Te veel aandacht voor Amerika

NRC Handelsblad besteedt veel aandacht aan het buitenland. Welke selectie maakt de redactie daarbij en welk wereldbeeld komt daaruit naar voren?

Om mijn indrukken te toetsen heb ik twee weken lang, van 27 september tot 9 oktober, nagegaan wat de krant over buitenlandse onderwerpen schreef. Ik geef hier alleen de conclusies waarvan ik denk dat ze bij een iets andere steekproef gelijkluidend zouden zijn.

Het eerste wat opvalt is dat deze krant alles bij elkaar gemiddeld vier pagina's per dag inruimt voor internationaal nieuws. Dat is veel in vergelijking met andere kranten. Behalve op de twee vaste buitenlandpagina's vindt men internationale berichten, achtergrondverhalen en beschouwingen op de voorpagina, in het economiekatern, op de opiniepagina en in de weekendbijlagen.

Niet alleen het aantal artikelen, ook de variatie in onderwerpen is indrukwekkend. In de genoemde periode bracht de krant artikelen over tachtig verschillende landen, van Abchazië tot Zwitserland, en daarnaast artikelen over internationale organisaties als EU, VN, NAVO, Wereldbank en G7. De lezer wordt dus zeer breed voorgelicht.

Terwijl Abchazië, Birma of Mauretanië genoegen moesten nemen met een enkel eenkoloms berichtje, kwamen grote Europese landen als Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Spanje en Rusland verschillende malen aan bod in grotere artikelen. Ik vermoed wel dat de aandacht voor de ons omringende landen de laatste jaren relatief is afgenomen door het grotere aanbod uit de rest van de wereld.

Een steeds belangrijker factor is de Europese Unie. Als men alle stukken over de relatie met Turkije en andere kandidaten meerekent, werd bijna een pagina per dag aan de EU besteed. Het redactionele beleid om Europa tot speerpunt te verheffen, heeft dus vruchten afgeworpen.

Als we naar de rest van de wereld kijken, valt allereerst de relatief geringe aandacht op voor Zuid- en Oost-Azië, Latijns Amerika en Afrika. Daar zijn wel verklaringen voor, bijvoorbeeld dat de landen daar geopolitiek minder in de melk te brokkelen hebben. Maar waarschijnlijk heeft deze selectie ook te maken met het feit dat de grote nieuwsorganisaties (AP, Reuters, CNN, BBC) in westerse handen zijn.

Nu heeft NRC Handelsblad wel oog voor oorlogen in landen als Soedan, Congo of Colombia. Ook al is de dagelijkse nieuwsstroom geringer, geregeld verschijnen reportages en achtergrondverhalen. Maar binnen het geheel van de krant heeft dat toch minder impact dan de veel intensievere berichtgeving over de voortgaande oorlog in Irak of over de eindeloze strijd in de Gazastrook.

Iets soortgelijks doet zich voor in de economische berichtgeving. Er wordt wel geschreven over de snelle ontwikkeling van China, dat met 1,3 miljard inwoners en een vooralsnog gestage economische groei van om en nabij de 10 procent per jaar hard op weg is ook in politiek opzicht een der voornaamste wereldmachten te worden. Maar uiteindelijk wordt toch meer waarde gehecht aan het economisch nieuws uit Amerika, terwijl toch ook de Amerikaanse economie in toenemende mate afhankelijk is van de handelsrelatie met landen als China.

De VS alleen krijgen meer aandacht dan de miljarden wereldburgers in Afrika, Latijns Amerika en Zuid- en Oost-Azië bij elkaar. Dat is deels te verklaren uit de gedachte dat Amerika de onbetwiste supermacht is, en verder door de Amerikaanse bemoeienis met Irak en omliggende landen en de repercussies die dat weer heeft op de verkiezingsstrijd. Dat levert allemaal nieuws op dat in overvloed beschikbaar is. In het geheel der berichtgeving domineert zo de aandacht voor Amerika.

Het kan zijn dat dit vooral wordt veroorzaakt door eindeloze herhaling van steeds weer dezelfde thema's. Dan wordt er niet te weinig ruimte besteed aan Darfur of Tsjetsjenië, maar is gewoon de aandacht voor alles wat met Amerika te maken heeft buitenproportioneel, niet alleen in de berichtgeving, maar ook in de beschouwingen daaromheen. Hoe dat zij, het effect is dat de lezer de indruk krijgt dat het in de wereld vooral om Amerika draait. Natuurlijk is Amerika op dit moment de belangrijkste machtsfactor. En natuurlijk is de afloop van de oorlog in Irak van groot belang. Ook de Nederlandse betrokkenheid is een reden om dat intensief te volgen.

Maar misschien is er ook sprake van overschatting van de rol van Amerika, dat zich in dit conflict heeft vastgebeten en nu de indruk wekt dat het lot van de wereld afhangt van de strijd in Irak. In combinatie met alle aandacht voor de Amerikaanse verkiezingsstrijd is deze kwestie zo overheersend, dat andere conflicten in de wereld minder belangrijk lijken.

In zo'n situatie kan het nuttig zijn te letten op nieuwe trends die – vroeg of laat – tot een paradigmawisseling kunnen leiden, net zoals 15 jaar geleden, toen het concept van de Koude Oorlog toch nog onverwachts op de schroothoop ging. Zo'n nieuwe bijstelling van het wereldbeeld kan bijvoorbeeld nodig zijn als straks blijkt dat de economische macht en de politieke invloed van China, India en de rest van Zuid-Oost-Azië nog verder toeneemt.

Piet Hagen, oud-hoofdredacteur van `De Journalist', blikt eens in de veertien dagen kritisch terug op de berichtgeving in NRC Handelsblad. Alle eerdere bijdragen op www.nrc.nl/krantachteraf