Nieuwe avonturen van `Petit Nicolas'

Vier jaar geleden deed schrijfster Anna Goscinny een bijzondere ontdekking. Tussen de papieren van haar overleden vader René Goscinny vond ze een stapel verhalen van Petit Nicolas, het dromerige figuurtje waarmee hij en tekenaar Sempé sinds de jaren zestig zo veel succes hadden. Heerlijk, dacht Anna, even herinneringen ophalen. Even lachen en mijmeren over de humor van haar vader. Maar deze verhalen kende ze niet. Tussen de papieren had ze tachtig nooit in boekvorm gepubliceerde avonturen van Nicolas ontdekt.

Aan de Duitse krant Frankfurter Allgemeine vertelde Anna Goscinny (1968) deze week over haar ontdekking. De bundeling van de nieuwe verhaaltjes is deze maand in Frankrijk verschenen. In totaal zijn het 650 bladzijden frisse verhalen, die in 1959 werden gepubliceerd in de regionale krant Sud-Ouest Dimanche, maar die vervolgens werden vergeten.

Goscinny, bekend van Asterix, begon de verhaaltjes in 1956 in het Belgische blad Moustique. Er verschenen 28 verhalen in wekelijkse afleveringen tot 1958. Daarna had tekenaar Sempé er genoeg van, maar een jaar later ging het tweetal toch weer aan de slag voor Sud-Ouest Dimanche. Daar vonden ze de defintieve vorm voor Kleine Nicolaas. Later ging ook het stripblad Pilote de verhalen publiceren. Vanaf 1960 verschenen ze in boekvorm. In 1964 kwam de vijfde en laatste Nicolas uit. In 1977 overleed René Goscinny.

Met het verschijnen van Histoires inedites de Petit Nicolas verdubbelt in een keer het aantal verhaaltjes over het zevenjarige schooljongetje en zijn wereldje van schoolvriendjes, leraren en winkeliers. De tekeningen van Jean-Jacques Sempé hebben nog niets van hun droogkomische frisheid verloren. Deze week verschijnt er in Frankrijk ook een verzamelband met de overige avontuurtjes. Of de nieuwe verhalen in Nederlandse vertaling zullen verschijnen, is nog niet bekend.