Sloopster van het Bush-familieportret

Kitty Kelley publiceerde deze week wereldwijd haar omstreden biografie van de familie Bush.

Jan Donkers spreekt met haar.

Family values? Er is maar één moment tijdens het gesprek waarop celebrity-biografe Kitty Kelley even uit haar milde en diplomatieke pose schiet, en dat is bij de vraag naar het verschil tussen de campagne-slogan waarmee de familie Bush zoveel succes hadden en hebben bij het Amerikaanse electoraat, en de normen en waarden die binnen de dynastie zelf gelden. ,,O mijn hemel...'' zegt ze bijna wanhopig, ze valt even stil en verwijst dan maar naar de vele, al dan niet stevig onderbouwde voorbeelden in haar boek.

Van de buitenechtelijke verhoudingen van George H.W. Bush , vader van de huidige president, die veertien jaar een maîtresse als assistente in dienst had op kosten van de belastingbetaler, tot de reputatie van Laura, de huidige First Lady als kleine marihuana-dealer op Southern Methodist University. Van de verslavingsproblematiek van de dochter van gouverneur Jeb Bush, de sindsdien door de familie min of meer weggemoffelde Noelle, tot de wilde escapades van de tweelingdochters van de huidige president.

En natuurlijk het detail dat tot nu toe het meest aandacht trok in haar volumineuze `portret van de machtigste familie ter wereld'; de onthulling dat George W. met een van zijn broers meerdere malen cocaïne gebruikte in Camp David ten tijde van het presidentschap van hun vader.

Dat laatste werd haar bevestigd door weer een ander terzijde geschoven lid van de familie, de ex van broer Neil, maar die trok onder druk van de familie haar verklaring in. De familie eiste overigens geen rectificatie.

Een doorsnee Amerikaanse familie dus, opper ik, met alle problemen waarvoor een hedendaagse familie zich gesteld ziet. Maar dat is precies wat Kelley in haar 700 pagina's dikke De Familie Bush nu juist wil aantonen: dat het verschil tussen het openbare imago en het privé-leven van de Bush-dynastie zo groot is dat de kiezers een enorm rad voor ogen wordt gedraaid. Of dat niet aansluit bij een behoefte die binnen datzelfde electoraat leeft? Daar gaat Kitty Kelley gretig in mee. ,,De Amerikanen willen graag geloven in deze prachtige, standvastige en loyale familie. Dat openbare imago heeft enorm goed voor ze gewerkt, decennialang, een groot deel van het publiek wíl ook niets weten van al die misstanden. Dat zou hun beeld alleen maar verstoren.

COCAÏNE

,,En nee'', zo voegt ze er desgevraagd aan toe, ,,natuurlijk is het niet zo erg dat George W. cocaïne snoof toen hij jong en onverantwoordelijk was, zoals hij het zelf uitdrukt. Waar het om gaat is dat hij erover heeft gelogen, over de tijd sinds wanneer hij volgens eigen zeggen geen drugs en alcohol meer gebruikt. Net zoals Bill Clinton loog over zijn seksuele escapades, en hem kostte het bijna zijn kop. Het werkelijke thema van mijn boek is dan ook eigenlijk het Amerikaanse klasse-systeem. Deze familie voelt zich vanzelfsprekend boven elke blaam, boven alles verheven. Zowel de oude als de jonge Bush beschouwen het presidentschap als iets dat ze vanzelfsprekend toebehoort. Over wat ze ermee aan moeten als ze eenmaal gekozen zijn, hebben ze minder duidelijke ideeën.''

LIZ TAYLOR & JACKIE O.

Kitty Kelley is op tournee door Europa, om promotie te doen voor haar nieuwe boek. Ze is klein, vriendelijk en zelfs innemend. Gekleed in een fraai mantelpak met een enorme kunstbloem op haar rever. Ze is zich maar al te bewust van de reputatie als pulpbiografe die haar vorige boeken over Jackie Onassis, Frank Sinatra, Liz Taylor, Nancy Reagan en het Britse koningshuis haar bezorgden; vaak wordt haar werk om reden van die reputatie al bijvoorbaat in diskrediet gebracht. Maar dat lijkt haar, merkwaardig genoeg, eerder een soort openbare nederigheid te hebben bijgebracht dan uitingen van wraakzucht en miskenning. Ze laat het aan de interviewer over te constateren dat ze nog nooit een proces heeft verloren en nog nooit een feit heeft moeten rectificeren. Nee, ook over dit boek niet, hoewel het Witte Huis, de Republikeinse Partij en een groot deel van de rechtse pers al ten strijde trok tegen dit `brok vuilnis'voordat er zelfs nog maar een woord openbaar was gemaakt.

