Spiritualiteit bij Harnoncourt

Voor dirigent Nikolaus Harnoncourt houdt de authentieke uitvoeringspraktijk allang niet meer op bij barok of classicisme. Met het Concertgebouworkest realiseerde hij in 1997 radicale uitvoeringen van alle symfonieën van Schubert, zijn cd-opname van Verdi's Aida is veelbesproken en zelfs Bruckner behoort tot zijn repertoire.

Een mis van Schubert leidde Harnoncourt bij het Concertgebouworkest nog niet eerder, maar zijn interpretatie van de Mis in Es (1828) sloot gisteravond in zorg en oorspronkelijkheid aan op de werken van Schubert waarin hij het orkest wél al voorging.

In een flamboyant schrijven aan het publiek distantieerde Harnoncourt zich uitdrukkelijk van de relativerende toelichting in het programmablad Preludium, erop wijzend dat hij zelf wél heilig gelooft in de kwaliteit, historische betekenis en religieuze teneur van de Mis in Es. Vooral dat laatste bleek veelzeggend. Net als Schubert stamt Harnoncourt uit een katholieke familie. Schuberts houding ten opzichte het geloof was weliswaar ambivalent, maar de onopgesmukte lieftalligheid van het `Dona nobis pacem' en de dreigende akkoorden onder het `Sanctus' maakten hier kraakhelder dat zijn spiritueel bewustzijn vlak voor zijn dood springlevend was.

Het interessante van de Mis schuilt in de wisselwerking tussen vrees en vertrouwen, duisternis en licht, die aan Harnoncourt zeer besteed bleek. In het met gloeiende accenten gemarkeerde `Gloria' vestigde hij de aandacht niet op het wegnemen der zonden, maar op de duistere kanten van die zondigheid zelf. Het muzikaal hoogtepunt vormde echter het intieme `Et incarnatus est', waarin de menselijke kant van het geloof stem kreeg in het eerder persoonlijk dan uitbundig klinkende solistenensemble en het scherp en verstaanbaar zingende Nederlands Kamerkoor.

Het Koninklijk Concertgebouworkest speelde zowel hier als in Haydns Symfonie nr. 95 in een verkleinde bezetting. De overheersend donkere, sombere kleur van Schubert Mis in Es zou in theorie gebaat kunnen zijn bij een grotere koorklank, maar juist de wendbaarheid van zangers en orkest leidde hier tot een bijzondere opeenvolging van werkelijk dreigende tonen en eenvoudige troost.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest, Ned. Kamerkoor en solisten o.l.v. N. Harnoncourt. Programma met Haydn en Schubert. Gehoord: 22/10 Concertgebouw, Amsterdam. Herh.: 23/10 Paleis voor Schone Kusten, Brussel. Radio 4: 24/10, 14.15 uur.