Verenigd in angst en onzekerheid

Vier jaar geleden beloofde president Bush Amerika te zullen verenigen. De verkiezingsuitslag toont aan dat het land nog altijd sterk is verdeeld.

Amerikanen hebben nooit een president weggestemd ten tijde van oorlog. En dit keer is het niet anders gegaan. Ze bleven trouw aan Abraham Lincoln in 1864, ten tijde van de Amerikaanse Burgeroorlog. Ze kozen opnieuw voor Franklin Roosevelt in 1944 gedurende de Tweede Wereldoorlog. En ze herkozen Richard Nixon in 1972 terwijl er nog volop werd gevochten in Vietnam.

De aanslagen op Amerikaanse bodem in 2001, de daarop volgende oorlogen in Afghanistan en Irak en drie jaar van anti-terreurmaatregelen, alarmfasen, verhoogde paraatheid en een constant gevoel van een op handen zijnde dreiging, heeft mede de keuze van Amerika bepaald.

President George W. Bush lijkt zijn herverkiezing daarom vooral te danken te hebben aan 11 september 2001 en de ogenschijnlijke behoefte die er in de Verenigde Staten bestaat aan een krachtige, moralistische opperbevelhebber die in staat is het land te beschermen tegen Het Kwaad, zonder dwaling en ineffectieve nuance die, in Republikeinse uitleg, Bush' opponent John Kerry zo kenmerken.

,,Beter de duivel die we kennen, dan de duivel die we niet kennen'', zegt Sherry Bebitch Jeffe, politicoloog aan de University of Southern California tegenover het Amerikaanse persbureau Knight Ridder. ,,[Dat geldt] met name ten tijde van oorlog en zeker wanneer er zoveel vragen zijn omtrent de uitdager.''

Het is een gedachte die in 2002 al door de voormalige president Clinton werd verwoord: ,,Als mensen zich onveilig voelen hebben ze liever iemand die sterk en fout is (,,strong and wrong'') dan iemand die zwak en goed is (,,weak and right'')''. Bush heeft naar nu is gebleken effectief op het Amerikaanse electoraat overgebracht dat hij staat voor kracht en rechtlijnigheid – hetgeen hij volgens de kiezer heeft onderschreven door geen fouten te erkennen – tegenover een kandidaat die hij heeft neergezet als weifelend en ondoorzichtig.

Maar het is niet alleen die vermeende kracht die indruk heeft gemaakt op veel Amerikanen. Bush geldt voor met name het gelovige deel van de Verenigde Staten ook als een hoeder van traditionele waarden. De Amerikanen die van normen en waarden hun prioriteit hebben gemaakt in hun verkiezingskeuze, kozen in overgrote meerderheid voor Bush. En Amerikanen die anti-terreurmaatregelen hadden genoemd als bepalend voor hun keuze stemden eveneens, vooral Bush.

Verscheidene Amerikaanse deskundigen zijn het erover eens dat bezorgdheid de boventoon heeft gevoerd in de verkiezingskeuze van Amerika. Ondanks de diepe verdeeldheid die er overeenkomstig de verkiezingsuitslagen in de Verenigde Staten bestaat, lijkt Amerika verenigd in een gedeeld gevoel van angst. De angst voor het verlies van waarden, banen en veiligheid.

Andrew Kohut, directeur van het onafhankelijke Pew Research Center voor opinieonderzoek zegt hierover in de The Washington Post: ,,Dit is niet een tevreden land. Dit is een ongerust land. Terreur, economisch welzijn, gezondheidszorg, waarden – er zijn heel veel zorgen die zijn weerspiegeld in de deze verkiezingen.'' En het is duidelijk dat vooral Bush van die collectieve zorgen heeft geprofiteerd.

Uit een veelheid van peilingen is gebleken dat Bush met name heeft gewonnen onder mannen, blanken, getrouwde stellen, Amerikanen die meer verdienen dan 50.000 dollar per jaar, militaire veteranen, protestanten en rooms-katholieken. Hij behaalde 84 procent van de conservatieve stem en 93 procent van de Republikeinse steun. Zijn grootste verlies leed hij onder vrouwen, zwarten, Latino's alleenstaanden, mensen die minder verdienen dan 50.000 dollar per jaar, joden, vakbondsleden en diegenen die zelden naar de kerk gaan.

Bush heeft in zijn overwinningstoespraak gezegd dat hij een president wil zijn van alle Amerikanen. ,,Ik richt me tot al die mensen die voor mijn opponent hebben gekozen. Ik heb uw steun nodig om dit land sterker te maken. Ik zal er voor werken om [die steun] te verdienen'', zei Bush gisteren.

Met die woorden in het achterhoofd zal Bush moeten zorgen dat hij heikele thema's, onopgeloste problemen en uitstaande conflicten aanpakt zonder die andere helft van Amerika verder tegen zich in het harnas te jagen.

Een eerste test, zo geloven verscheidene Amerikaanse politieke commentatoren, is de opvolgingskwestie binnen het Amerikaanse Hooggerechtshof. Daar dreigt opperrechter William Rehnquist om gezondheidsredenen op te stappen. Invulling van die positie heeft een grote politieke lading.

Dan zal met grote belangstelling worden gekeken naar de samenstelling van het nieuwe kabinet. Houdt Bush zijn (neo-)conservatieve opstelling in stand, of geeft hij ook gematigde Amerikanen een kans? En hoe zit het met het enorme begrotingstekort, de Amerikaanse militaire aanwezigheid in Irak en de bekoelde betrekkingen met Europa?

Bush wil iedere Amerikaan bereiken die hem niet welgezind is, overeenkomstig de oude verkiezingsbelofte van vier jaar geleden, dat hij een ,,uniter, not a divider'' is, iemand die wil `verenigen, niet verdelen'. Het is vooral die toezegging, en de wetenschap dat hij met zijn herverkiezing politiek minder onder druk staat, waar de teleurgestelde helft van het sterk verdeelde Amerika en de rest van de wereld het mee zal moeten doen.