CDA-rapport: Splitsen van energienet is niet nodig

Het weghalen van de gas- en elektriciteitsnetten bij de energiebedrijven is niet noodzakelijk voor goede concurrentie in de energiesector. Dat staat in een rapport van het wetenschappelijk instituut van het CDA, dat volgende week wordt gepresenteerd. Het rapport is gemaakt in samenwerking met de TU Delft.

Dat zegt Tweede-Kamerlid Hessels, energiewoordvoerder van het CDA. Het rapport zal volgens Hessels van ,,belangrijke invloed zijn'' op de opstelling van het CDA in het verdere politieke debat over nut en noodzaak van de afsplitsing. Hessels zat zelf in de adviescommissie voor het rapport. Het CDA wil afsplitsing van de netten nog niet uitsluiten, maar wil wel dat minister Brinkhorst (Economische Zaken) beter kijkt naar de alternatieven, namelijk goed markttoezicht door de DTe. Dit is waar ook de energiebedrijven voor pleiten. Voor Brinkhorst staat de splitsing ,,niet ter discussie'', omdat deze volgens hem in het belang van de consument is.

De energiebedrijven Essent, Nuon, Eneco en Delta hebben Brinkhorst in een `brandbrief' andermaal gewaarschuwd voor de gevolgen van de opsplitsing van de energiebedrijven. De splitsing is volgens hen niet nodig om concurrentie te bevorderen, de hoge kosten van de operatie zullen afgewenteld worden op de klanten, en de energiebedrijven zullen de dupe worden van Brinkhorsts `Alleingang'. Doordat scheiding van eigendom tussen netten en handel/productie nergens in Europa verplicht is, stellen zij, zullen de energiebedrijven zodanig verzwakt worden dat ze niet lang zelfstandig kunnen blijven bestaan.

Het ministerie van Economische Zaken zegt dat er weinig nieuws in de brief staat, en spreekt van een ,,herhaling van zetten''.

Tegen Brinkhorsts voornemens bestaat ook bij diverse provincies – grote aandeelhouders van de energiebedrijven – de nodige weerstand. Zij vrezen dat hun aandelenpakket minder waard wordt als het `in tweeën wordt gedeeld'.

Brinkhorst kondigde dit voorjaar aan dat hij de netten vóór 2007 wil weghalen bij de energiebedrijven en onderbrengen bij onafhankelijke netbeheerders. Volgens hem biedt dat de beste garantie voor open concurrentie tussen verschillende aanbieders van energie. Bedrijven die gebruik moeten maken van de netten van andere bedrijven zouden daardoor in het nadeel zijn. De aandeelhouders mogen hun gehele belang in het handels- en productiebedrijf en een minderheidsbelang in de netten verkopen.