Angst voor de studiebeurstoerist

Nederland wil niet dat te veel studenten uit andere EU-lidstaten hier aanspraak maken op ruimhartige beurzen.

EEN UITSPRAAK VAN het Europese Hof kan komend voorjaar de studiefinanciering in heel Europa op zijn kop zetten. De Franse student Dany Bidar is naar het Europese Hof gestapt om voor elkaar te krijgen dat hij voor zijn studie in Engeland Engelse studiefinanciering krijgt. De kans dat Bidar de rechtszaak wint is vrij groot want in eerdere gelijksoortige zaken liet het Europese Hof de belangen van het Europees burgerschap voorgaan. Zo kunnen tijdelijke EU-werknemers studiefinanciering voor hun kinderen claimen in het land waar zij hebben gewerkt op basis van het gelijkheidsbeginsel en de vrijheid van verkeer.

De ouders van Dany Bidar hebben nooit in Engeland gewerkt, maar hij meent dat hij net zoveel recht heeft op studiefinanciering in Engeland als zijn Engelse medestudenten. West-Europese landen als Groot-Brittanië, Duitsland, Nederland en de Scandinavische landen wachten de uitspraak in zijn zaak met angst af. Die kan tot gevolg hebben dat een student uit pakweg Polen die in Nederland gaat studeren recht heeft op Nederlandse studiefinanciering en een aanvullende lening. Mochten zijn ouders weinig verdienen, en die kans is in Polen groot, dan kan de Poolse student ook aanspraak maken op een aanvullende beurs. Daar staat tegenover dat een Nederlandse student die in Polen gaat studeren ook recht heeft op Poolse studiefinanciering. Helaas kan in Polen alleen aanspraak worden gemaakt op een lening van ongeveer 100 euro per maand.

onwenselijk

De eerdere uitspraken van het Europese Hof hebben er al voor gezorgd dat het Nederlandse studenten onmogelijk is gemaakt om met studiefinanciering een bachelor of master-titel in het buitenland te halen. Als Nederland studenten naar het buitenland wil sturen met behoud van studiefinanciering zou dat betekenen dat kinderen van mensen die in Nederland gewerkt hebben op hun beurt hier aanspraak kunnen maken op Nederlandse studiefinanciering. Dat laatste is volgens het ministerie onwenselijk en daarom kunnen Nederlanders niet met behoud van studiefinanciering naar het buitenland. De afspraken die daarover in Bologna in 1999 zijn gemaakt zijn dus voorlopig een wassen neus.

Op een Europese onderwijsconferentie afgelopen week in Noordwijk kwam de problematiek aan de orde. ``We hebben niet een, twee, drie een oplossing'', zegt staatssecretaris Mark Rutte van hoger onderwijs. ``Ik ben al blij dat er tussen de landen onderling over wordt gepraat. Als we echt willen dat Nederlandse studenten mobiel worden dan zullen we hier iets aan moeten doen. We kunnen niet eeuwig de deur dichthouden uit angst voor een flinke aanspraak op ons studiefinancieringssysteem door studenten uit de Europese Unie.''

Uit onderzoek in 23 Europese landen door Hans Vossensteyn van CHEPS (Center for Higher Education Policy Studies) van de Universiteit Twente blijkt dat de risico's het grootst zijn voor Nederland, Duitsland, Engeland en de Scandinavische landen. Met name Scandinavië en Nederland hebben in vergelijking met andere Europese landen een ruimhartig beurzenstelsel dat in Nederland kan oplopen tot 500 euro per maand en in de Scandinavische landen zelfs nog hoger. Andere landen zoals België, Frankrijk en Zuid-Europese landen financieren de studenten door middel van kinderbijslag. Ter vergelijking: in landen als Hongarije krijgen studenten per jaar gemiddeld 300 euro van de overheid.

Toch mogen Scandinavische studenten wel naar het buitenland met behoud van studiefinanciering. Zweedse studenten krijgen zelfs een toeslag die per land verschilt. Sommige Scandinavische landen stellen wel een vestigingseis die varieert van een tot drie jaar in het land waar de studiefinanciering wordt aangevraagd. Maar ook dit is volgens Hans Vossensteyn waarschijnlijk niet houdbaar als dat aanhangig wordt gemaakt bij het Europese Hof. ``Daarom heeft Nederland van zo'n vestigingseis afgezien.''

voorzichtig

Koen Geven van de Landelijke Studenten Vakbond (LSVB) vindt dat Nederland veel te voorzichtig is en onterecht bang voor studiebeurzentoerisme. ``In Scandinavië zijn na de eerdere arresten van het Europese Hof ook geen hordes Oostblokstudenten aan komen kloppen voor studiefinanciering en heeft niemand de verblijfseis aangevochten.''

Een oplossing zal volgens insiders nog wel een jaar of tien op zich laten wachten. Tijdens de conferentie bleek het enthousiasme voor een Europees studiefinancieringssysteem niet groot. Hans Vossensteyn van CHEPS: ``Daarvoor zijn de onderlinge verschillen in de studiebeurzen en andere manier van studentenondersteuning veel te groot. Het wordt het heel moeilijk om daarover overeenstemming tussen de landen te krijgen.'' Ook staatssecretaris Mark Rutte van Onderwijs is daar niet over te spreken: ``Ik wil geen verandering in het Nederlandse beurzenstelsel om onder de Europese dreiging uit te komen. Het moet gewoon mogelijk worden dat Nederlandse studenten naar het buitenland kunnen met de studiefinanciering zoals die nu is.''

Marta Fereira, directeur-generaal Onderwijs en Cultuur van de Europese Unie en aanwezig in Noordwijk, kondigde het voornemen van een Europees Fonds voor complete bachelor- en mastertitels in Europa als tijdelijke oplossing aan. Europese studenten kunnen dan bij de Europese Unie een beurs aanvragen voor complete studie in het buitenland. Een stap in de goede richting volgens Rutte, maar de voorkeur van de meeste aanwezige landen op de conferentie gaat uit naar een meeneembare studiefinanciering vanuit het thuisland zonder restricties. Volgens de Noorse student Eivind Vad Petersson, bestuurslid van ESIB, de koepelorganisatie van Europese studentenorganisatie, is het meenemen van de beurs uit het thuisland voor Nederlanders en Scandinaviërs weliswaar interessant, maar niet voor veel andere EU-burgers. ``Voor studenten uit de voormalige Oostbloklanden is studeren in het buitenland met een studiebeurs van 300 euro per jaar natuurlijk een lachertje. Het zijn toch vooral de Westeuropese studenten die voor lange studies naar het buitenland gaan en die last hebben van dit probleem. We moeten uitkijken dat er geen tweedeling ontstaat in Europa: Met West-Europa als onneembaar kennisbastion voor studenten uit Oost en Zuid-Europa.''