Peijs en NS weer in onderhandeling

Minister Peijs (Verkeer, CDA) gaat weer onderhandelen met NS en ProRail over betere prestaties in het reizigersvervoer. Dat heeft een woordvoerder van het ministerie vanmorgen bevestigd.

Het nieuwe overleg is afgedwongen door de Tweede Kamer die eerder deze maand scherpe kritiek uitte op de wijze waarop de minister en staatssecretaris Schultz NS een concessie voor de komende tien jaar, en ProRail een concessie voor onbepaalde tijd wilden verlenen. De vervoerders zouden zelf jaarlijks hun plannen concreter invullen en die aan de bewindslieden voorleggen. De verschillende fracties verlangden op allerlei onderdelen betere prestaties en minder vrijblijvendheid. Daarop liet Peijs weten alleen te willen praten over eisen die door een meerderheid van de Tweede Kamer werden gedragen.

Uit het stuk dat vandaag namens de fracties aan de minister is gezonden, blijkt dat de meerderheid in de Tweede Kamer volgend jaar alleen prijsstijgingen toestaat als de spoorbedrijven goed presteren. Zo moeten de treinen nog vaker op tijd rijden, dienen er voldoende zitplaatsen te zijn in vooral schone wagons en moet de gemiddelde snelheid omhoog.

De Tweede-Kamerfracties zijn verdeeld over de maximale prijsverhoging van het treinkaartje: GroenLinks vindt anderhalf procent genoeg, de PvdA gaat niet verder dan de inflatiecorrectie en de regeringspartijen CDA en VVD zitten daar weer iets boven. De PvdA wil bovendien het consumentenoordeel betrekken bij de verhoging.

De afwikkeling van het treinverkeer op de stations moet volgens de fracties eveneens beter. Bovendien moeten de stations schoon zijn. Tegelijk moet NS de informatie aan het publiek verbeteren, aldus de wensenlijst van de Tweede Kamer.

Een grote Kamermeerderheid vraagt van Peijs en NS alsnog een visie op het treinverkeer in de toekomst en de relatie met het andere openbaar vervoer en het autoverkeer. Daarbij gaat het om de vraag hoe de steden, niet alleen in de Randstad, ook na 2010 bereikbaar blijven via het toch al drukbezette spoornet.

De fracties verlangen bovendien van minister Peijs dat ze betere afspraken gaat maken tussen NS en de spoorbeheerder Prorail, bijvoorbeeld over de verantwoordelijkheid voor de storingen. Zolang daar geen precieze duidelijkheid over bestaat, is het moeilijk om de partijen af te rekenen op de resultaten.

Zo is NS verantwoordelijk voor het op tijd rijden, maar wil de vervoerder niet beboet worden voor vertragingen als zijn ontstaan door sein- en wisselstoringen, omdat die onder verantwoordelijkheid van ProRail vallen. De oorzaak van vertragingen kan ook bij derden liggen. Zo zijn er jaarlijks ongeveer 3.800 gevallen van vandalisme aan trein of spoor, waarvan er duizend tot vertraging leiden. Hiervoor wil geen van beide partijen verantwoordelijkheid dragen.