Sober

Er is ook nieuws dat langzaam gaat. Op 24 juli brachten drie PvdA-leden een rapport uit over energievoorziening in de 21ste eeuw, en pas afgelopen dinsdag hoorde ik een van hen op de radio. Het was emeritus hoogleraar technische natuurkunde Egbert Boeker, die uitlegde waarom hij en zijn hooggeleerde coauteurs kernenergie van de PvdA-taboelijst willen halen. Hij had een genuanceerd verhaal – vandaar natuurlijk dat gebrek aan media-aandacht – dat er op neerkwam dat we in de toekomst wel kernenergie zullen moeten inzetten. We gebruiken namelijk steeds meer energie, maar investeren bij lange na niet genoeg in andere alternatieven voor fossiele brandstoffen. Hij zei: ,,De fractie is kortzichtig als zij én tegen windmolens langs de afsluitdijk stemt, én tegen kernenergie. Zolang we nog aardgas hebben gaat het inderdaad goed, maar daarna?'' Niet dat hij zo dol is op kernenergie, hij zei zich vooral zorgen te maken over het proliferatierisico (een atoombom voor Al Qaeda). Tussen neus en lippen kwam nóg een alternatief: er zouden helemaal geen problemen zijn als iedereen veel soberder ging leven.

Sober leven. Met zuinigheid en vlijt bouwt men huizen als kastelen. Die protestantse instelling waaraan de ontwikkeling van de westerse wereld te danken is. Dat zouden meer mensen moeten doen.

Over mijn overgrootvaders zuinigheid doen allerlei familieanekdotes de ronde. Hoe hij brieven schreef: eerst op de lijntjes (van marge tot marge), dan draaide hij het papier 90 graden, en dwars door de tekst heen vervolgde hij zijn schrijven. Om een vel papier uit te sparen. Ook op portokosten kon hij bezuinigen: je had indertijd een lager tarief voor briefkaarten met minder dan 5 woorden erop. Dus toen zijn zuster een keer een trui voor hem gebreid had (over zuinig gesproken), bedankte hij haar terloops in een briefkaartje door te ondertekenen met W.E. Roodetruiheerlijk. En hoe mijn moeder vele zomervakanties op het buiten van haar grootouders doorbracht, waar de tuin niet gebruikt werd om (in engelse landschapsstijl) van te genieten – dat zou immers zonde zijn! Land moet produceren. Van kleinkinderen werd daarom verwacht dat zij dagelijks appels raapten in de boomgaard, waarna de gave exemplaren naar de markt verdwenen; de familie at de gekwetste vruchten. En het verhaal van de bruiloftsstoet die moest wachten omdat de volgauto met mijn overgrootvader erin opeens verdwenen bleek. Hij had de chauffeur opdracht gegeven langs enkele vrienden van hem te rijden, om daar zakken aardappels af te leveren die hij in de achterbak had gelegd. Want waarom zou je twee keer rijden als je toch al in de buurt bent? Enzovoort.

Zijn zoon, mijn grootvader, was zijn hele leven werkzaam in de energie (een woord dat hij uitsprak met een harde g, net als professor Boeker, trouwens). Hij weigerde stelselmatig om in de auto af te remmen voor de bocht, wat misschien wel brandstof scheelde, maar (zo te horen) de bandenslijtage versnelde. En het raadsel van het theewater: 's ochtends werd een volle (elektrische) ketel aan de kook gebracht. De helft van het water was voor de thee, de andere helft ging in een grote thermosfles. Daar werd dan 's middags lauwe thee mee gezet! Waarschijnlijk was de achterliggende gedachte dat het opwarmen van de ketel zelf veel energie kostte, en dus beter maar één keer kon gebeuren.

Mijn ouders hebben allebei de oorlog bewust meegemaakt, maar volgens mij zat het er sowieso wel in: zij gooien geen eten weg, dat gaat (in zorgvuldig afgewassen lege ijsdozen) de ijskast in om later weer opgewarmd te worden. De routebeschrijving naar het vaste vakantieadres in Frankrijk bevat allerlei besparende aanwijzingen, zoals eerdere afslagen van de autoroute die je kunt nemen om €1,20 aan tol te besparen en adressen van goedkopere tankstations. En de gordijnen uit de zitkamer van hun eerste flat hangen nu, 40 jaar later, in de logeerkamer van hun huidige, vierde huis.

En ik? Ik winkel graag bij de Dirk van de Broek, voor de kick bij de kassa. Ik laat mijn schoenen verzolen tot het echt niet meer kan. Maar verder? Geld besparen gaat nog wel, maar de verspilling van grondstoffen tegengaan is heel erg moeilijk tegenwoordig, vooral omdat het geen geld oplevert. De fietsenmaker wilde mijn oude binnenband wel in de nieuwe buitenband laten zitten als ik aandrong, maar plakken was duurder dan een nieuwe binnenband. Oplaadbare batterijen zijn zo snel leeg, en alkalinebatterijen worden per 10 heel goedkoop aangeboden. (Even de kachel wat lager zetten en het raam op een kier, het wordt nu toch een beetje benauwd hier.) En weet u dat het rendement van een zonnecel nauwelijks opweegt tegen de energie die het kost om er een te maken? En om nou de billendoekjes van onze baby in de wasmachine te stoppen voor hergebruik (een tip die ik ergens op het internet vond), dat gaat me toch echt te ver. Misschien dat ú daarmee beginnen kunt.