Het hoedje van de prima donna

Olympisch dressuurkampioene Anky van Grunsven is populair geworden in een traditionele sport. Van vernieuwingen wil ze niet weten. ,,Die hoed en dat jasje vind ik mooi. Wat moet ik dan? In bh op een paard gaan zitten?''

Wie in Nederland Anky zegt, weet onmiddellijk wie daarmee wordt bedoeld. De toevoeging Van Grunsven is in haar geval overbodig; die statuur heeft de tweevoudige olympisch kampioene dressuur inmiddels bereikt. ,,Ja, ik ben goed, dat durf in inmiddels van mezelf wel te zeggen. Vijftien jaar geleden zouden die woorden absoluut niet over mijn lippen zijn gekomen, maar na alle successen en vooral die twee gouden olympische medailles met verschillende paarden, heb ik enig recht van spreken. Ik kan wel zeggen dat het niet zo is, maar als ik nuchter en reëel ben, vind ik dat zelf ook bijzonder.''

Dat is geen grootspraak van één van de succesvolste Nederlands sportvrouwen; zo pedant is Anky van Grunsven (36) niet. Maar zich bescheidener voordoen dan ze is, vindt de amazone ook onzin. Er kan moeilijk ontkend worden dat ze Europees en wereldkampioene is, dat ze zes keer de wereldbeker heeft veroverd en vier zilveren en twee gouden medailles bij de Olympische Spelen heeft gewonnen. Of dat ze ooit sportvrouw van het jaar is geweest, negen keer ruiter van het jaar, ruiter van de eeuw en koningin Beatrix het tweemaal heeft behaagd haar te onderscheiden: één keer als Ridder in de Orde van Oranje Nassau en eenmaal als Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Bovendien heeft ze een grote fanclub en stromen mensen massaal toe als zij ergens in het land een paard bestijgt. Van Grunsven is hot.

Daarvan is op een herfstmiddag in Erp weinig te merken. Diep weggestopt in het Oost-Brabantse land bevinden zich de stallen van Van Grunsven, waar de zwangere dressuurdiva de rust vindt die ze nodig heeft om het publieke deel van haar leven te compenseren. Ze is een onderhoudende gesprekspartner, die niet om een mening verlegen zit, fel van zich kan afbijten, iemand recht in de ogen kijkt en wiens gulle lach regelmatig boven de tafel galmt.

Van Grunsven moet lachen bij de veronderstelling dat ze na de geboorte van haar eerste kind, dat in januari wordt verwacht, stopt met topsport. ,,Ja, heel even'', zegt ze licht verongelijkt. ,,Ik zal wel minder gaan doen, maar zeker niet minder gaan rijden. Dat zou zonde zijn met een paard van het niveau Salinero; die is nog maar tien jaar jong en begint net. Bovendien heb ik zo veel in het paard geïnvesteerd, dat een eenmalige deelname aan de Olympische Spelen wel heel weinig zou zijn. Ik wil nog EK's en WK's rijden en in 2008 naar Peking; daarna zien we verder. Ja natuurlijk, heeft een dressuuramazone een houdbaarheidsdatum, alleen die heb ik nog niet bereikt. Trouwens, in de paardensport ben je niet keigoed op je zestiende, daar moet je nu eenmaal wat ouder voor zijn.''

Maar er is ook een economische reden om na het voltooide moederschap de internationale pistes te blijven bezoeken, zo eerlijk is Van Grunsven ook om dat toe te geven. ,,Ik moet een bedrijf runnen en dat gaat een stuk makkelijker als ik internationaal goed presteer. Nee, niet voor de verkoop, want ik ben geen handelaar. Ik verkoop hooguit één paard per jaar, alleen als-ie niet goed genoeg is voor de top. Ik verdien mijn geld met een aantal goedgekeurde dekhengsten, het geven van clinics, prijzengeld, wedstrijdpremies, sponsors en mijn kledinglijn.''

