Britse sjeik wegens terrorisme vervolgd

De radicale moslimgeestelijke Abu Hamza wordt alsnog door de Britse justitie vervolgd wegens terrorisme. Hij is gisteren in staat van beschuldiging gesteld op zestien aanklachten, waaronder het aanzetten tot haat en tot moord, en ,,bezit van een terroristisch document''.

Hamza (47) zou tijdens zijn gebedsdiensten in de Finsbury Park-moskee in Noord-Londen hebben opgeroepen tot het vermoorden van joden en andere niet-moslims. Het niet nader omschreven terroristische document zou volgens justitie ,,waarschijnlijk van nut zijn voor iemand die een terreurdaad uitvoert of voorbereidt''. Hamza heeft steeds ontkend schuldig te zijn aan terrorisme.

Hij is geboren in Egypte en werd door een intussen ontbonden huwelijk in 1981 Brits burger. De sjeik, halfblind en met aan één arm een haak in plaats van een hand, zit sinds mei dit jaar in een Londense gevangenis in afwachting van mogelijke uitlevering aan de Verenigde Staten. Dat land wil hem ook voor terrorisme vervolgen. De uitleveringsprocedure, waarin deze week een hoorzitting zou plaatshebben, is voorlopig gestaakt.

Sommige juristen zeiden al eerder dat het zeer onzeker was of hij kon worden uitgeleverd. Met de nieuwe zaak tegen Hamza is de juridische complicatie slechts toegenomen. Aangenomen wordt dat zijn Britse proces niet vóór volgend jaar mei kan beginnen.

Hugo Keith, die de Amerikaanse aanklager in Londen vertegenwoordigt in de zaak-Hamza, zei dat de uitleveringsprocedure zal worden hervat ,,zodra de Britse procedures'' voorbij zijn. Wanneer dat is, valt niet te voorspellen. De facto blijft Hamza voorlopig in de Belmarsh-gevangenis in Zuid-Londen zonder te worden berecht.

Negen moslims die daar ook zitten met een beroep op de antiterreurwet, zijn deze maand bij de hoogste rechtskamer in beroep gegaan tegen hun vastzetting zonder uitzicht op een proces. Ze eisen dat ze of in staat van beschuldiging worden gesteld, of worden vrijgelaten. De regering wil ze uitzetten, maar kan ze niet uitzetten naar hun land van herkomst, zoals Algerije, waar ze mogelijk de doodstraf krijgen.