandelenpaketten in conglomeraat SHV (energie, schroot, beleggingen). SHV-directier P. Klaver staat nummer 34 bij FEM. Directeur J. van Kesteren van Draka (kabels), waarin Frits Fentener van Vlissingen een dominant belang heeft, staat 83 bij FEM.

Hetzelfde geldt voor Charlene de Carvalho-Heineken. Zij staat dankzij de erfenis van de Heineken-aandelen nummer twee bij Quote, bestuursvoorzitter A. Ruys van Heineken staat 25 bij FEM.

Twee rijke lieden staan wel in de top-10 van Quote én in de 100 van FEM, maar niet in de top: voorman M. van der Vorm van investeringsfonds HAL (nummer 36), en J. Blokker (nummer 62) van Blokker.

Lijstjes lezen lekker. Maar op de samenstelling is altijd wel wat af te dingen. Hoe meet je een economische machtspositie? Hoeveel punten krijgt een president-commissaris meer dan een gewone commissaris of een directeur? Machthebbers ontkennen macht liever. Wij hebben hooguit invloed, heet het. En commissarissen reppen bij voorbaat van hun negatieve invloed: zij kunnen beslissingen van de top tegenhouden, maar in hun positie doen zij zelf geen zaken.

En managers redeneren: kijk naar onze Nederlandse manier van zakendoen. Samen, consensus, collegiaal. Ik de baas? Gedeelde macht is halve macht. Ook al is het oud-Hollandse concept definitief op zijn retour, nu ook Koninklijke/Shell voor één sterke man aan de top heeft gekozen.

Het verschil tussen de lijstjes: de beslissers in de FEM top-100 heeft wel de bedrijfskennis, maar niet het bedrijfskapitaal. Zij zijn huurlingen, uitstekend betaald, maar geen aandeelhouders van enige betekenis. Het zakelijk kapitaal zit bij de Quote-500. De enige uitzondering bevestigt de regel: J. Aalberts, oprichter, bestuursvoorzitter én grootaandeelhouder van industrieel toeleverancier Aalberts, staat nummer 22 bij FEM en 163 bij Quote met een financieel vermogen van 112 miljoen euro.

De onmacht om exact te meten geldt niet alleen voor de managers, maar ook voor de veelvermogenden bij Quote. Het blijven schattingen, die soms aanzienlijk moeten worden bijgesteld als iemand veel meer of juist veel minder aandelen in een bedrijf blijkt te bezitten dan eerst gedacht.

De rijken werden weer rijker, zo blijkt uit de nieuwste cijfers van Quote. Dat komt vooral door het beleggingsklimaat: 2003 was een puik beursjaar. De ondergrens voor vermelding in de Quote 500 is dit jaar 41 miljoen euro, dat was vorige keer nog 36 miljoen en het jaar ervoor nog 32 miljoen euro.

In de top van de lijstjes van Quote en FEM verandert van jaar op jaar bijna niets. Economische macht is hardnekkig stabiel. In de top-10 van Quote staan twee nieuwe binnenkomers, maar die waren de vorige keer net uit de hoogste tien gevallen.

Waar de rijken wel rijker worden, worden de machtigen niet machtiger. De aanbevelingen van de commissie-Tabaksblat beperken het aantal commissariaten bij beursgenoteerde bedrijven tot vijf, waarbij voorzitterschappen dubbel tellen. Nummer één bij FEM is voormalig bestuursvoorzitter C. van Lede van Akzo Nobel. Hij heeft volgens de ranglijst vier commissariaten bij Nederlandse beursfondsen, vier bij niet-beursgenoteerde bedrijven en vier bij buitenlandse ondernemingen.