Maar vreemd genoeg schiet Van Grunsven bijna in een stuip als ze vervolgens voor zakenvrouw wordt versleten. ,,Ik kan goed paardrijden, maar helemaal niet goed tellen'', zegt ze. En terwijl ze op haar oren wijst: ,,Getalletjes gaan er hier in en daar uit. Het interesseert me echt geen zier. Zo lang de tent draait, vind ik het best. Ik zit een beetje op mijn geld, dat wel, maar zou niet weten hoeveel ik heb, echt géén idee. Toen ik Salinero duur moest kopen, dacht ik: dan doe ik mijn auto of dit of dat weg, want dát paard wil ik hebben. Ik ben geïnteresseerd in paarden en in mijn kledinglijn, maar zeker niet in de zakelijke kant van mijn bezigheden.''

De amazone moet eveneens lachen als ze `de moeder van de dressuur' wordt genoemd. ,,Dat is een beetje overdreven. Ik ben degene die de dressuursport in Nederland naar een hoger niveau heeft getild, dat wel. Anderzijds heb ik altijd veel moeite gedaan de sport te promoten. Dat kan overigens alleen nadat je goed hebt gereden. Onze sport is niet zo universeel als voetbal. Daarom vind ik het mijn plicht dressuur positief uit te dragen.''

Nu ze succesvol is en de jurering nauwelijks meer ter discussie staat, gaat Van Grunsven dat goed af. Maar er is een periode geweest dat de duisterheid haar gemoedstoestand beheerste. Vooral ten tijde van de Spelen van Atlanta in 1996 en de twee jaren erna heeft ze juryleden vervloekt. ,,Voor mijn gevoel ben ik destijds een aantal keren ten onrechte tweede geworden. Het ergste was bij de WK van 1998 in Rome, waar ik de eerste dag stukken beter reed dan mijn concurrente, de Duitse Isabell Werth, maar zij desondanks won. Toen heb ik gedacht: ik stop ermee. Tot een collega zei: `We doen het toch omdat we de sport zo mooi vinden.' Ik dacht: ja, zo is het. En vanaf dat moment rijd ik puur voor mijn plezier. Voor mezelf heb ik uitgemaakt dat ik moet proberen steeds bij de eerste drie te eindigen, zodat ik in ieder geval mijn bedrijf draaiende kan houden. Sinds ik die mentale switch heb gemaakt, gaat het beter. In Rome werd ik door een foute beoordeling van twee juryleden van de wereldtitel afgehouden. Ik heb toen geredeneerd: er zitten hier veel kenners op de tribune plus drie juryleden die het goed zagen. Voor mijn gevoel had ik gewonnen; jammer dat die twee het niet zagen.''

Maar is het niet zo dat Van Grunsven in jury-ogen nu de status heeft waarop Werth de jaren ervoor kon teren? Volgens haar niet. Ze zegt dat de jurering is verbeterd, transparanter is geworden. Omdat er nu geen vijf maar zeven juryleden langs de piste zitten en een circulatiesysteem is ingevoerd. ,,Het is zelfs dusdanig verbeterd, dat ik me er wel eens over verwonder. Vorig jaar won ik een internationale wedstrijd in Duitsland, evenals een Zweed en een Deen. Dat was vroeger ondenkbaar; als je in Duitsland reed, won een Duitser. Natuurlijk waren Duitsers lange tijd toonaangevend, maar als ze dat op een dag niet waren, werd je toch tweede.''

De nieuwe wind woei ook tijdens de Spelen in Athene, waar Van Grunsven na een achterstand van vier procent op de eerste dag alsnog goud won. ,,Dat was voorheen onmogelijk'', zegt ze. ,,Dan zou een dergelijke achterstand nooit goedgemaakt kunnen worden, ook al had ik alles uit de kast gehaald. Vroeger waren de rijders op plekjes ingedeeld. Daar is nu geen sprake meer van. Je ziet het aan de favorieten; als die slecht rijden is het niet meer vanzelfsprekend dat ze hoog eindigen.''

