Stop je politieke woede in een beleefde brief

Het is een van de grote onrechtvaardigheden van deze tijd, dat in de verkiezingen die mede het lot zullen bepalen van alles wat er op onze aardbol rondloopt, kruipt, zwemt of fladdert, er slechts een handjevol Amerikanen mag stemmen. Niet alleen is dat eigenlijk een merkwaardige gang van zaken, ook is het natuurlijk in het geheel niet in de geest van de democratische beginselen die de VS zeggen te zijn toegedaan.

Terwijl de rest van de wereld gedwongen wordt werkloos toe te kijken, lijken ook veel Amerikanen zelf er steeds minder vertrouwen in te hebben dat je de Amerikaanse verkiezingen wel aan de Amerikanen kunt overlaten. Traditie is dan dat degenen naar wie het minst wordt geluisterd in actie komen - kunstenaars, schrijvers, bloggers, de reguliere geitewollen sokken-types zoals we er ook al een paar zagen in Michael Moore's Fahrenheit 9/11 - en ergens onder de uitlaatgassen van de grote politieke propagandamachines bijna onverstaanbaar hun tegengeluiden sputteren.

Maar - de naam Moore geeft het al aan - deze keer lijkt dat een tikkeltje anders te gaan. Het gaat deze keer niet alleen om een enkeling uit de marge die zijn stem verheft, nee, de héle marge is in rep en roer, en niet weinig behoorlijk gevestigde figuren nog daarbij. Volgens mensen die het kunnen weten, zoals bijvoorbeeld Carol Wells, directeur van het Center for the Study of Political Graphics in Los Angeles, wordt er op dit moment meer politieke kunst gemaakt dan tijdens de Vietnam-oorlog. De 60-jarige Wells zei nog nooit eerder zo'n stortvloed aan door politieke woede geïnspireerde werken van schilders, beeldhouwers en grafische artiesten te hebben gezien. De wereldberoemde minimalistische kunstenaar Richard Serra maakte bijvoorbeeld twee posters geïnspireerd op d foto's van Abu Ghraib en schilderijen van Goya, die te downloaden zijn op http://www.pleasevote.com.

En onder het altijd nog groeiende bataljon popsterren dat een politieke boodschap uitdraagt, bevinden zich niet alleen ouwe knarren die zo het stof van hun eigen carrière proberen af te blazen, maar ook frisse mega-sterren als Missy Elliott. In Wake Up Everybody, de door Babyface geproduceerde cover van het nummer van Harold Melvin and the Blue Notes, rapt ze samen met onder andere Mary J. Blige en Wyclef Jean: `Listen to me like you listen to Fahrenheit 9/11. You better go and vote and get up off your back.'' De `furieus betwiste verkiezingen van 2004' hebben een `onverwachte artistieke bonus' opgeleverd, schreef de New York Times, `meer politieke songs dan welke andere verkiezing dan ook since the dawn of rock 'n' roll.'

Maar hoe moet het dan met de rest van ons? Wat kun je nog doen als je geen wereldberoemde Amerikaanse kunstenaar, rapper of schrijver bent? Brachten een tijdje terug tal van Nederlandse columnisten nog hun stemadviezen uit, met hartstochtelijk verwoorde argumenten waarom Bush dan wel Kerry toch beslist de volgende vier jaar in het Witte Huis zou moeten doorbrengen, de laatste tijd hoor je ze eigenlijk alleen nog maar over Anne versus Pim. Pure, gesublimeerde onmacht, die KRO-verkiezing van Grootste Nederlander. Kijk, ook wij hebben nog iets te kiezen! Willem van Oranje of Johan Cruijff! Daar staat óók heel wat op het spel, hoor.

Gelukkig is de Britse krant The Guardian nu met een idee gekomen, zo geniaal in zijn eenvoud dat je je afvraagt waarom er niet eerder iemand mee aan de haal is gegaan. Onder verwijzing naar de Amerikaanse Declaration of Independence uit 1776, die benadrukt dat alle mensen evenveel waard zijn, en die in de eerste plaats een `fatsoenlijk respect voor de meningen van de mensheid' eist, concludeert de krant: `en dat is nou precies wat de wereld van vandaag van Amerika wil'.

Luidde niet de slogan van de Amerikaanse onafhankelijkheidsstrijders twee eeuwen geleden al `No taxation without representation'? Degenen die de rekening betalen voor de daden van een regering moeten ook het recht hebben om die regering te kiezen, aldus The Guardian.

En hoe gaan we dat doen? Surf naar www.guardian.co.uk/clarkcounty en vraag de naam en het adres op van een kiezer in Clark County, Ohio, een van de `ultieme battlegrounds' van de verkiezingen. Stuur een beleefde brief waarin je je voorstelt, uitlegt waarom deze verkiezingen ook voor niet-Amerikanen zo belangrijk zijn, en je politieke mening uiteenzet. Nogal een gevoelig klusje, want hoeveel Amerikanen zouden niet geïrriteerd raken door een brief van pinko liberal Europeans, die toch ook al tegen de oorlog waren? Aan de andere kant haalt een vriendelijke, handgeschreven brief iemand misschien wel over om überhaupt te gaan stemmen.

The Guardian maakt voor deze actie slechts gebruik van de Clark County kiezers die zich als onafhankelijk hebben laten registreren, om de kans te vergroten dat de brieven nog invloed hebben, en heeft een ingenieus systeem bedacht waarbij iedere kiezersnaam en - adres slechts één keer wordt verstrekt, om een stortvloed aan brieven te voorkomen.

Andere leuke tips: niet-Amerikanen kunnen weliswaar geen geld storten voor politieke campagnes, maar wanneer je geld geeft aan bepaalde onpartijdige groeperingen, kun je er toch vrij zeker van zijn dat er één bepaalde presidentskandidaat baat van zal hebben. Voor Bush is dat de Christian Coalition, voor Kerry de National Association for the Advancement of Colored People. Of schrijf een brief naar een plaatselijke krant, of bel eens in naar een radio-praatprogramma, bijvoorbeeld van de rechtse Rush Limbaugh - The Guardian heeft de telefoonnummers.

Mijn eigen persoonlijke Ohio-kiezer heet Elizabeth Hanna, en ik moet er nog eens goed over denken wat ik haar ga schrijven. Democratie: het is te belangrijk om alleen aan de Amerikanen over te laten.