Oerei

Van de schaal is niets meer over, maar dit vogelembryo ter grootte van een pingpongbal zat 121 miljoen jaar geleden wel degelijk in een ei. Dat maakt paleontoloog Zhonghe Zou van de Chinese Academie van Wetenschappen op uit de ovale vorm van het vogeltje en de gehurkte houding met de poten vlakbij de kop. Die houding karakteriseert een vogel die binnenkort uit het ei kruipt (`Science', 22 okt.). Het fossiel, uit het noordoosten van China, is het waarschijnlijk het oudste vogelembryo dat ooit is gevonden. De veertjes, de grote schedel èn de stevige botjes wijzen erop dat we te maken hebben met een nestvlieder: een vogel zoals eenden en kippen die al enkele uren na het uitkomen het nest verlaat en zichzelf kan voeden. Kale en hulpbehoevende jongen van nestblijvers zijn waarschijnlijk pas later in de vogelevolutie ontstaan. Zoals de meeste verwanten uit het Krijt heeft ook dit vogeltje tanden in de bek. Daarentegen ontbreekt een eitand. Deze tand bovenop de snavel waarmee moderne vogels de eierschaal breken is waarschijnlijk later in de evolutie ontstaan.