Hoezeer er is vernieuwd, de traditionele presentatie van dressuurruiters is gebleven. Wordt het niet tijd de sport wat showyer te maken? Niet als het aan de prima donna zelf ligt. Het mag van Van Grunsven best iets minder klassiek, zo lang de uniformiteit maar wordt gehandhaafd. ,,Ik vind het wel mooi die hoed en dat jasje. Als de kledingvoorschriften ingrijpend zouden worden versoepeld, loop je het risico dat dressuur een modeshow wordt. Dat zou ik vreselijk vinden. Als ik het goed doe let niemand op mij, maar gaat alle aandacht uit naar mijn paard.''

Uiterlijke ingrepen om de sport te populariseren, ze moet er niet aan denken. ,,Wat moet ik dan? In mijn bh op een paard gaan zitten?'', klinkt het uitdagend. ,,Waarom kijken mensen graag naar beachvolleybal? Door het vele bloot, minder door de sport. Is dat positief? Ik vind van niet. Wie mooie lichamen wil zien, koopt maar de Playboy.''

Minder strak in de leer is Van Grunsven in haar muziekkeuze voor de kür, die modern mag zijn. Op dat gebied vindt ze zichzelf een vernieuwer. ,,Ik doe niets anders dan grenzen verleggen. Ik was de eerste met een eigen compositie, de Bonfire Symphonie. En ik was de eerste die zelf een stuk heeft ingezongen, zoals voor `Athene'. Ik heb eerder het gevoel dat ik op de rem moeten trappen, omdat anderen me niet kunnen volgen. Bij de Spelen in Atlanta sloeg de Bonfire Symphonie niet aan, omdat men de muziek niet kende. Een jaar later riep iedereen dat het `de mooiste kür ooit was'. Maar toen was het te laat. Ik laat me er evenwel niet door ontmoedigen en blijf zoeken naar verbeteringen, anders word je nooit een winnaar.''

En winnen deed Van Grunsven. In 2000 bij de Spelen van Sydney, waar ze met een gouden medaille afscheid nam van Bonfire, met wie ze tien jaar succesvol was geweest. Specialer kon een zege niet zijn, vond ze vier jaar lang. Tot de Spelen in Athene kwamen en ze tranen met tuiten huilde na opnieuw goud te hebben gewonnen. Met een ander paard, dat was pas één keer eerder vertoond. Van Grunsven leverde een unieke prestatie, die door de dood van haar vader (vier maanden eerder), haar zwangerschap en de herinnering aan een beenbreuk van het jaar daarvoor nieuwe, diepe emoties aanroerde.

En dan te weten dat Van Grunsven haar olympische titel prolongeerde met een paard waarmee ze het aanvankelijk niet zag zitten. Het dier had al een jaar bij haar op stal gestaan, voor ze er op plaatsnam. En dat was ook nog op sterk aandringen van vriend en trainer Sjef Janssen, die zei: `Probeer het toch eens.' En bij die eerste kennismaking ontstond er elektriciteit. Van Grunsven: ,,Het eerste wat ik dacht was: wauw, wat een paard.'' Dan is het toch merkwaardig dat ze er een jaar lang niets in heeft gezien. ,,Maar ik heb het wel in één seconde gevoeld'', riposteert de amazone. ,,Waarom ik Salinero eerst niet zag staan? Hij was niet mooi en zwaar gebouwd.''

De latere olympisch kampioen was in Duitsland gekocht door Tess Gilder, een Amerikaanse klant van Van Grunsven, die aanvankelijk van een verkoop niets wilde weten. Van Grunsven mocht Salinero berijden, maar dat zag ze zelf niet zitten. ,,Daar voelde ik me niet prettig bij. Er kan altijd iets gebeuren. Het is dat Tess Gilder me mag, anders zou ik Salinero nooit hebben kunnen kopen. Ze wilde een beetje de eigenaresse blijven, zodat Salinero voor één procent haar eigendom is gebleven. Dat begrijp ik wel. Een vrouwenkwestie; heeft te maken met gevoel. Maar het was wel een giga-investering. Hoeveel wil ik niet zeggen, maar Salinero is wel het enige paard dat ik voor zo'n bedrag heb gekocht. Ik heb het gedaan, omdat het de kans van mijn leven was. Maar zo veel geld zal ik nooit weer voor een paard uitgeven.''