Zeker negen referenda

De Europese grondwet – eigenlijk grondwettelijk verdrag van de Europese Unie – zal pas in werking treden nadat zij door alle lidstaten is bekrachtigd (geratificeerd). Daarvoor hebben de 25 regeringen twee jaar de tijd. Ratificatie kan op twee manieren plaatsvinden: via parlementaire instemming (al dan niet na een adviserend referendum) of via een bindend referendum.

In een groot aantal EU-landen zal een referendum worden gehouden. Van negen landen staat dat inmiddels vast: België, Denemarken, Frankrijk, Groot-Brittannië, Ierland, Luxemburg, Nederland, Portugal en Spanje. Vrijwel zeker is dat Polen en Tsjechië zich daar nog bij zullen voegen, en waarschijnlijk Litouwen en Slovenië ook. Letland is een twijfelgeval en in de overige elf landen is een referendum onwaarschijnlijk of uitgesloten.

Italië, waar geen referendum zal worden gehouden, is er op gebrand de Europese grondwet als eerste te bekrachtigen. De regering-Berlusconi streeft er naar de ratificatiewet nog dit jaar door het Italiaanse parlement te loodsen.

De verwachting is dat de cyclus van referenda meer dan een jaar gaat bestrijken. Spanje bijt daarin vrijwel zeker het spits af. Madrid heeft de 20ste februari aangewezen als datum voor de volksraadpleging. Groot-Brittannië en Tsjechië zullen in het voorjaar van 2006 waarschijnlijk tot de hekkensluiters behoren.

De uitkomst van de referenda in een groot aantal landen is ongewis. Formeel is ratificatie door alle lidstaten vereist voordat de grondwet van kracht kan worden. Maar dit betekent volgens Europa-watcher Daniel Keohane van de Londense denktank Centre for European Reform niet automatisch dat zij in de prullenbak kan als de bevolking van een of meer landen haar per referendum afwijst. Afwijzing door een kernland telt zwaar, maar in andere gevallen duikt volgens hem een breed scala aan scenario's op voor uitzonderingsbepalingen en vormen van versterkte samenwerking met inachtneming van deze Europese grondwet op.