Europa's zwarte gat

Sinds haar uitbreiding in mei van dit jaar grenst de Europese Unie aan Wit-Rusland, waar de buurman een bewind voert uit de zwartste Sovjet-tijd. Afgelopen weekeinde verzekerde hij zichzelf van een derde presidentiële termijn door vervalste verkiezingen en een ongeldig referendum. Aleksandr Loekasjenko van Wit-Rusland geeft niet om het democratische gedachtegoed. Deze potentaat heerst al tien jaar met harde hand in een republiek die oppositie noch vrije pers kent en waarin de president zélf de grootste wetsovertreder is. Grondwettelijk is een derde ambtstermijn verboden. Maar Loekasjenko heeft maling aan de wet, met als argument dat hij de ,,kwetsbare schoonheid'' die hij heeft geschapen niet in handen wil leggen van ,,onverantwoordelijke politici''. De Wit-Russen zitten voorlopig met hem opgescheept. De Europese Unie ook – en dat is een minder vrijblijvende zorg dan voorheen.

In de hoofdstad Minsk waren gisteren demonstraties tegen de vervalsing van de parlementsverkiezingen en het omstreden referendum. Onder de circa tweeduizend betogers waren veel jongeren. Verkiezingswaarnemers van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) omschreven de gang naar de stembus als één grote farce. Het zou het huidige, Nederlandse voorzitterschap van de Europese Unie sieren als het zich inspant de Wit-Russische dictatuur hoger op de EU-agenda te krijgen. Loekasjenko isoleert zich weliswaar steeds meer, maar de zorgen van Polen, Litouwen en Letland als buurlanden van Wit-Rusland zijn sinds een half jaar Europese zorgen. Als de verkiezingen in Wit-Rusland volgens internationale maatstaven een vertoning zijn, dan dient de Unie zich daarover ondubbelzinnig uit te spreken en met passende maatregelen te komen. Minsk is bijna `onze' achtertuin en rommel daar is ongewenst.

De grenzen van de Europese Unie liggen niet vast, maar vast staat wel dat een land als Wit-Rusland gezien zijn dictatoriale bewind voorlopig niets bij de EU te zoeken heeft. Hetzelfde geldt voor het grotere en belangrijkere Oekraïne, waar een andere (verlichte) despoot, Leonid Koetsjma, de laatste tijd toenaderingspogingen doet die zeker Polen moeilijk kan negeren. Tussen Polen en Oekraïne, dat sinds mei eveneens aan de EU grenst, bestaan vanouds banden door de handel, de taal en de cultuur. Polen is dan ook protagonist van inniger betrekkingen tussen de Unie en Oekraïne. Maar zolang daar geen sprake is van politieke vrijheid, kan er ook geen sprake zijn van een `speciale relatie'. Dat brengt verplichtingen met zich mee die verwachtingen wekken. Inhoudelijk stelde het weinig voor, maar de eerste top die Nederland als EU-voorzitter organiseerde was de EU-Oekraïnetop in juli. President Koetsjma kon zich toen even warmen aan het Europese huis. Daarbij moet het voorlopig maar blijven. De lakmoesproef voor zijn bewind is de presidentsverkiezing op 31 oktober, een democratische toets van de eerste orde.

De oostgrens van de Unie is een onderbelicht thema, met onderschatte problemen. De recente gebeurtenissen in Wit-Rusland dwingen de EU tot standpuntbepaling. Voor de nieuwe EU-leden Polen, Letland en Litouwen, en in mindere mate voor Slowakije en Hongarije, is de kwestie urgenter dan voor Brussel. Vanuit Warschau naar het westen kijkend ontrolt zich een landschap met perspectief. In het oosten ligt een zwart gat; een nieuw ijzeren gordijn.