Nieuwe start Europa even uitgesteld

De nieuwe Europese Commissie wil zich profileren als een gedreven team met een boodschap. Gisteren overhandigde oud-premier Kok alvast de aanbevelingen die het ambitieuze beleid gestalte moeten geven.

Eigenlijk had de Nederlandse ex-premier Wim Kok maar één echt probleem toen hij gisteren in Brussel zijn rapport over de voortgang van de Lissabon-strategie presenteerde. De geadresseerde was er niet. Zoals Kok het zelf op zijn bekende ironisch-onderkoelde wijze constateerde: ,,Ik was voor vandaag uitgenodigd bij de Europese Commissie door de heer Barroso, maar toen ik binnenkwam zat daar nog Romano Prodi.''

Voor Kok maakte het verder niet veel uit, maar des te meer voor de beoogd voorzitter van de Europese Commissie, de Portugees José Manuel Barroso die had verwacht per 1 november het dagelijks bestuur van Europa te kunnen overnemen van Romano Prodi. Hij moet nog even wachten omdat het Europees Parlement vorige week niet wilde instemmen met de door hem samengestelde ploeg van commissarissen. Dat zal nu op zijn vroegst over twee weken gebeuren.

Hierdoor is de door Barroso zo gewenste daverende start van zijn commissie niet doorgegaan. Toen hij deze zomer met zijn toekomstige collega's in het Belgische Leuven een `heidag' hield, waren de aanwezigen het er al snel over eens dat direct na het aantreden van de nieuwe Europese Commissie op 1 november heel Europa zou moeten weten dat er een ander team zat in Brussel. Een ambitieus team met een boodschap ook. En daarom kwam het zo goed uit dat Wim Kok tijdens de eerste officiële vergadering van de nieuwe commissie zijn rapport zou komen presenteren. Barroso had de aanbevelingen dan kunnen omarmen om vervolgens in een bevlogen toespraak herstel van de Europese economie tot topprioriteit van de nieuwe Commissie te kunnen verklaren. Een voornemen dat hij dan een dag later, vandaag, zou kunnen herhalen tijdens de periodieke én mediamieke top van Europese regeringsleiders. Maar het liep anders. Terwijl Barroso zich ophoudt in de wachtkamer, worden de honneurs waargenomen door de al volop afscheid nemende Prodi. Geen echte setting voor een nieuw begin.

Barroso moet nu een ander momentum creëren. Want dat hij de nieuwe Europese Commissie vooral als economische herstel commissie wil profileren staat vast. Ook voor Barroso geldt: It's the economy, stupid! Het Europese ideaal is mooi, maar het gaat toch uiteindelijk om welvaart, zo is zijn vaste overtuiging.

Geen nieuw geluid. Integendeel. Het is al weer ruim vier jaar geleden dat de Europese regeringsleiders in de Portugese hoofdstad Lissabon hun ambitieuze voornemen formuleerden om van de Europese Unie in het jaar 2010 ,,de meest dynamische en concurrerende kenniseconomie ter wereld'' te maken. Een voornemen dat sindsdien in het eurojargon bekend staat als de ,,Lissabon-strategie''. Een vertrouwd begrip voor de Brusselse bureaucratie, maar tevens een begrip dat bij de overige 450 miljoen inwoners van Europa waarschijnlijk slechts wazige blikken oproept. ,,Ik vrees dat de meeste Europeanen bij de woorden Lissabon-strategie toch allereerst aan een vakantieoord denken'', verzuchtte de Josep Borrell, de Spaanse voorzitter van het Europees Parlement deze zomer.

Dat neemt niet weg dat het bewaken van de voortgang van de Lissabon-strategie en het aanjagen ervan een speerpunt zal vormen van de nieuwe Commissie. Europa is nu eenmaal alleen herkenbaar door grote projecten. De jaren tachtig waren de jaren van de gemeenschappelijke markt. In 1985 produceerde de Britse commissaris Lord Cockfield zijn befaamde `witboek' waarin stond dat deze markt in 1992 tot stand moest zijn gebracht. De toen net aangetreden Commissievoorzitter maakte er onmiddellijk een centraal element van zijn beleid van. Delors wist dat hij hiermee zijn werkelijke politieke doel kon bereiken: een vergaande revitalisering van de Europese Unie.

Dit is precies wat José Manuel Barroso ook voor ogen staat. Wat het 1992-project voor Delors was, is de Lissabon-strategie voor Barroso. Ook hij is ervan overtuigd dat Europa een nieuwe impuls nodig heeft. De opnieuw lagere opkomst bij de Europese verkiezingen van dit voorjaar heeft nog eens duidelijk gemaakt dat Europa bij een groot deel van de burgers vooral negatieve gevoelens oproept. Een plan met concreet omschreven doelen kan Europa weer elan geven. Hoopt hij. Het Lissabon-project biedt daarvoor aanknopingspunten. Denkt hij. Zelfs veel meer dan het 1992 project uit de jaren tachtig omdat zoals Kok in zijn rapport schrijft ,,Lissabon relevant is voor iedere persoon in elk huishouden binnen Europa.''

Maar het maakt ook kwetsbaar. Dat het Europa inderdaad zal lukken in 2010 de meest concurrerende economie ter wereld te worden, is nu al uitgesloten. Voorlopig is Europa sinds de regeringsleiders elkaar dit plechtig beloofden alleen maar achterop geraakt bij de Verenigde Staten en Azië. Kok benadrukte gisteren dat het niet zozeer om het jaartal gaat, maar veel meer om de richting.

Anders gezegd, als in 2010 blijkt dat Europa op weg is de meest concurrerende economie te worden, is het ook goed. In elk geval weet Barosso waarop zijn Commissie beoordeeld kan worden als zijn zittingstermijn eind 2009 is afgelopen.