`Havendirecteur handelde alleen'

Voormalig directeur W. Scholten van het Havenbedrijf Rotterdam is als enige verantwoordelijk voor het financiële schandaal dat de gemeente Rotterdam een strop van mogelijk 110 miljoen euro oplevert. Scholten handelde op eigen houtje toen hij defensiebedrijven van J. van den Nieuwenhuyzen de afgelopen twee jaar in het geheim garanties verstrekte ter waarde van 180 miljoen euro.

Dit staat in een vanmiddag gepresenteerd rapport van een onderzoekscommissie onder voorzitterschap van CDA-senator W. Lemstra. De commissie is ingesteld in opdracht van het Rotterdamse college. Ze bestond naast Lemstra uit ambtenaren van de gemeente.

Scholten heeft de afgelopen jaren tegen eigen medewerkers, gemeenteambtenaren en -bestuurders herhaaldelijk ontkend garanties aan RDM te hebben afgegeven. Dat deed hij ook nadat het ministerie van Defensie eind vorig jaar lucht had gekregen van de garanties. Om de garanties bij het bestuur en het publiek onbekend te houden, namen hij en Van den Nieuwenhuyzen zelfs een aparte passage op in een contract om zich te verplichten de garanties geheim te houden.

Twee weken terug concludeerde accountantskantoor PricewaterhouseCoopers, dat onderzoek deed in opdracht van de commissarissen van het Havenbedrijf, dat de intussen op non-actief gestelde Scholten voor 180 miljoen euro aan garanties had afgegeven voor bedrijven van Van den Nieuwenhuyzen. Van de leningen die het Havenbedrijf garandeerde heeft Van den Nieuwenhuyzen een kleine 110 miljoen gulden niet terugbetaald.

Lemstra wijst in zijn rapport op de spanning tussen de wens van de haven commerciëler te opereren en de behoefte van het bestuur om greep op het Havenbedrijf te houden. In deze belangenstrijd won de ruimte voor de haven steeds terrein: wanneer de bevoegheden van het Havenbedrijf werden overschreden, was de reactie vaak dat die werden verruimd.

,,De dynamiek in het Havenbedrijf als economische motor wordt door het bestuur en stad gewaardeerd; bij conflicten (...) wordt het daadkrachtig optreden van de directeur van het Havenbedrijf geapprecieerd'', aldus Lemstra in zijn rapport. [Vervolg HAVEN: pagina 15]

HAVEN

Rapport: alle blaam bij havendirecteur Scholten

[Vervolg van pagina 1] In die situatie hoefde het volgens Lemstra niet te verbazen dat de directeur ,,een steeds sterkere neiging ontstaat van het beeld dat hij ruimte heeft om zaken zelf te regelen in het belang van haven en stad''.

Lemstra stelt in zijn rapport over het RDM-schandaal ook dat mensen in de omgeving van Scholten de laatste jaren ,,steeds minder geneigd zijn tot correctie over te gaan''. Het Rotterdamse Havenbedrijf is sinds 1 januari 2004 van gemeentelijke dienst omgezet in een zelfstandige overheids-NV waarvan Rotterdam de aandelen heeft. De directe controle op het Havenbedrijf is daardoor van de gemeenteraad verschoven naar de wethouder havenzaken, W. van Sluis (Leefbaar Rotterdam), die op grond van zijn functie president-commissaris van het Havenbedrijf is.

Toch legt Lemstra in zijn rapport alle blaam bij Scholten, die ,,zijn bevoegdheden heeft overschreden, zijn verantwoordelijkheid te buiten is gegaan en dit in volle bewustzijn heeft gedaan''. Lemstra schrijft in dit verband: ,,De wezenlijke vraag aan de orde is eigenlijk de vraag naar vertrouwen''.

Lemstra: ,,Het college verruimt bevoegdheden maar doet dat in het vertrouwen geïnformeerd te worden bij politiek relevante beslissingen en een wethouder vertrouwt dat een directeur niet buiten de bevoegdheden treedt.'' Door dit `geschonden vertrouwen' is het Lemstra's ,,stellige overtuiging dat de vraag `hadden we dit kunnen voorkomen' met neen beantwoord moet worden''.

In dit verband haalt het onderzoek een `geheimhoudingsbepaling' over de bankgaranties aan tussen Scholten en het RDM-bedrijf van Joep van den Nieuwenhuyzen waarin staat dat ,,partijen het bestaan en de inhoud van deze overeenkomst niet ter kennis zullen brengen aan derden''.

In het rapport wordt aangenomen dat havenwethouder Van Sluis en zijn voorganger Van Dijk niets hebben geweten van de garantstellingen aan RDM. Eénmaal heeft Van Sluis voedsel gegeven aan de veronderstelling dat hij wist van de garanties en de achtergronden, maar dat had hij uit de krant.