`Het eigenbelang staat voorop'

Hij is de gouddelver onder de Nederlandse coaches. Toch was het niet louter lof dat zwem- trainer Jacco Verhaeren (35) in Athene ten deel viel na de titelprolongatie van zijn pupil Pieter van den Hoogenband. ,,We zijn niet aan het kantklossen.''

Wie hem op de kast wil jagen, begint over schaatsen en noemt het rondjes draaien op het ijs `een grotere sport dan zwemmen, zeker gelet op het aantal tv-minuten'. Succes verzekerd. Ook vandaag. ,,Vooropgesteld: ik gun het de schaatsers van harte. Maar een wereldsport? Dat waag ik te betwijfelen. Toch besteden we hier in Nederland uren en uren zendtijd aan die sport. Gevolg: schaatsen kan zich professionaliseren, en sponsorteams schieten als paddestoelen uit de grond. Nogmaals: ik gun het ze. Maar een beetje scheef is het wel.''

Hij wil vooral niet overkomen als een verongelijkte zeurkous. Als Jacco Verhaeren (35) ergens een hekel aan heeft dan is het wel aan mekkerende sporters en/of coaches. Zijn stelregel? Topsport begint bij jezelf. Maar hij wil de waarheid ook al is het `zijn waarheid' geen geweld aandoen. ,,Als ik de kijkcijfers van `Athene' zie, dan constateer ik dat zwemmen opnieuw de best bekeken olympische sport was. Dat wetende maakt niemand mij wijs dat het Nederlandse tv-publiek geen belangstelling zou hebben voor onze sport, omdat zwemmen `niet interessant genoeg' en geen kijksport zou zijn. Zwemmen is een wereldsport, punt uit. Ik sprak vorig jaar bij de WK in Barcelona de privé-sponsor van Inge (Aad Ouborg, red.), die bekende verrast te zijn door de respons die hij bijvoorbeeld vanuit Azië kreeg. `Ja Aad, we zijn hier niet aan het kantklossen', heb ik hem gezegd.''

Of weet de sport zich alle successen ten spijt slecht te `verkopen?' Verhaeren: ,,Onzin, kwaliteit genoeg. Sport uitzenden blijkt een kwestie van cultuur. Het heeft niks te maken met het niveau. Daar plukken wij de zure vruchten van, want op deze manier kunnen wij onze sport niet verder professionaliseren. Het is heel simpel: zendtijd betekent exposure betekent sponsors betekent geld om de sport verder te ontwikkelen. Een interview met Pieter over het ontbreken van een dak op het zwembad [in Athene], daar hebben we niets aan. Wedstrijden moeten in beeld worden gebracht. En dan goed, dus met onderwaterbeelden bijvoorbeeld.''

Topsportmanager Patrick Wouters, belangenbehartiger van onder anderen Verhaerens pupil Pieter van den Hoogenband, noemde zwemmen ooit `een ondergewaardeerde wereldsport'. In die woorden kan de oud-rugslagzwemmer uit Rijsbergen zich vinden. ,,Bij de Amsterdam Swim Cup waren de series met het oog op een live-registratie aan het begin de middag vervroegd naar zeven uur 's ochtends. Vervolgens worden we afgescheept met welgeteld anderhalve minuut zendtijd, waarna er heel snel werd overgeschakeld naar de Ronde van Vlaanderen, waar het nog drie uur wachten was op de finish. Met andere woorden: we zijn nog lang niet waar we willen zijn.''

Sportkoepel NOC*NSF zette hem ruim twee weken geleden in het zonnetje, samen met enkele collega-coaches die in Athene `aan de basis stonden van een olympische medaille'. Verhaeren waardeert het gebaar, maar: ,,Sporters dienen in de spotlights te staan, niet hun coaches. Zij zijn voor sporters het middel om hun doel te bereiken, niet meer en niet minder. Een blijk van waardering heb ik ook niet nodig. Ik krijg voldoende schouderklopjes vanuit mijn eigen omgeving. Wat ik die dag veel belangrijker vond, was de oproep van Charles van Commenée bij zijn presentatie als technisch directeur: het vak van coach moet opgewaardeerd worden.''

