Abu Ghraib als kunst

Vijf maanden nadat zij een schokgolf teweegbrachten in de samenleving, maken de foto's van de mishandeling van gevangenen in de Abu Ghraib-gevangenis in Irak onderdeel uit van een expositie in New York, meldt The New York Times. Waar de beelden aanvankelijk met grote regelmaat alleen werden vertoond op televisie en in dagbladen, fungeren ze nu als quasi-artistieke afbeeldingen, of als beelden die op zichzelf interessant zijn om naar te kijken.

In het Internationaal Centrum voor Fotografie in New York zijn op de tentoonstelling Inconvenient Evidence zeventien foto's opgenomen van de beruchte gevangenis, waarmee het publiek wordt herinnerd aan verband tussen fotografie en oorlogsvoering.

De gevangenisfoto's zijn rechtstreeks geprint van internet en met punaises op de muur geprikt. Zij vormen een contrast met de meer conventioneel gepresenteerde expositie van beroemde foto's uit Life Magazine. Zoals die Larry Burrow maakte in Vietnam. Tegenwoordig schieten soldaten hun eigen beelden.

Het gevaar van deze tentoonstelling met Abu Ghraib-foto's is volgens critici dat omgeving en inhoud los van elkaar komen te staan, waarmee de beelden verworden tot louter een kunstzinnige provocatie. Het morele dilemma doet denken aan de recent gepubliceerde foto's uit Duitse archieven waarin nazi's als oorlogsslachtoffers worden getoond of de expositie met foto's van het dodenkamp van de Khmer Rouge. Wat waren de motieven van de fotografen en hoe dachten ze over de mensen die hun verontrustende beelden zouden bekijken?