Alleenheersers

Gedurende zijn internationale carrière van meer dan twintig jaar heeft Jan-Ove Waldner talloze bijnamen gekregen. Zoals de Mozart van het tafeltennis. Misschien komt de beste wel van Bettine Vriesekoop die de Zweed ooit de Bobby Fischer van het tafeltennis noemde. Want geniaal, geheimzinnig en contactgestoord is hij.

De 39-jarige tafeltennisser speelt nog altijd. Hij is Olympisch kampioen geweest, wereldkampioen, Europees kampioen en won zevenmaal het belangrijke Top-12-toernooi. Als zesjarige bleef hij huilend achter toen zijn oudere broer wel naar tafeltennis mocht. Uit medelijden maakte zijn ouders hem ook lid. Als twaalfjarige speelde hij in de hoogste afdeling van de Zweedse competitie. Vier jaar later was Waldner finalist bij het EK.

Dat hij nog steeds actief is, heeft zonder twijfel met de liefde voor het spel te maken. Maar ook met zijn bankrekening waarover hij vorig jaar verklaarde dat die leeg is. Een gevolg van zijn jarenlange gokverslaving.

Een biograaf merkte vorig jaar wie zijn vrienden zijn. Toen hij 's nachts in Waldners appartement aan het boek werkte, vielen oud-tennisser Björn Borg en ex-voetballer Thomas Brolin binnen. Ze scharrelden ergens een fles drank op en bouwden een feestje.

Volgend jaar wil Waldner nog vlammen bij het WK in Sjanghai. ,,Ik zet daar een punt achter mijn carrière waar tafeltennis het meeste aanzien heeft.''

Dit is de twaalfde aflevering in een serie over alleenheersers in de sport.