Zwaar water en plutonium

In augustus 2002 onthulde een gewapende Iraanse oppositiegroep dat Iran bij Arak een fabriek bouwde voor de productie van zwaar water. Een jaar later, in juli 2003, onthulden de Iraanse autoriteiten zelf dat direct naast de fabriek ook de beoogde afnemer van het zwaar water kwam te staan: de zwaarwaterreactor IR-40, een middelgrote onderzoeksreactor. Deze is nu in aanbouw.

Meer nog dan de bouw van installaties voor verrijking van uranium wekt de aanleg van een zwaar-waterreactor de indruk dat Iran militaire bedoelingen heeft met zijn nucleaire programma. Want zwaar-waterreactoren gebruiken onverrijkt uranium als splijtstof en produceren door hun gunstige neutronen-huishouding veel plutonium van een goede kwaliteit. Technici hebben becijferd dat de IR-40 jaarlijks zo'n 8 à 10 kilo plutonium kan produceren, genoeg voor een of twee bommen. Zolang Iran IAEA-inspecties aanvaardt kan het niet vrij over dit plutonium beschikken, maar dat verandert zodra het land het Non-Proliferatie Verdrag (tegen verspreiding van kernwapens) zou opzeggen. Elk NPV-lid kan het verdrag met een opzegtermijn van een paar maanden ongestraft verlaten.

De door de IR-40 te produceren neutronenstroom is ook geschikt voor wetenschappelijk onderzoek of de productie van isotopen voor medische toepassing. Maar die laatste zijn veel goedkoper uit het buitenland te betrekken.

Zwaar water bestaat niet, zoals gewoon water, uit een verbinding van zuurstof met waterstof maar met deuterium, een zware vorm van waterstof die maar in heel lage concentratie in gewoon water voorkomt. De vijf erkende kernwapenstaten produceren zwaar water, en verder Canada, Noorwegen, India en Argentinië. Iran gebruikt het Girdler Sulfide proces. Dat maakt gebruik van het verschil waarmee waterstof of deuterium oplost in zwavelwaterstof (waterstofsulfide) en water. (Bron www.fas.org)