Tweede Kamer akkoord met toetsen grondwet

Het recht op bijstand, het nationaliteitsbeginsel en het recht op bescherming van persoonsgegevens worden uitgezonderd van de rechterlijke toetsing van wetten aan de grondwet. Dat heeft de Tweede Kamer gisteren besloten.

Alle partijen behalve het CDA stemden vóór het initiatiefwetsvoorstel van het Kamerlid Halsema (GroenLinks) om het verbod op constitutionele toetsing uit de grondwet te halen. Volgens het voorstel kunnen burgers in de toekomst elke Nederlandse rechter inschakelen wanneer zij menen dat wetten een aantasting betekenen voor in de grondwet verankerde rechten, zoals het verbod op discriminatie, de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van onderwijs. Zij kunnen de rechter vragen nieuwe wetten te toetsen, maar ook wetten die al langer bestaan.

Halsema verwierf gisteren de steun van de VVD door de uitzonderingen die de liberalen wensten, over te nemen. Daardoor kunnen burgers straks bijvoorbeeld niet via de rechter wetten aanvechten die zijn in strijd achten met het grondwettelijke recht op bijstand. Ook de SP, dat eerder gedreigd juist vanwege deze wijziging zijn steun in te trekken, stemde voor het wetsvoorstel.

Met haar aanpassingen hoopt Halsema ook voldoende steun te verwerven in de Eerste Kamer, waar CDA en VVD een meerderheid hebben. Omdat het een grondwetswijziging betreft, is na de volgende verkiezingen voor Tweede en Eerste Kamer nog een volgende stemronde nodig. Dan zijn meerderheden van twee derde in beide Kamers nodig.

Nederland is het enige land in de Europese Unie dat toetsing van nationale wetten aan de grondwet verbiedt. Nationale wetten mogen sinds 1953 wel worden getoetst aan internationale verdragen.