Markt redt ons pensioen, zegt De Geus Brussel na

Minister De Geus wil de Nederlandse pensioenmarkt opengooien. Brussel wil het. Een nieuwe markt voor verzekeraars?

Eén Europa, vijfentwinig landen één markt. Europa bejubelt concurrentie als bron van extra welvaart, en ook knusse en tot voor kort besloten Nederlandse bedrijfstakken, zoals elektriciteitsbedrijven en de pensioenwereld, moeten er aan geloven.

Om prijsverlagende wedijver tussen meerdere aanbieders extra kansen te geven kiezen politici in Brussel én Den Haag in talloze sectoren voor een tweedeling: de infrastructuur loskoppelen van het aangeboden product. Zo zijn de spoorrails afgekoppeld van de Nederlandse Spoorwegen en in een aparte vennootschap georganiseerd. Op deze manier kunnen, in theorie, ook anderen de spoormarkt op.

Deze week is het gasnet losgekoppeld van de Gasunie. De elektriciteitsbedrijven vechten tegen scheiding tussen hun netwerken en hun producten. En gisteren kwam minister De Geus van Sociale Zaken (CDA) met een vergelijkbare oplossing voor pensioenen. Pensioenfondsen moeten de administratie en beleggingen loskoppelen van het feitelijke product: het soort pensioenregeling en de bijbehorende premie.

De minister wil voor 1 februari advies van de vertegenwoordigers van werkgevers en vakbonden in hun sociaal-economisch overlegforum, de Stichting van de Arbeid. Onderdeel van zijn plan is de plicht tot publieke aanbesteding van administratie en beleggingen.

Wordt de pensioenmarkt van ruim 500 miljard euro belegd vermogen daarmee opengegooid? ,,In feite zijn er maar vijf of zes pensioenfondsen die voor hele bedrijfstakken werken die hun administratie en beleggingen niet aan een apare partij hebben uitbesteed'', zegt directeur P. Borgdorff van de Vereniging van Bedrijfstakpensioenfondsen.

Onder de uitzonderingen zijn echter wel de twee grootste fondsen: ABP (ambtenaren en leraren) en PGGM (werknemers in zorg en welzijn). Ook diverse grote ondernemingen, zoals Philips, KPN en TPG, hebben hun pensioenuitvoerder apart gezet.

Daarmee biedt de pensioenwereld een bont beeld. De grootste uitvoerder, het voormalige PVF, is door eigenaar Achmea onlangs verkocht aan de Britse pensioenregelaar Isis. KPN en TPG hebben hun gezamenlijke uitvoerder verkocht aan verzekeraar Aegon, die gretig klanten werft in de pensioenwereld.

Verder hebben sommige bedrijfstakpensioenfondsen hun uitvoerder wel apart gezet, maar blijven zij nauwe banden onderhouden: als aandeelhouder en/of door personele unies tussen bestuurders van het fonds en die van de uitvoeringsorganisatie. Dat laatste wil De Geus verbieden.

De Geus beargumenteert de ontvlechting met een beroep op de houdbaarheid van het Nederlandse pensioenstelsel. De kern daarvan is dat bedrijven (en daarmee hun werknemers) verplicht meedoen met pensioenregelingen die vakbonden en werkgevers in

CAO's afspreken. Niks marktwerking en concurrentie.

Deze zogeheten verplichtstelling is in Europa een uitzonderlijk fenomeen. Verzekeraars, die zelf verder op de pensioenmarkt willen expanderen, zijn er tot nu toe niet in geslaagd de verplichte deelname van bedrijven bij de Europese rechter te ondergraven.

Het is echter de vraag of de tweedeling tussen infrastructuur (administratie; beleggingen) en het product (pensioen) die de Europese Commissie ook in de pensioenwereld voor ogen staat, verzekeraars extra klanten zal opleveren. Zeker op het gebied van beleggingen hebben pensioenfondsen al een primaire `markt'prikkel om ondermaats presterende vermogensbeheerders te ontslaan: het rendement op pensioengeld is hun belangrijkste inkomstenbron. In 2003 verdiende de pensioenwereld 20,5 miljard euro aan premies, maar de beleggingsopbrengsten waren meer dan het dubbele: 45,6 miljard euro.

De dreiging van publieke aanbesteding is volgens Borgdorff van de bedrijfstakpensioenfondsen niet realistisch. Publieke aanbesteding gaat in elk geval gepaard met extra kosten van selectie, keuze en controle, zonder dat op voorhand duidelijk is dat er ook, ten opzichte van de huidige situatie, extra opbrengsten zijn. Omdat bij pensioenen geen publiek geld in het spel is, is er volgens Borgdorff ook geen publieke aanbesteding. En dat geldt volgens hem ook voor ABP sinds de verzelfstandiging ten opzichte van de overheid in 1996.

Blijft over: Europa. Borgdorff:,,Als het waar zou zijn, dat het Nederlandse pensioenstelsel alleen maar overeind zou kunnen blijven met de uitbesteding, dan zouden wij daar mee kunnen leven.''