,,Je bent heel beleefd,'' zegt ze bescheiden als ik opwerp dat er sindsdien ook veel kritiek op haar biografie is geuit door de pers. ,,Het boek is om precies te zijn neergesabeld, maar dat ben ik gewend, dat ging met mijn vorige werk ook zo.''

Dat heeft te maken met het feit dat ze met regelmaat van anonieme bronnen gebruikmaakt, hetgeen de geloofwaardigheid van haar wél op getuigenissen gebaseerde stellingen ondermijnt. Dat deze biografie ondanks alle tegenwerking onmiddellijk naar de toppositie van diverse bestsellerlijsten snelde voegt ze er niet aan toe, dat wordt de interviewer geacht zelf te weten. En ze vindt een enorme genoegdoening in de recensie in de New York Times Book Review van de dag tevoren, waarin haar boek wordt geprezen, zij het met enige voorzichtigheid. Dit in tegenstelling tot de mening van toprecensente van de dagelijkse editie van diezelfde krant, Michiko Kakutani, die Kelley verwijt dat ze slechts zeven van de zevenhonderd pagina's besteedt aan George W.'s Irak-politiek.

,,De titel van het boek is nu eenmaal The Family Bush, en ik heb mijn best gedaan alles wat ik van het presidentschap van de jonge George vind in die laatste pagina's onder te brengen. Maar er zijn al zoveel boeken over zijn presidentschap verschenen, het ene nog kritischer dan het andere; ik voelde het als mijn plicht het langere perspectief aan te brengen, en ik denk oprecht dat je de huidige president beter begrijpt als je zijn afkomst begrijpt.''

Natuurlijk, vervolgt ze, ,,ben ik niet blij met dat imago van pulpbiografe, vuilnisschrijfster en ga maar door. Maar waar ik me meer zorgen over maak is de politieke motivatie van al deze mensen, vooral binnen de pers, wier instinctieve reactie is een kniebuiging naar de macht te maken. En dat tegenover een president die er geen geheim van maakt dat hij de pers minacht, ze hooguit als stenografen beschouwt. Kijk eens hoe hij de nieuwsvoorziening over de terugkeer van de doodskisten uit Irak weet te manipuleren en er nog mee wegkomt ook.''

VERDACHT

Ondertussen vindt ze steun bij erkende historici als Robert Dallek, die ook al liet weten dat het feit dat er nooit een bewering in haar boeken voor rectificatie in aanmerking kwam de critici tot nadenken zou moeten stemmen. Maar dan is Dallek ook weer een academicus die er rond voor uitkomt dat ,,George W. Bush de stomste man is die ooit in het Witte Huis heeft gezeten.'' En in brede kringen maakt dat zijn mening weer verdacht.

Vanaf het moment dat Kitty Kelley aankondigde een boek over de Bush-dynastie te schrijven, gingen onmiddellijk alle deuren voor haar dicht, archieven werden gesloten, vrienden en zakenrelaties werden onder druk gezet niet mee te werken. Toch slaagde ze erin veel feiten op te diepen die voor velen irrelevant mogen zijn, maar die gezien de instant-populariteit van het boek het lezende deel van het electoraat blijkbaar wel aanspreken. Toch ontkent Kelley dat het tijdstip van de publicatie van deze biografie, zes weken voor de verkiezingen, bedoeld is om de uitslag te beïnvloeden. ,,Misschien dat de uitgever dat belangrijk vond. Wat voor mij belangrijk is, is dat ik alles gecheckt heb op tijd en dat het boek wat mij betreft nu klaar was.'' Een stemadvies wil ze er niet expliciet aan verbinden, maar dat is voor de, niet eens zo nauwkeurige lezer ook niet langer nodig.

Al haar biografieën zijn tot nu toe ongeautoriseerd geweest, en alle hebben, ze zou haast zeggen derhalve, juist veel controverse opgeleverd. Zou ze niet voor de verandering eens een keer een geautoriseerde biografie willen schrijven?

,,Ik kan het me niet voorstellen. Het zou een enorme ingreep in mijn methode impliceren. Het zou wel een heel grote, en heel open persoonlijkheid moeten zijn!''

Kitty Kelley, De Familie Bush, Portret van de machtigste familie ter wereld,uitg. Sijthoff, 736 pag. €24,95