In Korea vinden de uitersten elkaar

Noord-Koreaanse vluchtelingen krijgen steun van Zuid-Koreaanse conservatieven. Het is de wereld op zijn kop.

Boven in een onopvallend gebouw in een buitenwijk van de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul is de meest controversiële radiostudio van Korea gevestigd. De baas heet Kim Son-min, een voormalige kapitein in het Noord-Koreaanse leger. Ook zijn medewerkers komen uit Noord-Korea. Onder hen een ex-kampbewaarder.

De studio is het zenuwcentrum van `Free & NK', dat via internet radio-uitzendingen bestemd voor Noord-Korea de wereld instuurt. Het zijn vooral verhalen over de misstanden in Noord-Korea en de vrijheid er buiten.

De recente, snelle groei van het aantal Noord-Koreaanse vluchtelingen in Zuid-Korea voedt het debat over de gevolgen van ontspanning met Noord-Korea. Vluchtelingen weiden uit over mishandeling van politieke gevangenen en stellen dat voedselhulp vooral ten goede komt van elite en leger.

Dat debat kreeg een extra impuls toen Kim onlangs zijn website opzette. ,,Ik kreeg e-mails waarin ik met de dood werd bedreigd'', zegt Kim. Links-radicale Zuid-Koreaanse studenten, die toenadering tot het noorden nastreven, betoogden zelfs voor de deuren van zijn studio. Negatieve berichtgeving over Noord-Korea is niet bevorderlijk voor ontspanning tussen beide Korea's, redeneren zij.

Er is een omgekeerde wereld aan het ontstaan in Zuid-Korea. De conservatieve oppositie in Zuid-Korea, die voortkomt uit de militaire regimes van vroeger en zich nooit druk heeft gemaakt om mensenrechten, omarmt nu vluchtelingen en mensenrechtenactivisten. Het is toenadering die ondenkbaar was ten tijde van de dictatuur.

De Zuid-Koreaanse conservatieven lijken met al hun aandacht voor mensenrechten in het noorden vooral te zoeken naar een stok om de hond te slaan. Van oudsher kunnen de leiders van de twee Korea's immers elkaars bloed wel drinken. ,,Ik denk dat de meeste activisten niet aan de politieke consequenties van hun werk denken, maar zich simpelweg inzetten tegen onrecht'', zegt activist Kang In-ku. ,,Maar het zijn vooral conservatieven die hun financiële ondersteuning bieden.''

Kang is zelf een sprekend voorbeeld. Hij omschrijft zich als liberaal, maar werkt voor een weekblad uitgegeven door een conservatief christelijke politicus die Kang een baan aanbood nadat hij zich op internet over het vluchtelingenprobleem begon uit te spreken. De meeste vluchtelingen ontwijken de kwestie. Radioman en oud-kapitein Kim ook. ,,Ik ben niet op de hoogte van interne politieke verwikkelingen in Zuid-Korea'', zegt hij.

De progressieve regering van Zuid-Korea, die vooral bestaat uit mensen die gevangen hebben gezeten voor hun strijd voor de democratie, krijgt nu het verwijt via ontspanning en voedselhulp het bewind in Pyongyang in stand te houden. Noord-Koreaanse vluchtelingen stellen immers zonder uitzondering dat de voedselhulp ten goede komt aan het leger en de elite, alle garanties van het Wereldvoedselprogramma van de VN dat er inmiddels een redelijk systeem van toezicht is ontstaan ten spijt.

Lee Bu-young, de voorzitter van de regerende Uri Partij die zelf in het verleden ruim zes jaar in Zuid-Koreaanse gevangenissen heeft doorgebracht, steekt allereerst de hand in eigen boezem: de situatie van de rechten van de mens in Zuid-Korea is ook nog niet perfect. Maar hij vraagt wel om begrip omdat de Zuid-Koreaanse democratie aan ,,groeistuipen'' lijdt. ,,Een voorbeeld daarvan is het debat over nieuw onderzoek naar onze eigen geschiedenis.'' Veel leden van militaire regimes na 1945 collaboreerden in de jaren vóór 1945 met de Japanners en dat is een ongeschreven verhaal. De Uri Partij wil deze geschiedenis boven tafel krijgen, omdat dit de ,,enige manier is waarop nationale hereniging kan worden bereikt'', aldus Lee. In het noorden is na 1945 immers wél `grote schoonmaak' gehouden en zijn collaborateurs uit het openbare leven verwijderd, voor zover ze niet al naar het zuiden waren gevlucht.

Het verschil in zienswijze op Korea's opsplitsing tussen vroegere machthebbers en de jongere generatie die streed voor democratisering en nu de regeringsmacht in handen heeft, is prachtig beschreven in de novelle Gezicht van een Agressor van schrijver Yi Chongjun. Het verhaal handelt over het conflict tussen een progressieve dochter, diep verwikkeld in het studentenactivisme van de jaren tachtig, en haar conservatieve ouders die de oorlog met Noord-Korea van 1950 hebben meegemaakt. De dochter concludeert in een discussie: ,,Om hereniging en harmonie te bereiken moeten beide partijen elkaar tegemoet treden als slachtoffers die onterecht hebben geleden. Vader meent echter dat beide partijen elkaar tegemoet moeten treden als agressors die elkaar letsel hebben toegebracht. Dat is het verschil.''

Choi Jin, een voormalige functionaris van het noordelijke regime die regelmatig contact had met de buitenwereld en vorig jaar het land ontvluchtte, zegt over dit citaat dat ,,de woorden van de dochter dichtbij de visie van Noord-Korea staan.'' Noord-Korea ziet het zuiden immers nog altijd als slachtoffer van Amerikaanse imperialisme, waar het zelf in de oorlog van 1950 onder heeft geleden.

Probleem is echter dat terwijl in Zuid-Korea de bevolking langzaam maar zeker de macht naar zich toe heeft getrokken, in Noord-Korea juist het tegenovergestelde heeft plaatsgehad: een overwegend populaire revolutie heeft geleid tot een abjecte dictatuur. Noord-Koreaanse vluchtelingen zeggen dan ook zonder uitzondering dat er een verschil moet worden gemaakt tussen volk en leiderschap in Noord-Korea.

Maar op de vraag hoe dat verschil in de praktijk, bijvoorbeeld bij hulpverlening, kan worden gemaakt, antwoordt oud-kapitein Kim: ,,Een moeilijke vraag, want er zijn geen particuliere organisaties in Noord-Korea. Iedereen rapporteert aan de staat.''

Partijleider Lee Bu-young verzucht: ,,We leven in een zeer complexe wereld: Noord-Korea is een militaire dictatuur, maar we hebben nu eenmaal een dialoog nodig.'' Als er één ding is dat de Zuid-Koreaanse regering werkelijk wil vermijden is het een herhaling van geweld en bloedvergieten dat al een halve eeuw voor zoveel tragedie heeft gezorgd.

Dit is het tweede deel van een tweeluik over Noord-Koreaanse vluchtelingen. Deel 1 verscheen op 11 oktober. De naam van Choi Jin is op zijn verzoek gefingeerd.