Schandaal in VS eist eerste slachtoffer

Het onlangs uitgebroken verzekeringsschandaal in de VS eist zijn eerste slachtoffer. De topman van Marsh & McLennan, de van fraude beschuldigde verzekeringsmakelaar, staat op het punt om af te treden.

Het Amerikaanse Marsh & McLennan werd vorige week aangeklaagd door de gevreesde New Yorkse procureur-generaal Eliot Spitzer wegens het vervalsen van offertes en afpersen van verzekeraars om zoveel mogelijk commissies binnen te halen bij de grootste verzekeringnemers, meestal grote bedrijven.

Marsch behaalde in 2003 11,6 miljard dollar (9,14 miljard euro) omzet en 1,54 miljard dollar winst nettowinst. Aan zulke commissies verdiende Marsh alleen al in 2003 naar verluidt 845 miljoen dollar.

Alsof Eliot Spitzer het nog niet druk genoeg heeft met het doorlichten van de verzekeringssector in de VS, is gisteren uitgelekt dat hij dagvaardingen heeft verstuurd aan vier grote platenmaatschappijen teneinde informatie te verkrijgen over illegale beïnvloeding van hitlijsten van radiostations – wat sinds jaar en dag bekend staat als `pluggen'.

Het waarschijnlijke aftreden van de topman van Marsh, Jeffrey Greenberg, zorgde gisteren voor een opleving van het aandeel op Wall Street. De koers van de verzekeringsmakelaar steeg met bijna acht procent tot 26,79 dollar. Niettemin heeft Marsh sinds de aanklacht van Spitzer bijna de helft van zijn marktwaarde moeten inleveren, terwijl ook de rest van de Amerikaanse verzekeringssector op de beurs werd gestraft voor het schandaal in de Verenigde Staten waarbij grote verzekeraars betrokken zijn.

Stermakelaar William Gilman van Marsh heeft, aldus de aanklacht van Spitzer, sinds de jaren negentig een eigen systeem opgezet van zogeheten `placement services agreements' om zoveel winst te binnen te halen aan commissies. Gilman, die afgelopen dinsdag op non-actief is geplaatst, zou zijn aangemoedigd door Greenberg.

Greenberg is een zoon van Maurice `Hank' Greenberg, topman van AIG, de grootste verzekeraar ter wereld, die ook door Spitzer wordt verdacht. Jeffrey was zelf 17 jaar werkzaam voor AIG voordat hij in 1999 CEO werd bij Marsh.

In wat sinds gisteren het jongste schandaal in de VS heet zijn de vier grote, in New York gevestigde platenmaatschappijen – Universal, Sony BMG, EMI en Warner – door procureur-generaal Spitzer gesommeerd alle documenten en contracten in te leveren die te maken hebben met de promotie van hun artiesten via radiostations.

De wet die muziekpromotors verbiedt om geld aan stations te betalen in ruil voor het draaien van muziek bestaat al jaren. Toch lijkt Spitzer de maatschappijen ervan te verdenken nog steeds te pluggen, zij het op subtielere wijze, via tussenpersonen. Maatschappijen zouden jaarlijks daarvoor tonnen aan stations betalen.