`Een referendum over het prepensioen is rampzalig'

Een oplossing voor het conflict tussen werkgevers, werknemers en het kabinet ligt binnen handbereik, denkt PvdA-senator Noten.

Voorzitter Han Noten van de PvdA-senaatsfractie kon het niet langer aanzien. Sinds op 18 mei het overleg tussen kabinet en sociale partners vastliep op het vut en prepensioen, zaten ,,de lijnen dicht'', zegt hij. ,,Zo erg heb ik het nog nooit eerder meegemaakt.'' Noten begon half augustus zelf eens rond te bellen met bekenden uit werkgevers- en werknemerskring. ,,Een sociaal akoord tussen werkgevers en werknemers ligt binnen handbereik'', zegt hij. Noten werkte tien jaar voor verschillende bonden, stapte toen over naar verzekeraar Centraal Beheer en was recentelijk personeelsdirecteur bij de NS. Noten: ,,Het zijn ook `mijn' arbeidsverhoudingen die naar de knoppen gaan.''

Waarom komt u nu met uw plannen naar buiten?

,,De tijd dringt. Als we langer doorgaan met niets doen, raken de verhoudingen voor langere tijd verstoord. Ik hoor nu al van werkgevers en werknemers dat ze maatregelen verzinnen om het kabinetsbeleid te omzeilen. Je kunt de polder niet aan en uit zetten. Als het echt fout loopt, is er geen weg meer terug. Dat is jammer want het hoofddoel, het ontmoedigen van eerder stoppen met werken, wordt breed gedeeld.''

Waar ligt volgens u de oplossing van het conflict?

,,Ik pleit voor een modern centraal akkoord. Kern daarvan is overeenstemming over de doelen op centraal niveau. Dat wil zeggen: harde afspraken over arbeidsparticipatie, over ziekteverzuim, jeugdwerkloosheid, instroom in de wao. Als stok achter de deur dreig je met wetgeving als die doelen niet gehaald worden.''

Maar om dat te bereiken, moet eerst het probleem van vut en prepensioen worden opgelost.

,,Precies, en dat is helemaal niet zo ingewikkeld als iedereen denkt. Het woord levensloopregeling is een beetje besmet geraakt, maar daar zit wel de oplossing. Ook hier geldt: je moet centraal afspreken dat werkgevers en werknemers die regeling decentraal materieel gaan invullen. Dus stop er een werkgeversbijdrage in, laat mensen er hun spaarloonregeling in storten, hun vrije dagen in parkeren, individuele stortingen doen, geef dat potje in een jaar of drie echt body. Met een goedgevulde levensloopregeling kunnen mensen dan extra sparen voor later, of met deeltijdpensioen, of een wat lagere baan accepteren en het inkomen aanvullen uit de levensloop, of met zorgverlof.

Uw eigen partij wil samen met de rest van de oppositie en de bonden een referendum houden om de kabinetsplannen voor vut- en prepensioen te blokkeren.

,,Als het zover komt, vind ik dat rampzalig. Dat verergert de situatie alleen maar. Stel je voor: straks winnen we dat referendum, dan valt het kabinet, wordt de PvdA de grootste partij en zitten we in september volgend jaar nog steeds met hetzelfde probleem.''

Heeft u steun van de mensen die u heeft gesproken?

,,Nee, niet in de vorm van handtekeningen, wel van intenties. Ik heb zo'n dertig mensen gesproken, bij bonden en werkgevers, van hoog tot laag. Ik denk dat ik zowat iedereen gehad heb. Dus hoef ik ook geen namen te noemen. Dat wil ik ook niet, want dat persoonlijke moet juist uit het conflict. En mijn stelling lijkt op die van Wijffels (voorzitter van de SER en genoemd als bemiddelaar in het conlict, red.): het kan best maar dan moet het wel echt anders.''

De bonden zeggen: wij hebben een vertrouwenscrisis met het kabinet.

,,Maar ik heb het ook niet over een akkoord met het kabinet maar tussen werkgevers en werknemers. De vertrouwenscrisis met het kabinet bemoeilijkt de situatie, zeker, maar ik wil laten zien dat als men bereid is die te overbruggen er tot een akkoord te komen is. Het kabinet moet bereid zijn over alles te praten. Er hoeft niet direct geld bij, maar ze moeten bijvoorbeeld zo'n uitgebreide levensloopregeling fiscaal willen stimuleren. De bonden zijn bang onderhandelingsposities op voorhand op te geven door met een akkoord te komen, maar het is wel nodig.''

Voorzitter Snoeij van de AbvaKabo vindt Notens plan te optimistisch.''. CNV-voorzitter D. Terpstra: ,,Ik sta er niet onsympathiek tegenover. Maar of het kabinet zegt: dat gaan we doen. Daar ben ik somber over.''