Doema achter het klimaatverdrag

Het Russische parlement, de Doema, heeft gisteren met grote meerderheid ingestemd met het Kyoto Protocol, het internationale klimaatverdrag waarin afspraken zijn gemaakt over het terugdringen van de uitstoot van zes broeikasgassen. Drieënzeventig leden stemden tegen, 334 voor. Daarmee is de inwerkingtreding van het verdrag een belangrijke stap dichterbij gekomen. Het Kyoto Protocol moet nog wel door de Russische senaat en president Poetin worden goedgekeurd.

Op het hoofdkwartier van de Europese Unie werd het nieuws met Russische champagne gevierd. De Europese Unie heeft de afgelopen jaren grote druk uitgeoefend op Rusland om het verdrag te ratificeren nadat de Russen aanvankelijk grote bedenkingen hadden. Als tegenprestatie beloofde de EU Ruslands pogingen te steunen om lid te worden van de Wereldhandelsorganisatie WTO.

Milieuorganisaties uit een groot aantal landen reageerden juichend op het besluit van de Doema. ,,Dat Rusland zich achter het Kyoto Protocol schaart, laat zien dat er mondiaal wel degelijk voldoende politieke wil bestaat om het dringende probleem van de broeikasgassen aan te pakken'', zei Jennifer Morgan van de internationale milieuorganisatie WWF. ,,De vijanden van Kyoto zullen zich vandaag wel grote zorgen maken.'' Daarmee doelde ze op de VS en Australië die zich van het verdrag hebben gedistantieerd.

Zonder de goedkeuring door Rusland zou het verdrag in de prullenbak belanden. Om van kracht te worden moeten namelijk mimimaal 55 landen het protocol ratificeren die samen verantwoordelijk zijn voor 55 procent van de mondiale uitstoot van broeikasgassen. Met Rusland, verantwoordelijk voor 17 procent van de uitstoot, wordt die grens net bereikt.

Rusland kan flink geld verdienen aan het verdrag. De uitstoot van gassen waarop Rusland volgens het verdrag recht heeft, zal het land nooit halen, omdat Kyoto het jaar 1990 als uitgangspunt heeft genomen en de Russische uitstoot door de economische crisis van de jaren negentig sterk is gedaald. Dat betekent dat Rusland de resterende `rechten' kan verlopen via zogeheten emissiehandel aan de Europese Unie dat niet in staat is om aan zijn verplichtingen te voldoen.