Want daar wringt de schoen, zeker in de zwemsport. ,,Nederland telt vier fulltime coaches, de overgrote meerderheid moet zichzelf maar zien te bedruipen. Die staan in hun vrije tijd aan de badrand. Het zijn beroepsgekken, ze klagen niet. Als het ten koste gaat van het een of ander, prima, dan moet dat maar. Ik herken dat, want ik heb het zelf ook jarenlang zo moeten doen. Maar eens houdt het op. Een jonge, talentvolle coach als Jeroen Rademaker is afgehaakt omdat met coachen geen droog brood te verdienen valt. En dus moeten we het hebben van liefhebbers. Van types als Dick Bergsma, iemand die gepensioneerd is en in Dordrecht als vrijwilliger actief is. In het voetbal is opleidingscoach een volwaardig beroep, bij ons niet. Terwijl die mensen aan de basis van de topsport werken. Als die basis er niet is of wegvalt, hebben wij bovenin een groot probleem.''

Zelf is hij de uitzondering die de regel bevestigt. ,,Ik mag niet klagen, zeker niet. Maar ik weet nog goed hoe ik tot voor acht jaar geleden elke ochtend om half zes, zes uur op de fiets bij het bad arriveerde, en op de parkeerplaats tien glimmende bolides van mijn zwemmers stonden. Ik werkte halve dagen in een sportschool, ging 's avonds laat naar bed en stond 's ochtends heel vroeg weer naast mijn bed. Was mijn keuze. Maar van sporters kan en mag je dat niet vragen. Sinds '96 is hard gewerkt aan de status van de topsporter. Die had prioriteit. En terecht, maar nu zijn de coaches hopelijk aan de beurt.''

Maandag ontvouwen zijn werkgever, de Stichting Topzwemmen Zuid-Nederland, en hij de plannen voor de nabije toekomst. Details weigert hij prijs te geven. Eén ding is zeker: Verhaeren behoort niet tot het leger der zwartkijkers. Ondanks de overlevingsstrijd die de collega's van Topzwemmen Amsterdam momenteel voeren, en ondanks het gebrek aan slagvaardigheid van de bond. Stellig: ,,Het Nederlandse topzwemmen is niet op sterven na dood. We kunnen terugkijken op drie mooie Olympische Spelen, en d'r zit nog meer in het vat. Dat optimisme is onder meer gestoeld op het model waarmee wij de komende jaren aan de slag gaan, op het topsportbad dat hier in Eindhoven gaat verrijzen én op het simpele feit dat steeds meer jongeren (tussen de zes en zestien jaar, red.) besluiten om te gaan zwemmen. Daar liggen dus kansen. Maar dan kijk ik wel verder dan 2008. In topsport geldt altijd de macht van het getal: je moet eerst heel veel mensen hebben om uiteindelijk via selectieprocedures de nationale ploegen te kunnen voeden.''

Het was niet louter lof dat hem na `Athene' ten deel viel. Verhaeren zou solistisch en (dus) a-collegiaal te werk gaan, en slechts oog hebben voor zijn oogappel Van den Hoogenband, die in de Griekse hoofdstad de titel op de 100 meter vrije slag prolongeerde. `Jacco Verhaeren is een egotripper', kopte Sportweek in een vilein commentaar. Ja, hij heeft het gelezen. ,,Maar ik hoef me niet te verdedigen. Maar goed, jij vraagt ernaar. Na alles wat hier in Eindhoven is neergezet, beschouw ik dat soort geluiden als ongepast en ongefundeerd. Wij hebben het Nederlandse topzwemmen hier op de kaart gezet, we hebben altijd voor de troepen uitgelopen. Hoge bomen vangen veel wind. Kritiek oké, maar dan wel graag met verstand van zaken.''

Schilder hem dan ook niet af als `de loopjongen van het project-Pieter' of `de slippendrager van de BV Van den Hoogenband'. Licht geïrriteerd: ,,Men beseft niet dat de Philips-profploeg louter en alleen bestaat bij de gratie van Pieter. Als hij daar geen deel van zou uitmaken, zou die ploeg niet bestaan, simpel zat. Pieter is ondernemer, hij investeert uit eigen zak zo'n 2 tot 2,5 ton om die ploeg draaiende te houden. Hij draagt risico, hij probeert mensen in zijn kielzog mee te trekken. In wezen sta zelfs ik bij hem op de loonlijst. Maar hij zegt niet: ik wil alleen jou en de rest kan de boom in. Nee, hij wil ook een team, hij wil mensen om mee te trainen en mensen van wie hij hoopt dat zij zichzelf óók verbeteren. Hij is juist zeer begaan met hun lot.''

