Een oervader die zijn zoon liefheeft en kastijdt

Geloof nooit een filmmaker. Dus als Aleksander Sokoerov van de hand wijst dat de openingsscène van Vader en zoon incestueus of zelfs homo-erotisch is, kijk dan zelf en zie eerst hoe intens en teder hij twee naakte lichamen filmt. Alleen maar welvingen en schaduwen, losse ledematen die aan niemand toebehoren, verknoopt in een ultieme koestering.

En geef er dan pas betekenis aan.

Misschien wil Sokoerov niet nadenken over de implicaties van dit beeld. Vooral niet als hij de ledematen teruggeeft aan twee mannen, de een nauwelijks ouder dan de ander. De een de vader, de ander de zoon. Maar waarschijnlijk is het voor hem te banaal om in termen van seks of taboes te denken. Zijn vader en zoon zijn de oervader en -zoon, zoals de christelijke God en zijn kind.

Na het toegankelijker en wervelende Russian Ark keert de Russische filmmaker Aleksander Sokoerov met Vader en zoon terug naar zijn mystieke en hermetische oeuvre van daarvoor. Vader en zoon noemt hij het vervolg op Moeder en zoon uit 1996, en er moet nog een slotdeel van dit drieluik komen dat als voorlopige titel Twee broers en een zuster meekreeg.

Het gaat de regisseur om familieverhoudingen als symbolen, of in dit specifieke geval om de vader-zoon-relatie als beeld voor iets groters.

Om dat te begrijpen moeten we even terugkeren naar Moeder en zoon, en vooral naar de setting van die film, met z'n bossen en bomen en en de in nevelen gehulde laatste dans van een stervende vrouw. Tegenover de esoterische beelden van dwarrelende bladeren, laat Sokoerov nu spieren rollen.

Vader en zoon speelt zich af in een fictieve Russische garnizoensstad, half in St. Petersburg gesitueerd, half in Lissabon. Als Moeder en zoon Sokoerovs visie op Moeder Arde was, dan is Vader en zoon dat op Vadertje Staat, met alle machtsverhoudingen en standen die daarbij horen. De symbiotische moeder-kindverhouding is hier verdrongen door de competitieve wereld van het leger. Ook weer een symbool: voor het laatste en meest extreme stadium van patriarchaal samenleven.

Die wereld is Sokoerov, zelf ex-militair niet vreemd. In zijn eerdere films gaf hij al vaak blijk van fascinatie voor die masculiene maatschappij binnen de maatschappij, zeker als contrapunt voor de kwijnende spiritualiteit (`het vrouwelijke') die als leidraad door zijn films loopt. Hij sloot daarbij ook de ogen niet voor de lichamelijke kanten ervan.

Het grootste gevaar bij in zichzelf gekeerde en bij uitstek cinefiele films als die van Sokoerov is dat je er als toeschouwer té veel betekenis aan wilt geven. En hoezeer de filmmaker dat dan ook mag ontkennen (Sokoerov noemde de suggestie van homo-erotiek in zijn film zelfs `verziekt' – je zou haast denken dat de filmmaker echt `homofoob' is), hij plaagt en daagt je uit om van elk beeld de betekenis te achterhalen. Dat is het gevolg, maar ook het lot van filmen in abstracties en archetypen in plaats van situaties of psychologie.

Vader en zoon is als gevolg daarvan een vreemde en weerbarstige maar uiterst bewonderenswaardige film. Het lijkt soms wel een kleurenversie van een klassieke Russische film uit de jaren dertig, waarvan de glimmend grijze textuur en de schaduwen nu in goudgeel zonlicht baden. Allebei even extreem en bijna kischerig.

Sokoerov filmt zijn mannen als Griekse standbeelden in mottige truien, groots en nietig tegelijk, erotiserend en afschuwwekkend. De vader is een onaantastbare held en een gluiperd, de zoon een slachtoffer, een kind, maar ook kruiperig en naar.

Wil hij nu iets ontmaskeren of juist vereren?

Misschien wil Sokoerov ons alleen maar laten kijken: naar mannen op een dak, de hersenpan van een anonieme stad, het denken belegerd door vaderloze lichamen.

Of laten luisteren: naar de ademhalingen op de soundtrack. In. Uit. In. Uit. Tot het stopt.

Misschien gaat het erom deze beelden en geluiden te voelen, een andere vorm van begrijpen. Sokoerov is uiteindelijk een filmmaker van schouwen en niet van beschouwen.

Vader en zoon (Otest i syn). Regie: Aleksander Sokoerov. Met: Andrei Sjitsjetinin, Aleksei Nejmisjev, Aleksander Razbasj. In: Filmmuseum, Amsterdam; Chassé, Breda; Filmhuis, Den Haag.