Rabobank: geen schuld aan fraude met beleggingen

De Rabobank wijst alle aansprakelijkheid van de hand in een zaak over een beleggingsfraude die gedeeltelijk via een lokaal kantoor werd uitgevoerd.

Dat een intern onderzoek uitwees dat het filiaal in Elst (dat nu onder Over-Betuwe valt) onzorgvuldig handelde, betekent nog niet dat de schade van gedupeerde beleggers door de coöperatieve bank is veroorzaakt. Dat stelde een advocaat van de Rabobank gistermiddag in Arnhem in een kort geding dat boze beleggers tegen de bank hadden aangespannen.

De beleggers die een schadevergoeding claimen, menen dat de bank leed had kunnen voorkomen door beter op te letten. Volgens financieel letselschadebedrijf Santema & Blonz, dat de gedupeerden bijstaat, had de bank de criminele opzet van een beleggingsproduct dat door een zakelijke relatie werd aangeboden moeten doorzien.

Bij de fraude werden huizenbezitters door Woonzeker Hypotheken BV aangemoedigd hun hypotheek te verhogen en de vrijgekomen overwaarde te beleggen. Bij de beleggingsconstructies werden jaarrendementen voorgespiegeld van meer dan 30 procent. Door deze constructie zouden huiseigenaren `gratis' kunnen wonen. Het bedrijf Woonzeker Hypotheken had een bedrijfskrediet van de Rabobank in Elst. Een deel van de ingelegde beleggingsgelden werden op een rekening gestort van Rabobank Elst. Dat geld is verdwenen.

Uit eigen onderzoek van de Rabobank naar de kwestie blijkt dat bij het kantoor wetgeving werd genegeerd, interne procedures werden overtreden en vergunningen niet werden gecontroleerd. Medewerkers bleken niet goed op de hoogte van de wettelijke plicht om verdachte transacties te melden, waarmee de bank mogelijk een economisch delict heeft begaan.

De Autoriteit Financiële Markten – toen nog STE – waarschuwde in augustus 2001 voor partijen die betrokken waren bij de fraude. De bank greep naar eigen zeggen al eerder in. In mei 2001 werden de relaties met Woonzeker Hypotheken en een daaraan gelieerde vermogensbeheerder verbroken. Volgens de Rabobank kreeg zij in maart 2001 voor het eerst ,,signalen'' dat er zaken niet klopten. De bank begreep toen van de AFM en De Nederlandsche Bank dat zij de zaak al onderzocht.

De AFM liet eerder weten dat zij bij haar onderzoek meer waarde hechtte aan zorgvuldigheid dan aan snelheid. In de periode dat de AFM onderzoek deed hebben zeker 60 beleggers voor een bedrag van meer dan 7 miljoen euro in betrokken fondsen geïnvesteerd.