Sneeuwvlokje

Er zat een tumor in de rechteroksel van het beest. Barcelona in rep en roer. Zou de wereldberoemde albino gorilla nog te redden zijn van de dood? Nee. Sneeuwvlokje, zoals het beest liefkozend genoemd werd, overleed vorig jaar op 24 november. De Catalanen gooiden het verdriet op straat. Hun troetelbeest was niet meer. Er moest een monument komen, groter dan het beeld van Columbus aan de voet van de Ramblas.

En, is er inmiddels een standbeeld voor de gorilla? Nee. Iedereen is het beest vergeten.

Johan Cruijff vertelde me voor het net verschenen blad Dif dat hij dit jaar met zijn kleinkind naar de dierentuin was geweest. Hij verbaasde zich over de kennis van het kleine baasje. Ik jat even een citaat uit mijn eigen stuk. Cruijff: `Hij is twee jaar. Ik ga met hem naar de dierentuin, zegt ie: God, kijk opa daar loopt een lama. Ik denk een lama? Een tijger, een olifant, dat snap ik, maar hij ziet een lama!'

Cruijff rept met geen woord over het gemis aan het beroemdste beest in de dierentuin. Uit het oog, uit het hart.

In de tijd dat Ronald Koeman bij Barcelona speelde kreeg hij de bijnaam Sneeuwvlokje. Men vond zijn huid, zijn haar, zijn hoofd – niemand weet precies hoe de vergelijking eigenlijk tot stand kwam – een beetje op de albino gorilla lijken. Er werd ook gezegd dat hij net zo lelijk was. Nou, ik ben geen kenner van mannelijk schoon, maar lelijk is anders. De onverstoorbare blik in het sproetengezicht en die noordelijke glimlach maakten hem tot een krachtige verschijning op het veld. Hij behoorde in die tijd tot de beste verdedigers van de wereld.

De gorilla kwam in 1966 naar Barcelona. Hij werd veertig jaar. Normaal kan een gorilla zo'n vijftig jaar mee in gevangenschap. Ronald Koeman kwam ruim twee jaar geleden naar Ajax. Normaal kan een trainer tussen de hekken van het voetbalveld drie, vier jaar mee.

In het weekend zag ik Ronald Koeman naar de grond staren tijdens de fatale verliespartij tegen Heerenveen. De fut was eruit. In de eerste minuten van de wedstrijd – waarin Nigel de Jong en Maxwell in overmoed faalden bij het verdedigen – begon hij hoofdschuddend binnensmonds te prevelen. Dan ben je als trainer de draad even kwijt. Prevelen mag een trainer nooit. Prevelen is wanhoop, dat doe je in de kerkbank.

Terwijl zijn collega's van de generatie '88 met rechte rug op het trainingsveld staan, buigt Ronald Koeman vermoeid voorover. Je kunt je haast niet meer voorstellen dat hij leeftijdsgenoot is van Gullit, Van Basten en Rijkaard. Die drie zie je nog met flair meespelen in een rondo; Koeman blaast alleen nog op een fluitje als het afgelopen is. Hij is de dikste van het stel geworden.

Laatst vergiste ik me. Ik meende Koeman bij Ajax op de bank te zien zitten maar het bleek de assistent-coach Tonny Bruins Slot te zijn. Net zo rossig, in het zelfde clubkostuum, maar van een hogere leeftijd. Dit Ajax maakt oud. Bruins Slot heeft alles van waarde op videobanden staan. Hij weet wie Koeman is en trekt het bandje met de jonge Koeman in een Barcelona-shirt zo uit zijn archiefkast. Daar, de vrije trap op Wembley. Eeuwige roem lonkte. Nou, vergeet het maar. Fuck you. De trainer kon een middelvinger krijgen van één van zijn eigen pupillen. En het ergste is, hij houdt zijn jonkies niet meer in de hand.

In de dierentuin is het apenverblijf vandaag weer aangeveegd. De zure pisstank van Sneeuwvlokje is al lang vervlogen in de lucht. Een andere gorilla bevuilt de vloer. Het publiek huilt niet meer om het verlies van zijn geliefde albino en fotografeert, door het glas heen, de nieuwe bewoner van de apenrots.