`Nederland schendt VN-kinderverdrag'

Nederland schendt het VN-verdrag inzake de rechten van het kind. De behandeling van alleenstaande minderjarige asielzoekers door de Nederlandse overheid is in strijd met bepalingen uit dat verdrag. Dat stellen deskundigen in internationaal jeugdrecht en vreemdelingenbeleid. Volgens hen voldoet Nederland niet aan de verdragseis dat de overheid altijd het belang van het kind vooropstelt.

,,Nederland schendt de in het verdrag vastgelegde rechten van die kinderen op een goede, normale en continue ontwikkeling'', betoogt emeritus hoogleraar familie- en jeugdrecht Jaap Doek. Doek is voorzitter van het VN-comité voor de rechten van het kind en werkte mee aan het opstellen van het kinderrechtenverdrag.

Het beleid is juist kindvriendelijk, zeker in vergelijking met omringende landen, reageert een woordvoerder van het ministerie van Justitie. ,,Het verwijt dat ons wordt gemaakt geldt eigenlijk de mensen die deze kinderen naar Nederland sturen. Zij zijn verantwoordelijk.'' Volgens de woordvoerder zou het ,,een enorme aanzuigende werking hebben'' als deze kinderen in Nederland mogen blijven.

Als gevolg van het vreemdelingenbeleid moet circa negentig procent van de alleenstaande minderjarigen die in Nederland asiel aanvragen (ama's) terug naar hun land van herkomst. Omdat uitzetting alleen mag bij adequate opvang in het land van herkomst of na het achttiende jaar, brengen deze ama's vaak jaren door in Nederland.

,,Het is onmenselijk, en in strijd met het verdrag, om kinderen die hier geworteld zijn terug te sturen'', stelt bijzonder hoogleraar rechten van het kind Jan Willems van de Vrije Universiteit in Amsterdam. Volgens Doek en Willems laat de overheid het vreemdelingenbeleid prevaleren boven het jeugdrecht, wat het VN-verdrag in hun ogen niet toestaat.

Dat verdrag, in Nederland sinds 1995 van kracht, eist dat de overheid in al haar handelingen het belang van het kind als a primary consideration (een eerste overweging) meeweegt. Het belang van het kind kan dus geen ondergeschikte rol spelen, vindt jurist Goos Cardol, die de verhouding tussen het Nederlandse vreemdelingenbeleid en het verdrag onderzoekt.

Ook hoogleraar migratierecht Thomas Spijkerboer ziet een ,,onmiskenbare spanning'' tussen het vreemdelingenbeleid en het verdrag. Spijkerboer, die zichzelf als ,,formalistisch jurist'' typeert, wil niet spreken van verdragsschending. Maar het ama-beleid noemt hij ,,heel erg hard, en heel erg schadelijk. Zo zoekt de overheid de extreme ondergrens van de wet op.''