SBY presenteert zijn ploeg van `harde werkers'

President Susilo Bambang Yudhoyono van Indonesië had gisteravond laat zijn kabinet klaar. `De markt' en de media zijn positief gestemd.

Professionalisme en politieke steun. Dat waren overduidelijk de overwegingen van president Susilo Bambang Yudhoyono – `SBY' – bij de formatie van zijn regeerploeg. Toen hij zijn kabinet rond mindernacht voorstelde aan pers en publiek, noemde hij expertise, schone handen en ,,de bereidheid hard te werken''. Dat hij ook gedacht heeft aan het bouwen van politieke bruggen, blijkt uit de naam die hij de ploeg meegaf: `Indonesia Bersatu' (Verenigd Indonesië). Het is een veelkleurig gezelschap en de ploegleider zal hard moeten werken aan de teamgeest.

SBY's kabinet telt 36 leden, één meer dan dat van voorganger Megawati Soekarnoputri, die gisteren tuinierde toen hij de eed aflegde. Zestig procent zijn partijloze professionals, de rest is partijgebonden. SBY ruimde vier ministersposten in voor vrouwen – een arts, een antropologe en twee economen van naam. Voor westerse begrippen is dat weinig, maar het kabinet van Moeder Mega telde er maar twee en voor Indonesië is dit getal een novum.

De ploeg telt drie coördinerende bwindslieden. Het superministerie van Politiek, Justitie en Veiligheid zal worden geleid door admiraal b.d. Widodo Adi Sutjipto. Die heeft een goede naam en een indrukwekkende staat van dienst. Bij de marine klom hij op tot commandant van de Westelijke Vloot. President Abdurrahman `Gus Dur' Wahid stelde hem in 1999 aan als chef-staf van de gezamenlijke krijgsmachtonderdelen. Widodo was de eerste marineman die deze hoogste rang bekleedde; al zijn voorgangers kwamen uit de vanouds dominante landmacht. Megawati verving hem in 2001 door een landmachtofficier.

De ministeries waarover Widodo de supervisie voert, zijn onder andere Defensie, Binnenlandse Zaken, Justitie en het openbaar ministerie. Defensie gaat opnieuw naar een burger, de bekwame en integere Juwono Sudarsono, gewezen hoogleraar politieke wetenschappen en oud-minister, op dezelfde post, onder Wahid. SBY vertrouwde Binnenlandse Zaken toe aan een oud-collega, luitenant-generaal b.d. Mohamad Ma'ruf. De derde gewezen militair in de ploeg is de oud-marineofficier Freddy Numberi, een etnische Papoea, die de portefeuille Maritieme Zaken en Visserij krijgt.

De andere twee superministers moeten SBY verzekeren van steun in het parlement, waar zijn Partai Demokrat (PD) maar 10 procent van de zetels bezet. De post Volkswelzijn gaat naar Alwi Shihab, een gewezen hoogleraar islamstudies aan de Harvard Universiteit en vice-voorzitter van Wahids Partij van Nationaal Ontwaken (PKB). In Wahids kabinet was hij minister van Buitenlandse Zaken. Op die post toonde hij zich meer PR-man voor de grillige Gus Dur dan diplomaat. Op Volkswelzijn is hij waarschijnlijk beter op zijn plaats. Shihab is intelligent en integer en geldt als SBY-fan. Dat hij ook een vertrouweling is van Wahid, kan zijn nieuwe baas te stade komen.

De meest omstreden superminister is Aburizal Bakrie, een tycoon van Arabische afkomst, gewezen voorzitter van de Indonesische Kamer van Koophandel en kaderlid van Golkar, ooit de regimepartij van potentaat Soeharto. Zijn sterke punten zijn kennis van het bedrijfsleven en gebleken organisatietalent. Een zwakke plek is de schuld van 1 miljard dollar die zijn conglomeraat, Bakrie Brothers, opliep in de crisis van 1997. Die schuld is geherstructureerd, maar wierp een smet op zijn blazoen als manager. Voor SBY viel de balans positief uit omdat Bakrie een brug kan slaan naar de grootste, hem onvriendelijk gezinde, fractie in het parlement: die van Golkar.

Bakrie krijgt de supervisie over een deskundig gezelschap. Financiën gaat naar de Amerikaans geschoolde econoom Yusuf Anwar. Zijn laatste functie was voorzitter van het controlesyndicaat voor de beurs. Hij staat bekend als deskundig en onkreukbaar, de twee voornaamste eisen van SBY. De departementen Industrie en Handel zijn ontkoppeld om beide sectoren meer aandacht te geven. Minister van Industrie wordt Andung Nitimihardja, een kenner van het bedrijfsleven. Hij was president-commissaris van het staatsenergiebedrijf en diende als topambtenaar bij het ministerie van Staatsbedrijven. Minister van Handel wordt Mari Elka Pangestu, econome en oud-directeur van een particuliere denktank. Het Planbureau zal worden geleid door een andere econoom met een Amerikaanse bul, Sri Mulyani Indrawati. Zij was tot gisteren directeur Zuidoost-Azië van het IMF en geldt als briljant.

SBY's ambitie om schoon schip te maken in het overheidsapparaat stelt zware eisen, want dat is notoir corrupt. Justitie gaat naar de jonge jurist Hamid Awaludin, die een uitstekende reputatie opbouwde als lid van de Nationale Kiescommissie. Onderdrukt gejuich ging op toen SBY de naam noemde van de nieuwe procureur-generaal: Abdul Rahman Saleh. Hij komt uit de wereld van de rechtshulp en werd in 2000 lid van de Hoge Raad. Toen dat college in februari parlements- en Golkarvoorzitter Akbar Tandjung vrijsprak van corruptie, nam hij een minderheidsstandpunt in. Tandjung had volgens Saleh flagrant misbruik gemaakt van publiek vertrouwen. Dat hij zijn afwijkende mening publiekelijk ventileerde, vergde moed, en die zal hij straks nodig hebben.