MIVD-chef: meer internationale samenwerking inlichtingendiensten

Inlichtingendiensten moeten internationaal beter samenwerken. Dat zegt de directeur van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD), vandaag in een vraaggesprek met de Volkskrant.

De directeur doet zijn uitlatingen voorafgaand aan een debat in de Tweede Kamer over het jaarverslag van zijn dienst, dat vanmiddag gehouden zou worden.

Op de vraag of de diverse diensten in het kader van bestrijding van terrorisme goed samenwerken, zegt de directeur, generaal-majoor Bert Dedden: ,,De internationale uitwisseling van informatie laat te wensen over. Er is veel verbeterd, zeker het laatste jaar. Maar er wordt nog te vaak geredeneerd: ik geef jou pas informatie als jij mij wat geeft. Dat is een faliekant verkeerd uitgangspunt bij de bestrijding van terrorisme. Landen hebben elkaar nodig. Dat besef is nog niet helemaal tot iedereen doorgedrongen.''

Over de samenwerking tussen de verschillende inlichtingendiensten in Nederland zegt Dedden wel tevreden te zijn. ,,Nationaal gaat het hartstikke goed. En het wordt nog veel beter. De AIVD en wij gaan straks gebruikmaken van extra capaciteit om satellietverkeer te onderscheppen. Het aantal schotels (in het Groningse Zoutkamp, red.) wordt uitgebreid van twee tot maximaal 22. Daarmee kunnen we tien satellieten volgen. Dan kunnen we iemand traceren die in de woestijn met een satelliettelefoon gesprekken voert.''

Inlichtingendiensten hebben de laatste jaren een toenemende behoefte aan zogeheten signals intelligence (afgekort tot Sigint), inlichtingen in de vorm van onderschept telefoon-, fax- en computerverkeer.

Minister Remkes (Binnenlandse Zaken), die politiek verantwoordelijk is voor de civiele AIVD (de Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst), wil het aantal Nederlandse diensten uitbreiden tot drie, door de Nationale Sigint Organisatie (NSO) te verzelfstandigen. Dat kondigde Remkes deze zomer aan in een brief aan de Tweede Kamer.

De MIVD ging ervan uit dat er in Irak massavernietigingswapens aanwezig waren voorafgaand aan de oorlog tegen dat land. ,,De VN-missie UNSCOM heeft niet alle voorraden strijdmiddelen vernietigd. Wij hebben nooit kunnen vaststellen dat er pogingen zijn gedaan om de restanten onklaar te maken. Ook zaten er grote hiaten in de Iraakse opgaven'', aldus Dedden.

Dedden zegt wel altijd ,,een slag om de arm'' te hebben gehouden over het verhaal dat de Iraakse strijdkrachten binnen 45 minuten een aanval met chemische wapens hadden kunnen uitvoeren.

Volgens Dedden heeft zowel de MIVD als de AIVD in de aanloop naar de oorlog veel informatie gekregen van buitenlandse diensten.