De mompelende detective

Een nieuwe versie van The Singing Detective, geproduceerd door Mel Gibson, is in Amerika geflopt en komt in Nederland niet eens in de bioscoop. Wel verschijnt de film deze week op dvd.

Het mondharmonicaatje dompelde de kijker meteen onder in een sfeer van weemoed en verlangen. Het leek een lieflijk herkenningsmelodietje, maar onder het vreedzame oppervlak klonk ook iets navrants door – alsof de nostalgie gepaard ging met schurende pijn. Net als in de koortsvisioenen van de door psoriasis getroffen misdaadboekjesschrijver in zijn ziekenhuisbed, die in 1986 de hoofdpersoon was in de beroemde BBC-serie The Singing Detective. In de nieuwe bioscoopverfilming is het bitterzoete deuntje echter vervangen door een paar nondescripte rockakkoorden. En dat geldt ook voor de rest van de film: het lijkt erop, maar het is het niet.

The Singing Detective was de hallucinerende, halfautobiografische tv-serie van Dennis Potter, de schrijver met de huidziekte. In zes afleveringen schiep hij een weefwerk van dromen, herinneringen en giftige fantasieën. Het ene verhaal golfde over het andere heen. Terwijl de man in het bed langzaam genas, ontvouwden zich zijn oorlogsjeugd in een door bossen omgeven mijnwerkersdorp in Wales, de aanzet voor een verfilming van zijn eigen pulpboekje The Singing Detective en zijn waanbeelden over een vriendin die hem bedroog. En naarmate de serie voortduurde, sprongen de personages steeds vaker van het ene visioen over naar het andere. Het was een doolhof, die – via de VPRO – ook een grote groep Nederlandse kijkers vasthield.

Pas nu blijkt dat Dennis Potter in 1993, een jaar voor zijn dood, nog een Hollywoodscenario voor The Singing Detective heeft geschreven. Hij verplaatste de handeling naar Amerika, gaf zijn hoofdpersoon de naam Dan Dark, verschoof diens jeugd van de oorlog naar de goudgele Californische woestijn in de jaren vijftig, en verving de weemoedige oorlogsmuziek door nummers uit de vlegeljaren van de rock & roll.

Maar vervolgens heeft het script tien jaar lang vruchteloos de ronde gedaan door Hollywood. Totdat het terechtkwam bij de productiemaatschappij van Mel Gibson, die juist van plan was zijn sterrencarrière een jaar lang te onderbreken voor twee projecten naar zijn eigen smaak – en op eigen kosten. Het eerste was The passion of the Christ, en het tweede werd The Singing Detective.

Gibson kende de tv-serie en bewonderde Potters filmscript. Als om zijn goede wil aan te tonen, gaf hij diens kinderen Jane, Sarah en Robert zelfs de titel coproducer. Verder contracteerde hij regisseur Keith Gordon, met de opdracht zich strikt aan de tekst te houden, en hoofdrolspeler Robert Downey jr., die weer op vrije voeten was na diverse gevangenisstraffen wegens drugsgebruik en bijbehorende afkickkuren. Omdat hij al jarenlang met Downey bevriend is, was Gibson zelfs bereid diens torenhoge verzekeringspremie voor de film uit eigen zak op tafel te leggen. En zelf speelde hij de ziekenhuispsychiater, met een onherkenbaar kalend hoofd, een montuurloze bril en de kraakstem van Jack Nicholson.

Beter kon Gibson zijn grote betrokkenheid bij het project niet aantonen. Maar toch lukte het hem niet de tv-serie te evenaren. Potter had zijn eigen doolhof zodanig gekapt, dat er veel te weinig overblijft. Een man in een ziekenhuisbed – niet op een zaal vol schilderachtige patiënten, maar in een eigen kamertje – en wat flashbacks zonder veel betekenis, dat is het zo ongeveer. Af en toe komt er in de tekst nog wel een sterk staaltje van cynisme voorbij, maar dat maakt, los van de oorspronkelijke context, weinig indruk meer.

De eerste berichten waren al meteen niet best. Na een proefvertoning doken er op internet ooggetuigenverslagen op, waarin stond dat allerlei bezoekers voortijdig uit de zaal waren weggeslopen. En na de première, vorig najaar, schreef menigeen dat Downey een respectabele, zelfs Oscar-waardige prestatie had geleverd in een goeddeels mislukte productie. Of, zoals The New York Times meldde: ,,De film hapert waar hij zou moeten doorstromen, schreeuwt waar hij zou moeten fluisteren, en mompelt waar hij zou moeten zingen.''

The passion of the Christ werd zeer omstreden en maakte een miljoenenwinst. The Singing Detective flopte. De film bracht ruim 300.000 dollar op, hetgeen een daverend verlies betekende, en verdween al na een paar weken uit de Amerikaanse bioscopen. Nog slechter ging het in Engeland, waar het origineel nog veel sterker in de herinnering is gebleven. En in Nederland wordt het niet eens meer geprobeerd; de film verschijnt deze week rechtstreeks op dvd, zonder ooit in de bioscopen te hebben gedraaid. Het is een roemloos einde.

The Singing Detective, A-films, vanaf 28 oktober.