I ? the seventies

Tijden van RSV herleven. Polarisatie in de politiek, actiebereidheid onder de werknemers en nu volgen de reddingsoperaties in het bedrijfsleven.

Supermarktbedrijf Laurus (Edah, Super de Boer) zit opnieuw in moeilijkheden en gaat voor de tweede keer binnen twee jaar met de pet rond. Het geld is op, het vermogen weg. Het concern heeft 200 miljoen euro nodig, mede om de prijzenoorlog in de supermarkt vol te blijven houden. Casino, het Franse moederbedrijf, levert de helft. De andere helft moet van beleggers komen.

Bouwconcern Koop Groep krijgt ook hulp. Het bedrijf was door zijn buffers heen, mede door de terugslag die de bouwfraude geeft. Oud Philips-topman Cor Boonstra investeert samen met een aantal particuliere investeerders ruim 50 miljoen in de Groningse bouwgroep en verwerft daarmee 50,1 procent van de aandelen.

Het bouwbedrijf ontvangt nog meer steun, maar die komt uit wel heel onverwachte hoek: van de overheid. De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) – onderdeel van het ministerie van Economische Zaken – heeft na maandenlang overleg met de grond- weg en waterbouwsector een ,,versnelde sanctieprocedure'' voor de bedrijfstak ontwikkeld.

Grote verschil met het normale boeteregime is niet alleen dat boetes sneller kunnen worden afgehandeld, maar ook dat ze lager uitvallen. De sector heeft volgens de NMa ,,op grote schaal en structureel'' de mededingingswet overtreden met geheime prijsafspraken. Dat zou tot zulke hoge boetes leidden dat de hele bedrijfstak in gevaar zou komen.

Gevolg: de strafmaat wordt verlaagd. Het lijkt op een soort kwantumkorting, in die zin volgt het boetebeleid van de NMa nog de economische wetmatigheden, maar dat is ook meteen de enige wetmatigheid. Tegelijkertijd worden zwakke broeders die vals spelen gespaard om hun zwakheid.

In de bouwsector is de nood aan de man, dat is zeker. De wegenbouwers moeten nu ook nog eens winsten zien te maken zonder prijsafspraken. Dan vallen er ongetwijfeld slachtoffers. Ongezonde bedrijven vallen het eerst om, maar creëren daarmee ook ruimte voor de sterke innovatieve ondernemingen. Dat is de dynamiek van de economie die minister Brinkhorst van Economische Zaken zo graag ziet, op weg naar Lissabon, op weg naar een Europa dat de meest competitieve kenniseconomie ter wereld moet hebben.

Maar de NMa kiest niet voor een koude sanering, zij kiest voor indirecte staatssteun. Met instemming van Brinkhorst wordt concurrentiekracht ondergeschikt gemaakt aan het overleven van een (zieke) sector. Het lijkt verdraaid veel op ouderwets industriebeleid.