Laat niemand zijn pupil dan ook brandmerken als zelfzuchtig. ,,Pieter heeft meer dan wie dan ook gedaan voor het Nederlandse zwemmen, en dan heb ik het niet over zijn prestaties maar louter en alleen over zijn financiële input. Het is schrijnend te moeten constateren dat iemand dan doodleuk opschrijft dat Pieter alleen geïnteresseerd is in zijn eigen prestaties. Maar ja, zelfs collega-zwemmers beseffen niet wat de waarde is van blikvangers als voorheen Kirsten Vlieghuis en Marcel Wouda, en nu Pieter en Inge. Hun NOC*NSF-bijdrage is gelabeld op dat soort gangmakers. Pieter neerzetten als een egotripper is bespottelijk. Als ik dat hoor of lees, dan denk ik: wie is hier het individu? Wie heeft zich verdiept in de materie? Het antwoord laat zich raden. Men laat zich leiden door de grillen van teleurgestelde zwemmers en/of coaches.''

Zijn collega Fedor Hes beklaagde zich in Athene over het vermeende gebrek aan teamgeest, dat hij in het Van den Hoogenband-kamp meende te bespeuren. Het leidde tot een binnenbrandje in de Nederlandse ploeg. ,,Fedors gevoel stond haaks op dat van mij. Wat mij zo verbaasd heeft, is dat iemand kennelijk zo lang z'n ergernissen opkropt, en niet veel eerder aan de bel trekt als hij vindt dat er te weinig overleg en samenwerking is. Dat snap ik niet. Als mij iets niet zint, probeer ik het uit de weg te ruimen en wel zo snel mogelijk.''

Maar had Hes niet een punt? Verhaeren heeft toch ook een broertje dood aan groepsuitjes? ,,Ho ho, ik was vorig jaar wel van de partij bij die middag handboogschieten. Sterker nog: ik heb me prima vermaakt. Maar we hebben het over een individuele sport, waarbij mensen individuele keuzes kunnen en moeten maken. Dat begrijpt niet iedereen. Je organiseert een middagje ten behoeve van de teamsfeer, voor mensen die daar behoefte aan hebben. Maar in plaats van jezelf tevreden te stellen met de opkomst en de geslaagde middag, winden sommigen zich op over de afwezigheid van anderen. Over teambuilding gesproken! Dan begrijp je het doel van die middag niet. Je organiseert een activiteit en doet 'm vervolgens zelf weer teniet. Dan ben je zelf schuldig aan wat dan `een gebrek aan teamsfeer' wordt genoemd.''

Van den Hoogenband liet `de sfeerbevorderende middag' aan zich voorbij gaan. Verhaeren: ,,Hij kon niet en al had hij wel gekund, dan vraag ik me af of hij was gegaan. Dat is zijn goed recht. Pieter maakt keuzes, Pieter is topsporter. Hij heeft op basis van zijn staat van dienst bovendien tal van andere verplichtingen. Ik ben de laatste die hem bij z'n haren pakt en zegt: jij moet en jij gaat mee. Ik juich het juist toe dat hij keuzes maakt, en dat hij dus de volwassenheid toont die past en hoort bij een topsporter. Eigenbelang gaat in het zwemmen voor groepsbelang. Pieter begrijpt dat. Anderen kennelijk niet.''

Al ruim elf jaar werkt hij samen met Van den Hoogenband. Nog altijd zijn coach en pupil niet op elkaar uitgekeken. Integendeel: ,,Pieter is een unieke sporter, in de zin dat hij zich elk jaar opnieuw weer nieuwe doelen weet te stellen en daar zijn leven volledig op afstemt. Het is een voorrecht om met hem te mogen werken. Hij houdt mij scherp; als sporter dwingt hij mij te blijven nadenken. Andersom geldt dat trouwens ook. We leunen niet achterover en trekken ook geen programma uit de kast dat in het verleden succesvol is gebleken. Zo denken wij niet, zo denken ze hier in Eindhoven überhaupt niet.''