`Burgemeesters zijn geen politieagenten'

Burgemeesters moeten signalen van moslimextremisme doorgeven aan de AIVD, vindt het kabinet. De oppositie in de Tweede Kamer is kritisch.

Natuurlijk. Een burgemeester mag veiligheidsdienst AIVD inlichten als hij in zijn gemeente iets tegenkomt dat een gevaar vormt voor de democratische rechtsorde, aanwijzingen dat er een terreurcel opereert bijvoorbeeld. Sterker nog, dat is hij verplicht als hoeder van openbare orde en veiligheid in zijn gemeente. Daarover is de Tweede Kamer het wel eens.

Maar anders wordt het als je een burgemeester vraagt intensief contacten te leggen met de moslimgemeenschap om haar ,,weerbaarheid'' tegen radicalisering te vergroten, terwijl je ze tegelijkertijd vraagt signalen van extremisme die je opvangt als gevolg van die contacten door te geven aan justitie en AIVD?

Dat was namelijk het verzoek dat de ministers Remkes (Binenlandse Zaken) en Verdonk (Integratie) afgelopen zomer deden aan de burgemeesters van de dertig grootste gemeenten in Nederland (G30), zo bleek afgelopen zaterdag in deze krant.

Die vraag zorgt wel voor discussie. Burgemeester Wallage van Groningen (PvdA) uitte zaterdag al de vrees dat alle contacten met moslims op die manier in het teken komen te staan van terreurbestrijding. Terwijl er zoveel andere belangrijke zaken met de moslimbevolking te bespreken zijn. Het is goed om op te letten, zei hij: ,,Maar als met het opvangen van signalen wordt bedoeld: een aanloop tot opsporen, dan ben ik het daar niet mee eens.'' Of zoals burgemeester Vreeman (PvdA) het verwoordde: ,,Ik ben niet de Sherlock Holmes van Tilburg.''

Tweede-Kamerlid Thea Fierens, woordvoerster Binnenlandse Zaken in de PvdA-fractie, staat achter haar partijgenoten in het lokale bestuur: ,,Je mag van burgemeesters verwachten dat ze alert in de samenleving staan. Maar de vraag die Remkes stelt gaat me echt een stap te ver. Nu lijkt het alsof je oproept om contact te leggen met de moslimgemeenschap, terwijl de drive erachter is: het verzamelen van inlichtingen. Zo wordt van de burgemeester een verborgen opsporingsambtenaar gemaakt.'' Haar fractiegenoot Peter van Heemst die over Justitie gaat, vindt de reactie van sommige burgemeesters hier en daar wat ,,overspannen'', maar heeft wel moeite met de manier waarop de vraag bij het lokale bestuur wordt neergelegd: ,,Ik zou graag willen dat de ministers zelf goede contacten zouden leggen met de moslimgemeenschap.''

Ook Marijke Vos van GroenLinks is kritisch over de vraag aan de burgemeesters van de grote steden: ,,Burgemeesters zijn er in een gemeente voor de veiligheid van iedereen, zij moeten de democratische rechtsorde bewaken. Ze hebben daarbij in zekere zin een vertrouwensfunctie. Het is heel belangrijk dat een burgemeester contacten legt, zicht heeft op wat er gebeurt. Als aan de andere kant het idee ontstaat dat hij zit te spioneren, dan zet je daarmee de dialoog op het spel.'' GroenLinks heeft de ministers Remkes en Verdonk in schriftelijke vragen om opheldering gevraagd.

In tegenstelling tot de linkse oppositie staan de grote regeringspartijen CDA en VVD vierkant achter de actie van het kabinet. ,,Het is een oproep aan de burgemeester,'' zegt Kamerlid Sybrand van Haersma Buma (CDA). ,,Die krijgt er niet een opsporingstaak bij. Dit is niets anders dan zorgvuldig omgaan met de taken die hij al heeft. Waakzaamheid wordt in deze tijden van iedereen gevraagd. Het is in het belang van iedereen dat burgemeesters zoveel mogelijk contact leggen met moskeeën. En als je dan iets verdachts ziet, houd je dat niet voor je. De consequenties van niet melden kunnen veel groter zijn.''

Clemens Cornielje (VVD) ziet de informatie die een burgemeester vergaart als nuttig ,,bijproduct'' van zijn taak om sociale cohesie te bevorderen. ,,Als je er in die contacten achterkomt dat er groepen zijn die helemaal niet willen integreren, dan is dat waardevolle informatie die je mag en moet benutten omdat het haaks staat op die doelstelling van cohesie.''

Cornielje ziet het vooral als een probleem van beeldvorming: ,,Het is maar welke taakopvatting je presenteert. Als het openbaar bestuur zegt: we gaan infiltreren in bepaalde groepen, keer je die groepen van je af. Maar als je er in je contacten achterkomt dat er bijvoorbeeld vrouwen thuisgehouden worden, dan mag ik hopen dat de burgemeester dat doorgeeft.''