`Kunst in Syrië heeft nieuw bloed nodig'

In Syrië werd onlangs een fotogalerie gesloten en werden twee kunstfestivals stilgelegd. Organisator Issa Touma vecht het aan. ,,De gevangenis in? Dat kan me niet schelen.''

Alles deden de autoriteiten in de Syrische stad Aleppo eraan om het festival International Photography Gathering en het Women's Art Festival te verhinderen. Eind september werd op een dag de vergunning ingetrokken en kort erop vernieuwd. ,,Daarna lieten de autoriteiten de elektriciteit steeds afsnijden'', zegt organisator Issa Touma.

Alles deden Touma en tientallen kunstenaars eraan om twee van de belangrijkste kunstfestivals van de Arabische wereld te laten doorgaan. In de duisternis van enkele voormalige legerbarakken in Aleppo, die een paar jaar geleden werden gekraakt, hingen mensen foto's op bij het licht van hun mobiele telefoon. ,,Toen bij een lezing van de Nederlandse fotograaf Harold Naaijer de stroom weer uitviel, verlichtten bezoekers de ruimte van buitenaf met de lampen van hun auto's'', vertelt Touma. En toen het echt niet meer ging, werden de festivals verplaatst naar Le Pont Gallery, de fotogalerie van Issa Touma.

Toch viel twee weken geleden voorlopig het doek. Le Pont Gallery werd gesloten; politie-agenten verzegelden de deuren. Touma en zijn mede-organisatoren brachten nog wel wat computerbestanden in veiligheid, maar werden afgesneden van ruim 600 foto's en kunstwerken – onder meer van Nederlanders. ,,We kunnen nergens meer bij'', zegt Touma.

Touma is een paar dagen op bezoek geweest in Nederland, waar hij de afgelopen jaren steun heeft gekregen – van het Prins Claus Fonds en ook van het Noorderlichtfestival. Voor hij afreist naar Denemarken is Touma – een kleine, beweeglijke, gemakkelijk pratende man – een paar uur op Schiphol. ,,Ik ben helemaal niet tegen de Syrische regering. Het probleem voor de autoriteiten is dat ze geen controle hebben over mij'', zegt hij.

Syrië wordt sinds 1963 geregeerd door het militaire regime van de Ba'ath-partij. President Bashar al-Assad sinds hij vier jaar geleden zijn vader opvolgde niet de gehoopte hervormingen gebracht. ,,De democratisering in Syrië betekent niet meer vrijheid voor het volk, maar meer vrijheid voor de ministers, die hun eigen gang gaan'', zegt Touma. ,,Zoals de minister van cultuur, die nu oorlog voert tegen mij.''

Het kunstklimaat in Syrië is verstikkend, zegt Touma. ,,Er zijn enkele goede kunstenaars, maar ze staan nauwelijks met elkaar in verbinding en helemaal niet met kunstenaars in het buitenland. Dat is dodelijk. Vergelijk het met de huwelijkstradities op het platteland. Daar trouwt al eeuwen lang iedereen met zijn neef of nicht. In de dorpen zie je dan ook veel mensen met afwijkingen: zes vingers, of een raar gezicht [hij vervormt met zijn handen zijn gezicht]. In die families is nieuw bloed nodig – en hetzelfde geldt voor de kunst in Syrië.''

Om te zorgen voor dat nieuwe bloed begon Touma in 1992 zijn eerste galerie, die snel sneuvelde door gebrek aan ervaring. In 1996 richtte hij Le Pont Gallery op in Aleppo, de tweede stad van Syrië, en zette hij de twee festivals op. Met kunst van vrouwen uit de hele wereld, met Westerse en Arabische fotografie – een unicum in de Arabische wereld. ,,De festivals zijn meteen een groot succes geworden. We trekken tienduizenden bezoekers, eerst vooral uit Syrië, de laatste jaren ook uit Europa.''

Tot ergenis van de lokale autoriteiten en de functionarissen van de Ba'athpartij, die de festivals en de galerie van meet af aan hebben tegengewerkt. ,,Ik verwacht niet dat de autoriteiten kennis hebben van de kunst van het begin van de eenentwintigste eeuw, maar wel van de kunst van het begin van de twintigste eeuw,'' zegt Touma. Die kennis hebben ze niet. ,,Ze vinden het eng dat we succes hebben met kunst die ze niet begrijpen.''

Begin dit jaar moest Touma bij het stadsbestuur komen. ,,Ze wilden van alle deelnemende kunstenaars een kopie van het paspoort, en ze wilden de werken van tevoren zien met het recht om ze te weren. Ik heb natuurlijk `nee' gezegd. Ik ben geen veiligheidsagent voor de kunstwereld.'' De eisen passen volgens Touma in het autoritaire Midden-Oosten. ,,Al jaren zeggen Arabische leiders dat ze gaan veranderen, ze doen het niet. Ik vind de oorlog in Irak verschrikkelijk. De mensen betalen met hun bloed voor een democratisch ideaal. Maar nu Bush Irak heeft bezet, beseffen de leiders hier dat ze moeten oppassen.''

Touma is een gerechtelijke procedure begonnen tegen de sluiting, die door de premier is gelast. Hij loopt het risico in de gevangenis te belanden. ,,Dat kan me niet schelen. Er is geen enkele wettelijke grond om iemand die kunst toont op te sluiten. Ik denk dat ze nu eerst overwegen om mij te beletten nog buitenlandse reizen te maken.'' Maar wat de autoriteiten ook doen, ,,ze kunnen me niet stoppen, ik zal nooit ophouden kunst te tonen.''