Akkoord EU over biometrisch paspoort

Paspoorten van burgers van de Europese Unie zullen worden voorzien van digitale foto's en een vingerafdruk van de drager. Daarover hebben de Europese ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken (JBZ) vanochtend in Luxemburg overeenstemming bereikt.

Met het opnemen van een gelaatsscan moet over 18 maanden zijn begonnen. Over 36 maanden volgt de invoering van biometrische vingerafdrukken in het paspoort. Biometrische kenmerken in reispapieren zijn volgens de EU-ministers noodzakelijk in de strijd tegen terrorisme. Bovendien stellen de Verenigde Staten vanaf volgend jaar dergelijke kenmerken verplicht voor Europeanen die naar de VS reizen

Gisteren besloten de ministers voorts tot betere onderlinge toegankelijkheid van de nationale strafregisters waarin gegevens van burgers zijn opgenomen. Naar verwachting zal de onderlinge uitwisseling van gegevens van politie- en veiligheidsdiensten tussen de Europese lidstaten wijziging van de Nederlandse Wet op de politieregisters noodzakelijk maken. Een woordvoerder van minister Remkes (Binnenlandse Zaken, VVD) heeft dat vanochtend bevestigd. De Wet op de politieregisters beperkt nu de uitwisseling van die gegevens, met het oog op de bescherming van privacy van burgers. Uitwisseling van informatie uit dergelijke registers tussen lidstaten is nu al mogelijk op basis van het Europees rechtshulpverdrag uit 1959. Afgelopen juli besloten de JBZ-ministers die informatieverstrekking te verbeteren na de affaire-Fourniret, de Franse zedendelinquent die na veroordelingen in Frankrijk in België opnieuw in de fout ging. Fourniret kon in België zonder problemen een bewijs van goed gedrag overleggen, omdat de Belgische autoriteiten geen toegang hadden tot de justitiële gegevens in Frankrijk. Met name België en Frankrijk drongen toen aan op de vorming van een Europees strafregister.

Op voorstel van het Nederlands voorzitterschap spraken de Europese ministers gisteren ook af dat in 2010 een gemeenschappelijk Europees asielbeleid en immigratiepolitiek tot stand moet zijn gekomen. De Europese ministerraad moet daar volgende maand nog mee instemmen. De JBZ-ministers waren gisteren verdeeld over de haalbaarheid van dat `Haagse programma'.

De vraag of er buiten de EU-grenzen opvangcentra voor asielzoekers moeten komen, werd gisteren niet beantwoord. Met name Duitsland en Italië hadden daarvoor gepleit om asielzoekers uit Noord-Afrika een halt toe te roepen. Verdonk noemde dat ,,een beladen punt dat nadere studie behoeft.'' De Europese commissie is gevraagd om te onderzoeken of het haalbaar is om asielaanvragen ,,gezamenlijk af te handelen binnen of buiten de EU.''