Huismus nu bedreigde vogel

De huismus geldt officieel als een bedreigde vogel. Het aantal mussen is de afgelopen veertig jaar met meer dan de helft gedaald en ligt nu ergens tussen de half en één miljoen broedparen. De huismus komt voor op de zogenoemde Rode Lijst voor bedreigde vogelsoorten. Op de lijst komen in totaal 78 soorten voor. De lijst is opgesteld door onderzoekers van Vogelbescherming en wordt een dezer dagen ondertekend en naar de Tweede Kamer gestuurd door minister Veerman (LNV). Het ministerie wil er nog niets over kwijt.

Belangrijkste bevinding van de Rode Lijst is de sterke achtuitgang van vogels van het boerenland. Oorzaak van de ,,dramatische'' daling, die zich in heel Europa afspeelt, is de intensivering van de landbouw. Daaronder lijden vooral patrijs, grutto, tureluur, steenuil, veldleeuwerik, graspieper en gele kwikstaart.

Van de 78 broedvogelsoorten op de nieuwe Rode Lijst zijn er 8 verdwenen uit Nederland, 12 soorten zijn `ernstig bedreigd', nog eens 12 soorten vallen in de categorie `bedreigd', 20 soorten zijn `kwetsbaar' en 26 soorten zijn `gevoelig'. Verdwenen uit Nederland zijn kwak, kleinst waterhoen, griel, goudplevier, bonte strandloper, lachstern, hop en roodkopklauwier. Op het punt van uitsterven staan duinpieper, ortolaan en klapekster. Er is ook goed nieuws. Na jaren van herstelmaatregelen geldt de ooievaar niet langer als een bedreigde vogelsoort. Ook de ijsvogel is van de Rode Lijst afgevoerd; door een reeks zachte winters in aantal is toegenomen.

Het aantal huismussen, een soort die op de Rode Lijst als `zorgelijk' staat aangegeven, is in veel landen van Europa achteruitgegeaan. De oorzaken worden gezocht in de vermindering van nestelgelegenheid door nieuwe bouwmethoden en doordat er minder graan wordt vermorst op het platteland, waardoor in het najaar de uitzwermende mussen geen voedsel vinden. Ook de verwante ringmus gaat achteruit.

De populatie huismussen is decennia lang gegroeid door de verstedelijking met woningen waarin vooral onder dakpannen kon worden gebroed. Maar sinds de jaren zeventig is er door gewijzigde bouwmethoden weinig ruimte onder dakpannen. Bovendien is er weinig te eten in de steden door de afname van braakliggende en ruige terreinen en de afnemende gewoonte om tafelkleden uit te kloppen in de tuin.

Boerenlandpagina 2