`Band terrorist met Nederland'

De veronderstelde leider van de extremistisch-islamitische terreurgroep die een grote zelfmoordbomaanslag plande op de centrale rechtbank in Madrid onderhield financiële banden met Nederland. Dat blijkt uit de gegevens die bekend zijn geworden na de arrestatie van de acht verdachten, zondagnacht.

De Spaanse politie kwam de mogelijke terreurgroep op het spoor na verklaringen van een kroongetuige die wees op de voorbereidingen van de aanslag. De bedoeling was om door middel van een vrachtwagen met springstof de centraal gelegen rechtbank op te blazen.

Het gaat hierbij onder meer om de werkplek van Spanjes onderzoeksrechter Baltasar Garzón, die het onderzoek leidt naar de Al-Qaeda-cellen in Spanje. Hoewel geen springstoffen werden aangetroffen, werden bij de arrestanten wel instructies gevonden om zich voor te bereiden op het martelaarschap.

De vermoedelijke leider van de groep, die in een Zwitserse cel zit, zou hebben verklaard dat het verlies van twee of drie onderzoeksrechters en het vernietigen van de dossiers een grotere slag voor Spanje zou betekenen dan een aanslag op de premier. De Algerijnse man, Mohammed A., zou geld voor terreuractiviteiten hebben overgemaakt naar Nederland, België en Australië, zo meldt het dagblad El País. Het is niet duidelijk of dit geld voor lokale activiteiten was, of slechts bedoeld om te worden doorgesluisd.

Uit de stukken blijkt dat de veronderstelde leider van de groep samen met de arrestanten enige tijd heeft doorgebracht in een gevangenis in Salamanca. Deze gevangenis kwam eerder deze zomer in opspraak, omdat een groep moslimgevangenen geloofsgenoten terroriseerde door hen te dwingen zich strikt aan de fundamentalistische regels te houden. Volgens het onderzoek zou de gevangenis zijn gebruikt om terroristen te werven.

Eerder bleek dat in afgeluisterde telefoongesprekken door een van de hoofdverdachten van de aanslagen op 11 maart in Madrid er melding van werd gemaakt dat Al-Qaeda vanuit Nederland computervirussen zou verspreiden.