Aantal burgerdoden Irak ruim 100.000

Onderzoekers schatten dat 100.000 Iraakse burgers tot nu toe de dood hebben gevonden als gevolg van de militaire interventie in Irak in maart 2003.

Dat blijkt uit een studie onder leiding van geleerden van de Johns Hopkins Universiteit en de Columbia Universiteit in de Verenigde Staten en de Al-Mustansiriya Universiteit in Bagdad. Dit aantal, volgens de auteurs een ,,conservatieve aanname'', is drie keer zo hoog als de hoogste eerdere schatting.

De belangrijkste doodsoorzaak is direct geweld, voornamelijk bij luchtaanvallen door coalitietroepen, aldus de studie, die gisteren door het Britse medische tijdschrift The Lancet werd gepubliceerd. De meeste slachtoffers zijn vrouwen en kinderen.

De onderzoekers baseren hun bevindingen op interviews met ongeveer 990 huishoudens verspreid over Irak. De huishoudens, verdeeld in 33 clusters van 30, werden door Iraakse onderzoekers ondervraagd over samenstelling, geboorten en sterfgevallen sinds januari 2002.

Van huishoudens die sterfgevallen meldden, werden datum, oorzaak en omstandigheden van gewelddadige sterfgevallen genoteerd. Het relatieve risico van overlijden in verband met de invasie van 2003 en de bezetting daarna werd vastgesteld door de steftecijfers (mortaliteit) in de maanden na de invasie te vergelijken met die in de periode ervoor.

Het aantal burgerdoden als gevolg van de oorlog werd tot dusverre geschat op tien- tot maximaal dertigduizend. De bladen van het Amerikaanse krantenconcern Knight Ridder meldden vorige maand dat het Iraakse ministerie van Volksgezondheid sinds april dit jaar probeert het aantal burgerslachtoffers bij te houden. Tot september waren 3.487 doden geteld. Het aantal Amerikaanse militaire doden staat nu op 1.111 sinds de invasie, van wie 849 in oorlogssituaties.

Voor Iraakse burgers is het gevaar van voortijdig overlijden met 250 procent gestegen sinds Saddam Hussein ten val werd gebracht, aldus de studie, terwijl het risico een gewelddadige dood te sterven 58 maal zo hoog is als vóór maart 2003.

De meest dodelijke plaats voor burgers in Irak is het gebied rond het rebellenbolwerk Falluja, dat al maandenlang doelwit is van Amerikaanse luchtaanvallen. In een cluster van huishoudens in deze stad werd tweederde deel van alle gewelddadige sterfgevallen gemeld. Als de doden daar niet worden meegerekend is het risico van een voortijdige dood met 150 procent gestegen.

In een commentaar schrijft de hoofdredacteur van The Lancet, Richard Horton, dat het onderzoek in oorlogsomstandigheden is uitgevoerd en dat de resulterende beperkingen – zoals vooringenomenheid bij de ondervraagden – meteen moeten worden erkend. Niettemin komt Horton tot de conclusie dat een grondige herziening van de Amerikaanse en Britse strategie vereist is om verdere onnodige verliezen te voorkomen.